Opgewekte komedies vol gif

Even was hij blij toen de Spaanse Burgeroorlog uitbrak. Die vreugde sloeg echter snel om. Als filmmaker wist hij daarna op subtiele wijze Franco te bekritiseren – en hij deed dat van binnenuit.

Zijn grote doorbraak beleefde hij zeven jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog, met een komedie die geheel paste in de geest van de tijd. Filmer Luis Berlanga situeerde zijn ’Bienvenido, Mr. Marshall!’, beter bekend als ’Welcome, Mr. Marshall!’, daartoe in het noordelijk gelegen Spaanse dorpje Villar del Rio, waar de bewoners zich voorbereiden op de komst van de Amerikanen die met het Marshallplan substantiële financiële steun hebben beloofd aan Europese landen getroffen door de oorlog. Ze hopen rijk te worden, maar het wachten is vergeefs. De limousines stoppen niet in het dorp: Spanje was onder generaal Francisco Franco formeel neutraal gebleven in de oorlog, en kwam daarom niet voor Marshallhulp in aanmerking.

Op het filmfestival van Cannes werd Berlanga’s komedie goed ontvangen. Het was een van de weinige Spaanse films uit de Franco-tijd die zich op satirische toon inliet met de politiek, en die opdook in het internationale circuit. Een kleine controverse ontstond wel toen juryvoorzitter Jean Cocteau de film wilde bekronen. Dat was tegen het zere been van een ander jurylid, de Amerikaanse acteur Edward G. Robinson, die de film anti-Amerikaans vond, en zijn veto uitsprak.

Berlanga werd in 1921 geboren, in een welvarende familie van landeigenaren in Valencia aan de Middellandse Zee. Zijn vader was een afgevaardigde voor het linkse Volksfront in het Spaanse parlement en gouverneur van Valencia. Ook zijn grootvader was politicus.

Hij was vijftien jaar toen in 1936 de Spaanse Burgeroorlog uitbrak. Dat verheugde hem de eerste dagen zeer. „Het was feest, we hoefden niet naar school”, zo herinnerde Berlanga zich.

Maar al snel sloeg de sfeer om. Berlanga werd opgeroepen om mee te vechten in de oorlog. Hij was zeventien jaar en werd ingezet bij de Slag om Teruel. Dat drie maanden durende gevecht in de winter van 1937 op 1938 was een van de bloedigste van de Spaanse Burgeroorlog, waarbij de stad dan weer in handen van de Republikeinen was en dan weer in handen van Franco’s Nationalisten. Er vielen honderdduizend doden.

Toen de burgeroorlog in 1939 eindigde en Franco zijn fascistische dictatuur vestigde, werd Berlanga’s republikeinsgezinde vader gevangen gezet. Niet lang daarna meldde zoon Luis zich bij de Blauwe Divisie, een Spaanse eenheid van vrijwilligers die in de Tweede Wereldoorlog aan de zijde van de Duitsers meevocht in Rusland. Berlanga zei in interviews hiertoe aangemoedigd te zijn door familie – om zijn gevangen genomen vader te helpen, en hem te behoeden voor de doodstraf. Van een executie kwam het uiteindelijk niet, maar vader Berlanga zat nog wel tien jaar vast, om een half jaar na zijn vrijlating te overlijden.

De subversieve komedies die Berlanga vanaf de jaren vijftig maakte, en die wel worden vergeleken met de aanstekelijke Ealing-komedies die Engeland indertijd produceerde, zijn terug te voeren op zijn ervaringen in zowel de Spaanse Burgeroorlog als de Tweede Wereldoorlog. Ze waren vooral ook een reactie op het soort films dat door het Francoregime werd gestimuleerd: zoetsappige musicals en melodrama’s en tandeloze komedies.

Samen met Luis Buñuel en Juan Antonio Bardem (een oom van acteur Javier Bardem) ontwikkelde Berlanga zich uiteindelijk tot een pionier van de moderne cinema in Spanje. Zo hielp hij samen met Bardem bij de oprichting van de filmproductiemaatschappijen Altamira en Uninci. De laatste was onder meer verantwoordelijk voor de productie van ’Viridiana’, de eerste film die de tijdens de burgeroorlog via Hollywood naar Mexico gevluchte Buñuel weer op Spaanse bodem maakte. Buñuel won er in 1961 in Cannes de Gouden Palm mee, maar de film zelf werd in Spanje, vanwege het scandaleuze verhaal van een jonge non, tot aan Franco’s dood in 1975 verboden.

Zelf maakte Berlanga in 1961 ’Plácido’, een kerstfilm die hem een Oscarnominatie opleverde, en die wel beschouwd wordt als de Spaanse equivalent van de Amerikaanse ’kerstfilm’ It’s a Wonderful Life’. Berlanga vertelde in zijn film over een Spaans stadje waar rijke families worden aangespoord om een arme sloeber uit te nodigen voor de kerstmaaltijd.

Een andere komedie die hem de nodige roem bracht, was ’El Verdugo’ (1963) waarin een werkzoekende jongeman in navolging van zijn schoonvader staatsbeul wordt. De film veroorzaakte internationale ophef toen Spanje probeerde om vertoning van de film in Venetië tegen te houden. Franco zou overigens zelf aan die controverse hebben bijgedragen door te verklaren: „Berlanga is geen communist, hij is erger dan een communist, hij is een slechte Spanjaard.”

Berlanga had in de Francojaren geregeld te maken met de censuur, maar hij vertikte het om Spanje voor langere tijd te verlaten. Daardoor hield hij – zo goed en zo kwaad als het kon – wel iets van een filmcultuur in zijn land overeind. Een makkelijk etiket is echter niet op zijn oeuvre te plakken. Hij maakte opgewekte komedies die populair waren bij het publiek, maar die voor de goede verstaander ook altijd vol gif zaten, en sterke sociale en politieke satire bevatten.

Na Franco’s dood werd Berlanga hoofd van het nationale filmarchief, de Filmoteca Nacional. Er brak een periode aan van vele onderscheidingen.

In 1999 maakte hij de speelfilm ’París-Timbuctú’, met in de hoofdrol Michel Piccoli, die in de jaren zeventig gevierd huisacteur was geweest van Buñuel. Daarin reflecteerde Berlanga opnieuw op satirische wijze op de macht. Dit keer ging het daarbij niet om de dictatuur en censuur onder Franco, maar om de corruptieschandalen rond Felipe González die van 1974 tot 1997 secretaris-generaal was geweest van de Partido Socialista Obrero Español, de Spaanse Socialistische Arbeiderspartij, en van 1982 tot 1996 premier van Spanje.

Het werd zijn zwanenzang. Berlanga ging in 2000 met pensioen en werd gediagnosticeerd met alzheimer. Zelden verscheen hij nog in het openbaar. De laatste keer was in mei toen hij, gezeten in een rolstoel en nauwelijks nog in staat te praten, een naar hem genoemde bioscoop in Madrid opende.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden