Oranje aderzwam groeit liefst op dode eiken

De oranje aderzwam groeit korstvormig en doordat verscheidene plakkaten aan elkaar groeien, kan hij gemakkelijk dertig centimeter breed worden. Hij is dof purper- of vleeskleurig, meestal oranjegeel tot oranjerood. De bovenkant is sterk geaderd en vaak onregelmatig straalsgewijs geplooid. Dikwijls hebben de plakkaten vrije randen, vaak met iets paarsige tint.

De aderzwam is op de stammen van dode bomen vaak dikker dan op de takken. Hij zit vaak op dood hout dat nog aan de boom zit. Dikke takken bijvoorbeeld. Hij haalt voedingsstoffen uit het dode hout en komt hoofdzakelijk voor op loofhout, heel zelden op naaldhout. Je vindt de oranje gaatjeszwam in loof- en gemengde bossen op allerlei bodems en met name op eiken.

Er zijn nog veel diertjes actief tussen afgevallen blad: regenwormen en pissebedden eten er van het natte afgestorven loof, evenals allerlei minuscule huisjesslakken. Duizendpoten, miljoenpoten en kortpotige hooiwagens verschuilen zich ertussen. De houtsnip is broedvogel in de zandstreken. Sommige blijven in ons land, maar de meeste trekken naar het zuiden, vooral naar de Atlantische kusten van Frankrijk. De blijvers krijgen hier versterking van overwinteraars uit Scandinavië. Houtsnippen zijn nachtvogels die overdag rusten tussen het dorre blad in bossen en grote parken. Bij vorst trekken veel houtsnippen alsnog in zuidelijke richting weg. Bij vissershavens verblijven nu veel zeevogels die ’s zomers ontbreken, zoals zeekoeten, zee-eenden, duikers, drieteenmeeuwen. Er zijn ook futen, die liever op het zoute dan zoete water overwinteren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden