OPERA

AMSTERDAM - Wat met de opera's van Mozart fantastisch lukte, strandde dinsdagavond volledig met Puccini's 'La Bohème'. De eigentijdse bewerking van 's werelds populairste opera die het Music Theatre London dinsdagavond in de Amsterdamse Stadsschouwburg in wereldpremière bracht, was nauwelijks een komischer of moderner kijk op de opera dan die van Puccini zelf.

De scherpte van de tekst en de trefzekere karakterisering van de personages in 'Don Giovanni' (vorig jaar terecht een groot succes) was in 'La Bohème' grotendeels afwezig.

'Don Giovanni' leent zich uiteraard veel beter voor het soort bewerking waar het Music Theatre London berucht om is geworden. Die bewerkingen houden in: een instrumentale bewerking voor zo'n tien instrumenten en een rigoureuze komische aanpassing op de tekst ( in het Engels). Op die manier wil het MTL mensen die nooit naar opera gaan naar het theater lokken. In "Don Giovanni' was Mozarts en Da Ponte's kijk op de sociale klassen en de vrije seks prachtig vertaald (letterlijk) naar nu. De boerenpummel Masetto bijvoorbeeld sprak zijn naam in heerlijk cockney-accent uit als Maseh-oow!

In de nieuwe 'La Bohème' is Musetta geen Museh-aa! geworden. Het onsterfelijke verhaal van Henri Murger over de vier arme bohémiens, kou lijdend op een zolder in Parijs, was in 1845 al tijdloos. Datzelfde geldt voor wat Puccini er in 1896 muzikaal en theatraal mee deed. Een 'eigentijdse' bewerking moet dus wel heel bijzonder zijn om zijn bestaansrecht te rechtvaardigen bovendien kon op voorhand al worden getwijfeld aan het effect van de bij het MTL gepropageerde humor. 'La Bohème' gaat immers over de tragische liefde tussen Rodolfo en Mimì en kent een van de meest oprecht sentimentele slottaferelen in de hele operageschiedenis.

De nieuwe vertaling van Tony Britten (die ook de regie en het muzikale arrangement maakte) is op sommige plaatsen hilarisch. Het moet een hele kunst geweest zijn om op de bestaande muziek (die bijna in zijn geheel gespeeld wordt) zo'n lekker-bekkende moderne tekst te maken. Voor de beroemdste aria van de opera was het 'Your tiny hand is frozen' (de gangbare vertaling in Engeland) veranderd in 'Your hand is cold as marble'. Niet zo ingrijpend, maar als Schaunard 'They got karaoke' roept naar Rodolfo om het café aan te prijzen waar ze naar toe zullen gaan, wordt het al vrijer. Musetta's aria krijgt ook een moderne tekstuele opwaardering ('I am alone and I want to') en als toneelschrijver Rodolfo in de vierde akte niet aan werken toekomt omdat zijn hoofd vol van Mimì is, roept hij niet 'che penna infame!' (wat een infame pen) maar: 'I need a ribbon'. Hij zit immers achter de typemachine.

En toch kunnen de vele taalgrappen niet genoeg bijzonderheid geven aan deze 'La Bohème'. In de eerste en tweede akte is de humor niet apert leuker dan die van het origineel zelf en in de laatste twee akten is het gewoon Puccini-in-afgeslankte-vorm waar je naar zit te kijken.

Dat het slot toch nog erg ontroerend is, ligt aan de klasse van Puccini en niet aan die van het MTL. Omdat de productie het in de laatste akten moet hebben van de muziek alleen, is ze gedoemd te mislukken. Daarvoor zijn de uitstekende acteurs niet goed genoeg als zangers en daarvoor is het orkestje onder leiding van Jonathan Gill te klein.

Het geheel, in een simpel maar doeltreffend decor, komt niet van de grond. Het is geen opera, het is ook geen musical. Aan de inzet van de medewerkenden ligt het niet. Waarschijnlijk is de keus van Britten om juist 'La Bohème' te willen doen oorzaak van het feit dat aan het slot niemand in de Stadsschouwburg uit de stoelen kwam. Geen staande ovatie in Amsterdam? Dat wil wat zeggen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden