Orkney, kerkhof van walvissen

'Like sleeping whales that bask in the waters to the north of Scotland.' De vorig jaar overleden schrijver en dichter George Mackay Brown, die nooit zijn geliefde Orkney verliet en amper zijn woonplaats Stromness, vergeleek de vrijwel boomloze, lage eilanden met slapende walvissen.

Hoe waar is dit, ook in een ander opzicht. Vanaf de hoge klifkusten van Orkney kun je met wat geluk de echte walvissen voorbij zien zwemmen. Er zijn tot nu toe achttien soorten waargenomen in de wateren om de eilanden. Opwaartse stromingen vlak bij de zuid- en de westkust van Orkney, aan de rand van het continentale plat, veroorzaken in nazomer en herfst een grote opbloei van plankton. Dat lokt baleinwalvissen aan, die vlak langs de eilanden naar het zuiden trekken. Noordse en blauwe vinvissen zijn in deze eeuw vrijwel niet meer voor de Orcadische kust waargenomen, maar af en toe verschijnen in de herfst wel gewone en dwergvinvissen op plaatsen waar opwaartse stromingen zijn. Bruinvissen laten zich het meest zien. Ze komen dicht bij de kust. In zomer en herfst kun je troepen van vijf tot twintig witsnuitdolfijnen zien buitelen in het snelstromende water van de Weal Race tussen Eynhallow en Rousay. Orca's komen bijna elk jaar in troepjes van drie tot zes. Ze hangen gewoonlijk tussen juli en september rond voor de kust van Westray, Rousay, Eynhallow en Mainland en de wateren daartussen, waar ze jagen op jonge en dus onervaren grijze zeehonden. Ook potvissen zijn niet ongewoon. Doorgaans zijn dat mannetjes, omdat de vrouwtjes met hun kalfjes in tropische wateren blijven.

SLACHTINGEN

Het gewoonst is de griend, een vier tot acht meter lange zwarte tandwalvis met sterk gezwollen voorhoofd en een kleine vin voor het midden van de rug. Dit dier is het hele jaar door te zien, maar verschijnt het meest tussen november en januari. Soms stranden flinke kudden op de weinige lage kusten, die Orkney telt. Tot in de vorige eeuw was dat een buitenkansje voor de eilanders, die de walvissen afslachtten en van hun speklaag ontdeden om die tot olie om te smelten. De rest lieten ze wegrotten op het strand.

Grote, wit gebleekte wervels hangen aan de prikkeldraadheining achter de school van het eiland Rousay. Conciërge Ann Chapman: “Er waren vorige herfst grienden gestrand in de baai tussen The Knee en Faraclett Head. Een paar maar, lang niet zo veel als vroeger. Ze konden worden gered, op een enkele na. Daar zijn die wervels van.”

Ik ken dat stuk kust. Het bestaat uit platte rotsplaten, wijd open naar de Westray Firth en aan weerszijden geflankeerd door hoge kliffen. Nog zo'n walvissenval is de Sourin Bay, waar naast het huis van Joseph en Chrissy Hewes de Suzo Burn in zee stroomt. “Hier werden omstreek 1860 zestig grienden gedood en voor 260 pond verkocht”, vertelt Joseph. “Dat was niet eens zo'n grote buit, want er zijn in Shetland wel scholen van meer dan vijfhonderd grienden in de pan gehakt.”

ALS MAKKE SCHAPEN

In Orkney en Shetland werd actief jacht gemaakt op grienden. Wanneer ze in een baai voor een lage kust waren gezwommen, werden alle boten te water gelaten en wie zich maar kon weren, ging gewapend met een 'wapen' -van riek tot braadspit- de walvissen te lijf. Ze werden omsingeld en vervolgens als makke schapen naar ondiep water gedreven, waar iedereen er in het wilde weg op los hakte.

“De staarten van de gewonde walvissen geselden de zee, die rood zag van het bloed, en sloegen soms een boot aan stukken. De walvissen uitten stervend schrille en klaaglijke kreten, vergezeld van luid gesnuif en een brommend geluid dat van een afstand gemakkelijk gehouden zou kunnen worden voor fluiten en trommels”, schreef een ooggetuige midden vorige eeuw.

De walvisjacht bracht opwinding in het saai voortkabbelende bestaan van de eilandbewoners en de walvisolie betekende een welkome aanvulling van hun inkomsten. Hoe belust men op de walvissen was, blijkt uit het volgende overgeleverde verhaal. Een boer op Westray, wiens vrouw zojuist overleden was, zou net een doodskist gaan maken, toen de mied kwam dat er walvissen in de baai waren. Hij vertrok onmiddellijk naar de baai, zijn twee knechten achterlatend om de kist te maken, want dat scheelde in de verdeling van de opbrengst. De landheer, die op de verdeling toezag, was nogal verbaasd hem te zien. De boer antwoordde: “Op één dag zowel vrouw als walvissen verliezen? Nee meneer, dat kan ik me niet veroorloven.”

DE PREHISTORIE

De walvisjacht op de eilanden kent een lange traditie. In de neolithische nederzetting Skara Brae op het grote eiland Mainland zijn walvisbeenderen gevonden, die bewijzen dat walvissen al 5000 jaar geleden werden gebruikt: hun botten als bouwmateriaal en keukengerei, hun vlees wellicht ook voor consumptie.

Achter Ann Chapman's witte huisje ligt een onderkaakhelft van een potvis van bijna drie meter. “Van een gestrande potvis, die deze winter bij Midhowe werd gevonden, verstrengeld in de lange zeewieren. De tanden waren er al uit gevallen. George Moore heeft er nog een paar.”

Op mijn vraag wat ze met de kaak gaat doen, antwoordt ze dat die voor George's verjaardag is. “Hij heeft een hele verzameling schedels. Die moet je eens gaan bekijken.”

Walvissen waarnemen vanaf de kust is niet moeilijk, ze juist identificeren wel. Meestal zie je maar een paar seconden een rugvin boven water. Het is dan haast niet vast te stellen, of die vin voor, op of achter het midden van de rug zit en dat kan de doorslag geven voor de herkenning. De 'blow', de uitgeblazen dampwolk, is ook zo'n kenmerk, typisch voor sommige soorten, maar de vorm kan verwaaien bij sterke wind.

George Moore herkent walvissen feilloos. Op de lange winteravonden snijdt hij uit walvisbeen kammen die sterk lijken op de traditionele kammen van de Maori van Nieuw-Zeeland. Hij maakt ingewikkeld vlechtwerk in reliëf op het handvat en polijst de kammen vervolgens glanzend wit.

George is bezig in de groententuin, met uitzicht op het nabije eiland Wyre. Van over de Rousay Sound klinkt van tijd tot tijd het loeiende blaffen van grijze zeehonden. Met zijn vrouw Joyce woont hij in een huisje, waar nog nauwelijks ruimte is voor de potviskaak. George is blij met de gave schedel van een roodkeelduiker, die ik net heb gevonden tussen het roze bloeiende Engels gras in de Sourin Bay. Hij wijst op zijn laatste aanwinst: de schedel van een grijze zeehond met een angstaanjagend roofdierengebit.

Natuur deze week

Penningkruid vind je aan de waterkant, waar het net in bloei is gekomen. Het is een kruipend plantje tussen riet en andere oeverplanten, met ronde blaadjes (vandaar de naam) en grote gele vijfpuntige sterbloemen. -Bitterzoet groeit ook aan waterkanten, maar even vaak op natte plekken in de duinen en in knotwilgen. Dit klimmende familielid van aardappel en tomaat heeft paarse bloemen met een gele meeldradenkegel. - Op de volop bloeiende akkerdistels wemelt het op zonnige dagen van de insecten. De eerste kleine vossen van de zomergeneratie mengen zich tussen de vele bijen, hommels, wespen, zweefvliegen en kevers, die allemaal van de ondiep liggende nectar en het overvloedige stuifmeel komen genieten. - Rupsen van verschillende soorten spinselmotten vreten vogelkersen en meidoorns kaal en laten grijze webben achter. De schade is maar beperkt, want de struiken herstellen zich over een paar weken snel. - Wie heeft wel eens een julikever gezien? Die vraag heb ik al eerder gesteld, maar op die oproep kwamen bedroevend weinig waarnemingen binnen. Ik vermoed dat de kever zeldzamer is dan vroeger en wil er graag over schrijven als er genoeg gegevens binnenkomen. Daarom opnieuw: wie zag in de laatste tien jaren een kever van ruim drie centimeter, van het model van de meikever, maar met bruine en witte marmertekening op de dekschilden? Er is ook een zwarte vorm, die vooral voorkomt in de duinen. De mannetjes hebben grote sprietknoppen als de bladzijden van een boek, de vrouwtjes meer normale sprieten. De julikever is een nachtdier, dat vooral op warme juli- en augustusavonden vliegt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden