Opera laat kerkorgel jubelen als pierement

Overige concerten: donderdag 17 uur Domkerk (Eduardo Lopez Banzo en Menno van Delft), 18 uur Domkerk (Jan Jansen); vrijdag 17 uur St. Gertrudiskerk (Piet v.d. Steen), 18.00 uur Jacobikerk (Theo Teunissen); zaterdag 14 uur Marcuskerk (Ko Zwanenburg), 15.30 uur Rehobotkerk (Erik van der Hel), 17 uur Diaconessehuis (Theo Visser), 18 uur Nicolaikerk (Leo van Doeselaar).

CHRISTO LELIE

In het 19e-eeuwse Italie was dit geen exces; zelfs de voor de liturgie geschreven muziek was vaak niet te onderscheiden van balzaaldeuntjes. De orgels waren er ook op gebouwd om deze muziek met zoveel mogelijk effect weer te kunnen geven. Registers als viool, fluit, jachthoorn grote trom, bekkens en klokkenspel stelden de organist in de gelegenheid een orkest te imiteren.

Woensdag liet Liuwe Tamminga in het Festival Oude Muziek horen hoe dat klonk. Deze Nederlander, organist aan de San Petronio in Bologna, speelde op het vroeg negentiendeeeuwse orgel van de Utrechtse Augustinuskerk originele orgelwerken en transcripties van Italiaanse componisten. Ook nu waren er enkele bezoekers die het, net als Liszt, te wuft vonden en de kerk verlieten.

Te begrijpen was dat wel, want om deze muziek te kunnen waarderen is enige kennis van de Italiaanse orgelcultuur wel nodig. Daarover was in de minimale programmatoelichting in het Festivalboek niets te vinden. Het speciaal ter gelegenheid van het Festival geschreven boekje 'Orgels in de stad Utrecht' bood wat dat betreft ook geen soelaas, want dit gaat uitsluitend over geschiedenis van de Utrechtse orgels.

De Sonata van Bellini was weliswaar een origineel orgelwerk, maar de pompeuze inleiding en de belcantoaria had zo uit 'La Sonnambula' kunnen zijn. De Pastorale van Donizetti bleek een vriendelijke, maar beetje onbenullige doedelzak-imitatie in een rustiek siciliano-ritme. In de 'Sinfonia in pastorale il SS. natale' was heel wat meer te beleven. Tamminga had zijn handen vol aan de lastige loopjes.

'La Carita' liedjes van Rossini klonk op orgel uitgevoerd wel erg braaf; het gemis aan tekst bleek niet goed te maken zijn met een gevoelige voordracht. De Grand'Air du 'Barbier de Seville', leed hier veel minder onder, omdat Lefebure-Wely in zijn orgelbewerking van 'De Barbier' donders goed wist hoe hij een kerkorgel als een pierement kan laten jubelen. Ook Tamminga wist hoe dat moest toen hij de ouverture uit Rossini's 'Semiramide' vanuit een piano-uittreksel in een virtuoze 'orkestratie' op het orgel neerzette.

Tamminga was er goed in geslaagd registraties te vinden die het Lindsen-orgel een Italiaans tintje gaven, maar helemaal overtuigen doet deze muziek niet wanneer de toeters en bellen ontbreken. Dat bleek toen na afloop van het concert buiten op straat een draaiorgel soortgelijke muziek speelde. Tamminga en de samensteller van deze orgelserie, Peter van Dijk, knikten veel betekenend naar elkaar: zo had het eigenlijk gemoeten!.

Het Festival moet in de orgelserie die dit jaar is opgezet, afzien van het principe dat de oude muziek alleen op authentieke instrumenten gespeeld mag worden. Voor het publiek maakt het allemaal niet uit, want de serie loopt boven verwachting goed, ondanks de excentrische ligging van sommige kerken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden