Opnieuw een Bonder aan top van PKN

Dé kandidaat om Bas Plaisier op te volgens als voorman van de Protestantse Kerk draagt dezelfde achternaam en is van dezelfde signatuur. Betrokkenen typeren hem als open en orthodox tegelijk. Zij zien voor de nieuwe scriba een taak in de oecumene. Als katholieken tenminste mee willen doen.

De overeenkomsten zijn opmerkelijk: dezelfde achternaam, dezelfde opleiding, een vergelijkbare carrière. De sollicitatiecommissie die moest zoeken naar een nieuwe scriba voor de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) is erin geslaagd een kandidaat te vinden die in véél opzichten lijkt op de vertrekkende Bas Plaisier: dominee Arjan Plaisier (51, geen familie) uit Amersfoort. Volgende week wordt hij voorgedragen aan de Generale Synode, die over zijn voordracht zal stemmen.

Net als Plaisier I studeerde Plaisier II theologie aan de Universiteit Utrecht, waar van oudsher orthodox-hervormde dominees worden afgeleverd. Net als zijn naamgenoot werd hij na zijn afstuderen zendingspredikant in Indonesië, waar hij doceerde aan een theologische hogeschool. In 1993 werd hij predikant in Leersum. Drie jaar later promoveerde hij op een kritische vergelijking tussen de filosofen Pascal en Nietzsche.

Plaisier is afkomstig uit de orthodoxe Gereformeerde Bond, maar volgens degenen die hem als theoloog kennen ’opgeschoven naar het midden’. Sinds 2003 is Plaisier predikant van de hervormde wijkgemeente De Brug in Amersfoort. Die wekt de indruk een tamelijk ’doorsnee’ protestantse gemeente te zijn: nu nog hervormd maar druk doende met andere gemeenten in de stad te fuseren tot PKN, een beetje aan de behoudende kant, een tikkeltje evangelicaal. Er wordt een alphacursus aangeboden voor introductie in het christelijk geloof, en in de zondagse eredienst is er ruimte voor een kinderlied uit de Evangelische Liedbundel.

’De wijkgemeente wil een brug zijn tussen mensen’, vermeldt de website van de kerk. ’Tussen jongeren en ouderen, tussen liefhebbers van het Liedboek en minnaars van het opwekkingslied, tussen oecumenischen en evangelischen. Wij zien geen tegenstelling tussen een gebedsgroep en een werkgroep voor vrede, gerechtigheid en milieubehoud, tussen evangelisatie en maatschappelijke verantwoordelijkheid.’

Plaisier werd naar verluidt bij de sollicitatiecommissie voorgedragen door een groep Gereformeerde Bonders, onder wie enkele hoogleraren. Vervolgens werd hij uitgenodigd een sollicitatiebrief te schrijven.

Volgens Piet Vergunst, algemeen secretaris van de Gereformeerde Bond, is het evenwel een misvatting te denken dat het bestuur van de Bond Plaisier heeft voorgedragen. „Dat is een zaak van individuen, die voor een deel tot de Gereformeerde Bond behoren. Verder is het niet ongewoon om voor zo’n functie door anderen voorgedragen te worden. Zelf solliciteren is wat pretentieus.”

Vergunst typeert Plaisier als „een orthodox theoloog, die staat voor het belijden van de kerk, maar tegelijk een open oog heeft voor deze tijd.”

Die openheid voor de cultuur spreekt Jan Offringa van predikantenbeweging Op Goed Gerucht aan. „Van iemand die Nietzsche bestudeerd heeft, mag je niet alleen een goede cultuurkritiek verwachten, maar ook gezonde zelfkritiek op allerlei christendommelijkheid in de kerk”, zegt hij. „We hopen op een solidaire collega met wie het goed samenwerken is.”

Maar Offringa plaatst wel vraagtekens bij de gevolgde procedure. De voordracht van Plaisier kwam toen de termijn al gesloten was, en de commissie met nog twee van de ongeveer twintig kandidaten in gesprek was. Een van hen is Henri Veldhuis, predikant in Culemborg. Op zijn weblog schrijft hij dat hij medio februari ’na een goed assessment’ bij de laatste twee sollicitanten zat. „Totdat de procedure met mij in de eerste week van maart nogal onverhoeds werd beëindigd.”

Volgens Offringa is een van zijn Op Goed Gerucht-collega’s ook ver gekomen met diens sollicitatie. „Maar wij hebben de indruk dat hij vanwege zijn theologische ’ligging’ niet echt een kans heeft gekregen. En ook de gang van zaken rond collega Veldhuis stelt ons niet gerust.”

Veldhuis schrijft ogenschijnlijk laconiek: „Deze voortijdige bekendmaking heeft misschien één voordeel: dat de synode op 10 april beter in staat is om een inhoudelijke discussie te voeren over de toekomstige koers van de kerk.”

Die koers is voor Jan Offringa wel duidelijk: „De PKN lijkt niet bereid het verstoorde evenwicht in haar bestuur te herstellen door voor iemand uit het moderne midden te kiezen. De laatste jaren hebben, op een enkele uitzondering na, bonders en confessionelen aan het roer gestaan. Tactisch gezien was dat zinvol, om de rechtervleugel tegemoet te komen in het fusieproces. Maar het heeft in den lande tot grote vervreemding geleid. Veel protestanten herkennen zich nauwelijks in de traditionele koers van de kerk. Vanouds gereformeerden en lutheranen vragen zich af waar ze landelijk nog iets terugzien van hun open, moderne kerkgemeenschap. De sollicitatiecommissie had daar blijkbaar geen boodschap aan. Ze volgt de rechts-orthodoxe lobby die zich ook nu weer sterk gemanifesteerd heeft. Als dit zo doorgaat, zal het conflictmodel de PKN steeds sterker domineren en gaan we onrustige tijden tegemoet.”

Die zorg deelt Corrie Jacobs van de Vereniging van Vrijzinnige Protestanten. „Wij hebben nog niet veel enthousiasme kunnen opbrengen voor de voorgestelde kandidaat”, zegt ze. „Wéér een opgeschoven Bonder. Dat vinden wij teveel van hetzelfde. Wij vinden het zorgelijk dat de angstvalligheid wordt voortgezet. Men wil de rechterflank behagen. De wens is natuurlijk dat de hersteld hervormden ooit terugkeren, en de vrijage met evangelicalen moet ook doorgaan. Maar pluriformiteit is een illusie, dat blijkt wel.”

Bart Wallet, hoofdredacteur van het orthodox-protestantse tijdschrift Wapenveld, noemt het juist ’een heel verstandige keus’ om Arjan Plaisier voor te dragen. „Hij is ongeveer de huistheoloog van ons blad. Hij is een theologisch zwaargewicht, bepaald geen provinciaals denker. Hij kan het profiel van de PKN, die toch nog op zoek is naar haar identiteit, versterken.”

Voor de nieuwe scriba liggen er een aantal belangrijke taken, denkt Piet Vergunst van de Gereformeerde Bond. „Bijvoorbeeld hoe je in een tijd waarin de kerk krimpt het geloof toch kunt uitdragen, en overdragen aan een volgende generatie.”

Op oecumenisch gebied ziet Vergunst dat de PKN contact zoekt met de kleine protestantse kerken. „Daar ben ik dankbaar voor. En ik hoop dat de scriba in het contact met rooms-katholieken benoemt waar het in de Reformatie om gaat. Dat wij de boodschap de boodschap van genade door Christus samen uitdragen.”

Volgens Bart Wallet heeft Arjan Plaisier daar de ’bagage’ voor. „Hij is een klassiek theoloog. Vanuit zijn studie kent hij ook de Romana goed.”

Jan Offringa hoopt dat het oecumenisch gesprek zich zal richten op remonstranten en doopsgezinden. „Als ik de laatste tijd weer hoor hoe katholieken over protestanten spreken, lijkt me niet dat bij hen veel te halen valt.”

De huidige PKN-scriba Bas Plaisier heeft zich voorgenomen om geen uitspraken over zijn opvolger te doen, liet hij de afgelopen dagen weten. „Ik vertrouw erop dat de sollicitatiecommissie een goede kandidaat voordraagt.”

Verder wil Plaisier, zelf toch een man van oecumene, pas zaterdag ingaan op de uitspraken van pater Eduard Kimman, die Trouw vorige week publiceerde. Hij noemde protestanten een actiegroep die vergeten is zichzelf op te heffen. Na enig aandringen door journalisten zei de scriba deze week: „Over sommige zaken verbaas ik mij wel eens.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden