Opgeprikte trend

Een dode vlinder aan de muur, ingelijst en al. Steeds meer woonwinkels bieden deze tropische exemplaren aan. 'Nu kunnen we ze wel honderd jaar behouden als decoratie.'

Afbeeldingen van insecten zijn al een tijd een trend in het interieur. Een rijtje mieren dat over je kussen loopt, posters van libellen, stolpen met een kever erop en prachtige gekleurde vlinders in lijstjes. Maar de vlinders, die zijn echt.

Al voor een schamele dertig euro kun je een mooie opgezette tropische vlinder kopen, ínclusief een houten lijstje. Bijvoorbeeld de Morpho Didius. Ook wel de Giant Blue Morpho genoemd. Een prachtige grote vlinder, hardblauw van kleur. Met zachte donshaartje aan de binnenkant van de egale vleugels, waar donkere aderen doorheen lopen. Als je niet beter zou weten, zou ze van zijde kunnen zijn.

De tropische vlinders die in Nederland worden opgezet, zijn niet in het wild gevangen. Ze worden speciaal gekweekt op zogenaamde vlinderboerderijen in landen als Maleisië, Thailand en Peru. Van de gekweekte populatie wordt een deel gebruikt om op te zetten en een deel om uit te zetten in de natuur.

"We zijn geen voorstanders van het aanbieden van opgezette vlinders" zegt woordvoerder van de Vlinderstichting Kars Veling. "We willen niet stimuleren dat vlinders worden opgeprikt. In Nederland niet, maar ook niet in het buitenland. Toch hebben wij liever dat ze speciaal worden gekweekt, dan dat ze uit de natuur worden geplukt. Hoewel dat voor het dier zelf net zo zielig is, heeft het dan geen effect op de populatie van een soort. Het feit blijft natuurlijk dat de vlinders worden gedood om niks."

Is het verantwoord om een vlinder te kweken en op te zetten, puur voor decoratie? Volgens Nicolette Naphausen, mede-eigenaar van museumwinkel.com, wel. "We hebben een missie. In delen van Thailand gaat het opzetten van vlinders ten koste van de natuur. Wij willen het juist op een verantwoorde manier doen. De vlinders die wij gebruiken worden speciaal gekweekt. Om op te zetten, maar ook om in het wild weer uit te zetten voor het behoud van de natuur en vlinder. We hebben veel kwekerijen zelf bezocht, om te kunnen garanderen dat het op een verantwoorde manier gebeurt."

Greenwashing
Veling zet vraagtekens bij deze werkwijze. "Je moet waken voor greenwashing; iets duurzamer laten lijken dan het is. Je kunt gekweekte vlinders wel loslaten in een bepaald gebied, maar vlinders kunnen niet altijd overleven. Omdat de planten waar ze van leven daar bijvoorbeeld niet zijn. Een paar vlinders loslaten in dat leefgebied lost dat probleem dus niet op."

Dat sommige mensen de opgezette vlinder zielig vinden, begrijpt Naphausen wel. "Maar je kunt je afvragen wat erger is; dieren die worden geslacht en waarvan veel vlees gewoon wordt weggegooid, of de schoonheid van een dier eren na zijn dood."

Het opzetten van de vlinders is een nauwkeurig klusje. Eerst gaan de vlinders in de week, met damp. Ze worden aangeleverd in speciale envelopjes, met gesloten vleugels. Om de stand van de vleugels te veranderen, moeten ze eerst weer zacht worden. Ze mogen niet kletsnat worden want dan kunnen de kleuren gaan vlekken. Daarna worden de vlinders zorgvuldig gespannen op een zogenoemde spanplank. Twee planken van zacht hout lopen parallel aan elkaar, met een gleuf ertussen waar het lichaampje in past. De vlinder wordt door de borstkast opgeprikt, en de vleugels worden met strookjes glad papier op hun plek gehouden. Gevolgd door een aantal weken op de plank; om te drogen.

In Concrete Matter, een winkel aan de Haarlemmerdijk in Amsterdam, worden vlinders opgezet in de winkel. Jacob Garvelink is opgeleid als preparateur van vogels en heeft het opzetten van vlinders zichzelf aangeleerd. Garvelink zag de vlindertrend en wilde hier op inhaken met een eigen draai. "Doordat we de vlinders ín de winkel prepareren, heeft het iets magisch. Het is een ambacht, en mensen vinden dat interessant om te zien."

De vlinders van Concrete Matter komen van een vlinderboerderij uit Maleisië. Volgens Garvelink worden de diertjes hier wel gedood. "Door gas of ether, denk ik. Als ze namelijk zelf doodgaan is de glans er snel vanaf." Maar is dat zielig? "Vlinders leven anders hooguit een maand. Nu kunnen we ze wel 100 jaar behouden, als decoratief object."

Esthetische waarde
Garvelink denkt dat de vlinders aan het begin staan van een trend van opgezette dieren. "We verkopen ook een reeënkop, een vos en een hertengewei. Dat loopt erg goed. Het is populair. Mensen gaan steeds meer de esthetische waarde ervan inzien."

Mario Molina Espeleta, van huis uit kunstenaar, is twee jaar geleden begonnen met Taxidermy.nl. Hij levert via zijn webwinkel, maar zijn lijstjes worden ook verkocht bij moderne woonwinkels als Hutspot in Amsterdam en Loods5 in Zaandam. Espeleta weet waar zijn vlinders vandaan komen maar weet niet of ze een natuurlijke dood zijn gestorven. "Ik ben er nooit geweest, ik kan dat niet garanderen." Volgens Espeleta vinden sommige mensen de vlinders sneller zielig, vanwege het hoge knuffelgehalte. "Als een mug of vlieg wordt doodgeslagen, dan is het niet erg. Waar zit dan het verschil?"

Volgens Rob de Vos van Naturalis zijn de vlinderboerderijen helemaal niet gunstig voor de natuur. "Ik ben in Nieuw-Guinea op een vlinderboerderij geweest, waar vogelvlinders werden gekweekt. Ik zag geen rupsen en toen ik daarnaar informeerde wisten de Papoea's mij te vertellen dat vlinders zich nauwelijks laten doorkweken. Dus moesten er poppen uit de natuur worden gehaald om aan de vraag te kunnen voldoen. Uitroeiing van bepaalde vlindersoorten ga je hier niet mee tegen. Het probleem wordt eerder vergroot."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden