Osendarp noemde zich de 'snelste blanke'

,,Hij werd 'De snelste blanke' genoemd. Derde werd hij op de 100 en 200 meter tijdens de Olympische Spelen van Berlijn (1936). De snelste blanke, en wat dan nog? Het zegt immers niets. Alsof de twee 'negers' voor hem niet bestonden of althans geen mensen waren. Net als Joden in die tijd in Duitsland geen burgers en korte tijd later geen mensen waren.''

Historicus Jan Knippenberg wijst er in een artikel (1995) over Nederlands meest succesvolle sprinter ooit, Martinus ('Tinus') Osendarp, op dat ook in de hedendaagse atletiek veel wordt gerefereerd aan krachtsverschillen tussen blank en zwart. Met name waar het over de loopnummers bij de mannen gaat.

Tijdens de Spelen van Berlijn had dit onderwerp met het opkomende fascisme echter een meer dan bittere smaak. Zeker waar het, zoals in de oorlogsjaren zou blijken, de figuur Osendarp betrof. Die in 1941 lid werd van de NSB en zich via een baan als rechercheur bij de Kriminalpolizei ontpopte als 'bekwaam' bestrijder van politieke tegenstanders van de Duitse bezetter. Waarbij hij het schieten op vluchten-de verzetsmensen niet schuwde.

Net als zijn landgenoot Chris Berger (Europees kampioen 100 en 200 meter in 1934) was Osendarp een voetballer die door zijn snelheid op de atletiekbaan terechtkwam. Als zeventienjarige werd hij tijdens de voor Berger zo succesvolle EK in Turijn vijfde en derde, om zijn rivaal een jaar later al definitief voorbij te streven. Van '35 tot '44 werd Osendarp zeven maal nationaal kampioen op de 100 meter en achtmaal op de tweehonderd meter.

In 1938 werd de op 21 mei 1916 in Delft geboren sporter op die afstanden Europees kampioen, maar een nationale ster werd hij al twee jaar eerder. Tijdens die beladen Nazi-Spelen, waar Jesse Owens met vier gouden medailles spotte met de door Hitler geschapen mythe van de Arische superioriteit. Uiteraard was ook Osendarp kansloos tegen deze zachtaardige ster uit Cleveland, maar met twee bronzen medailles koesterde hij de in Duitsland en Nederland zo benadrukte eretitel 'snelste blanke van de wereld'.

Osendarp genoot van zijn heldenontvangst in zijn woonplaats Den Haag, nadat hij door zijn werkgever KLM met een speciaal vliegtuig uit Berlijn was overgevlogen. Maar net zo makkelijk keerde hij zich later tegen de mensen die hem hadden bewonderd, door zich willens en wetens te laten misbruiken voor Nazi-propaganda.

Veel Nederlandse sportofficials waren voor de Spelen van Berlijn blind voor de ontwikkelingen in Duitsland. Binnen de atletiekunie was dat niet anders. Zo werd het oud-wereldrecordhoudster 100 meter Tollien Schuurman en voormalig Europees kampioen hink-stap-springen Wim Peters bijzonder kwalijk genomen dat zij de uitnodiging voor de olympische ploeg uit protest naast zich neerlegden.

Tijdens de bezetting kende de atletiekunie 'slechts sportmenschen, die vrienden zijn van elkaar en voor elkaar'. En had zij onder leiding van voorzitter Van der Werff 'respect voor elke politieke richting, eerbied voor elk geloof.' Ter verdediging van de als 'oerdom' gekenschetste Osendarp is daarom wel aangevoerd dat hem geen andere kijk op de zaak werd geboden. Met een vader die al voor de oorlog NSB'er was. En een trainer als Jan Blankers (jawel, de echtgenoot van Fanny Koen), die hem geen strobreed in de weg legde, gezien het feit dat hij Osendarp tot '44 bleef begeleiden. Aan de andere kant werd Osendarp door het publiek uitgefloten. Althans in eigen land.

De sprinter bleef in de bezettingsjaren succesvol, met name tijdens propaganda-wedstrijden voor het Derde Rijk. Ook was hij een regelmatig gast bij massabijeenkomsten. Nog kwalijker was zijn actieve rol. In '44 was hij in Praag deelnemer aan de Lehrgang für Lebenserziehung om terug in Nederland te gaan werken in het sportleidersinstituut van de Hitlerjugend. In oktober van dat jaar trad hij toe tot het 'commando Leemhuis', het gevreesde Einsatzcommando van de SD. Zijn taken betroffen opsporing en bestrijding, arresteren en verhoren van politieke tegenstanders en illegale werkers.

De gevallen ster wordt na de oorlog 26 arrestaties ten laste gelegd. Tien van de arrestanten haalden de bevrijding niet. Na drie jaar voorarrest wordt Osendarp in 1948 door het Bijzonder Gerechtshof in Den Haag veroordeeld tot twaalf jaar gevangenisstraf. Nadat hij een jaar eerder bij een verzoek tot invrijheidsstelling erkende 'ten volle fout geweest te zijn, maar ook in vele opzichten te goeder trouw'. Osendarp koos voor de mogelijkheid in de mijnen te gaan werken. Hij bleef ook na zijn invrijheidstelling in 1952 als houwer in de Emma actief.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden