'Opeens was ik zwart'

INTERVIEW | Wees eerlijk over racisme, zegt de Nigeriaanse schrijfster Chimamanda Ngozi Adichie. 'Als Michelle Obama een afro had gehad, was Barack nooit president geworden.'

Als een kroon torent haar in stijve strengen gedraaide kroeshaar boven haar uit. Haar, de Nigeriaanse schrijfster Chimamanda Ngozi Adichie heeft er 'een milde obsessie' mee. Als ze voordraagt uit haar jongste roman 'Amerikanah' is de stampvolle Posthoornkerk in hartje Amsterdam muisstil. Haar kort van tevoren aangekondigde optreden was in no time uitverkocht. Haar diepe stem draagt ver door het metershoge gotische bouwwerk. Haar zwarte jurkje heeft ze aangevuld met contrasterende enkellaarsjes: lichtgrijs en fel oranje - zijn het de mozaïekschoenen van het Nederlandse merk United Nude? Een Nigeriaanse vrouw die in Nederlandse schoenen in een Nederlandse kerk tegenover een paar honderd Nederlanders spreekt over ras en racisme.

Ja, laten we het eens eerlijk over ras en racisme hebben. Dat is, heel kort samengevat, wat Chimamanda Ngozi Adichie (Enugu, 1977) betoogt in haar vorig jaar verschenen roman Amerikanah. Door de New York Times als een van de tien beste boeken van 2013 verkozen. 'Amerikanah' is de term die hoofdpersoon Ifemelu en haar tienervrienden gebruiken voor Nigerianen die bij terugkomst uit de VS allerlei aanstellerige eigenaardigheden hebben en alles wat ze uitspreken van een brouwende 'r' voorzien. De eigenzinnige, opstandige Ifemelu droomt helemaal niet van Amerika. Ze ergert zich zelfs aan het gedweep met Huckleberry Finn en 'The Fresh Prince of Bel-Air' van haar vriendje Obinze, haar grote liefde.

Toch vertrekt juist Ifemelu met een studiebeurs naar de VS en blijft Obinze achter in het stoffige universiteitsstadje Nsukka, waar de schrijfster zelf opgroeide omdat haar vader daar doceerde en haar moeder een leidinggevende functie had. Obinze gaat later naar Groot-Brittannië, waar hem een zwaar leven als illegaal te wachten staat. Ze verliezen elkaar uit het oog. Maar Amerikanah, losjes gebaseerd op Adichies eigen leven, is meer dan een liefdesroman. Het is een moderne oproep tot meer eerlijkheid over rauw racisme, gedetailleerd verteld via twee jonge Afrikanen die vooral in het Westen geconfronteerd worden met hun ras.

"Ik werd pas zwart toen ik in Amerika terechtkwam", legt Adichie de volgende dag uit, gezeten in een 18de-eeuwse zetel in een hotel aan de Herengracht. Alles in de omgeving ademt Gouden Eeuw; de meubels, het behang, de schilderijen. Een soort tijdcapsule. "Over die periode spreken Nederlanders graag in termen van kunst en cultuur; de Hollandse Meesters, de grachtenpanden", zegt ze terwijl ze om zich heen kijkt. "Bijna nooit in termen van slavernij, kolonialisme, uitbuiting. Ik heb het idee dat Europeanen, doordat de uitbuiting van Afrikanen en Aziaten niet in hun eigen land plaatsvond, maar ver weg in de koloniën, zichzelf van alles wijs hebben kunnen maken over die periode. In de VS waren en zijn degenen die uitgebuit werden altijd in de buurt."

Negatieve bagage
Daar in Amerika ontdekte Adichie, die net zoals Ifemelu op haar negentiende naar Amerika vertrok om te studeren, dat ze zwart was. "In Nigeria was ik natuurlijk geen uitzondering. Dus over mijn kleur, mijn postuur en mijn haar dacht ik nooit na. Maar in de VS deed ik niet anders. Daar was ik opeens zwart en dat bracht vooral negatieve bagage met zich mee. Als ik op de universiteit het beste essay had geschreven was de professor licht geschokt; het was duidelijk niet de bedoeling dat 'het zwarte meisje' - zo heette ik opeens - het beste essay schreef. In Nigeria was het niet raar als ik de beste was. Als mensen me anders behandelden, kon dat met veel dingen te maken hebben, maar in ieder geval niet met mijn huidskleur. In de VS draait bijna alles om kleur en ras, alleen durft niemand dat te zeggen."

Niemand? "In literatuur bijvoorbeeld wordt racisme altijd voorgesteld als iets dat ambigu is. Racisme wordt genuanceerd, met een grap gelardeerd. Tekenend is dat in de Nederlandse recensies van Amerikanah wordt geschreven dat liefde of migratie de rode draad vormt, en niet racisme, en dat de behandeling van racisme wel wat meer humor had kunnen gebruiken." En dat terwijl de zaal in de Posthoornkerk afgelopen vrijdag regelmatig in de lach schoot toen Adichie voorlas. Zeker toen ze vroeg of 'alsjeblieft een witte man' een vraag wilde stellen.

"Witte mensen durven niet openlijk over ras te praten omdat ze zich er ongemakkelijk bij voelen", vervolgt ze. "Zwarte mensen durven het niet uit angst als 'boos' neergezet te worden." 'Zipped up negroes', noemt Adichie zwarte mensen die aan zelfcensuur doen. Dichtgeritst. "Begrijpelijk, want zwarte mensen krijgen vaak te horen dat ze overgevoelig zijn. Dat is gewoon een manier om iemand de mond te snoeren." In Amerikanah schrijft ze dat er zelfs angst is om een racist te beschrijven: "Als je niemand hebt gelyncht, kun je geen racist genoemd worden. Iemand moet in staat zijn om te zeggen dat racisten geen monsters zijn."

De schrijfster, wier eerdere veelvuldig bekroonde boeken zich vooral in Nigeria afspeelden rond huiselijk geweld en de Biafra-oorlog van eind jaren zestig, vreesde neergesabeld te worden vanwege de directheid waarmee zij racisme aan de kaak stelt in Amerikanah. "Ik denk dat mensen dit niet van mij verwachtten. Ik kreeg het advies om mijn toon te matigen. Maar ik vind dit een heel belangrijk onderwerp. Het gaat om je verhaal mogen vertellen zonder iemands inmenging, gehoord worden. Het gaat om openheid. Om luisteren. Om vragen stellen. Dan gaan we richting rechtvaardigere en eerlijkere samenlevingen. Het gaat over 'er mogen zijn'."

Ook een migrant - migratie is een ander thema in het boek - die geen honger heeft en die met de dood wordt bedreigd moet er mogen zijn. Adichie: "Ifemelu en Obinze komen beiden uit de middenklasse, zoals veel Nigerianen in de VS, die overigens tot de hoogst opgeleide migranten behoren. Ik kreeg daar de vraag: 'Nigeria. Daar is een oorlog, toch?'. Maar waarom mag je niet ergens anders naartoe, omdat je totaal vastzit in een land zonder keuzes, waar je dreigt te bezwijken aan lethargie? Ik wilde die andere kijk op migratie ook neerzetten."

Omdat 'zwart' volgens Adichie onderaan de rassenladder bungelt doet iedereen zijn best zich ervan te distantiëren. Adichie, geamuseerd: "Niemand wil zwart zijn. Zelfs mensen die zwart zijn, zullen zeggen: nee, ik ben Jamaicaan, of ik kom uit Trinidad. Of ik heb Chinees, of Cherokeebloed. Alles, behalve gewoon zwart. Ik hou van mijn kleur, maar ik merkte dat ik in het begin liever geen 'sister' genoemd werd door zwarte Amerikaanse vrouwen. Zwarte Amerikaanse cultuur vond ik grotendeels zo vernederend en negatief tegenover zwarten, dat ik tegenover de samenleving wilde aangeven dat ik 'een goede zwarte' was.

"Op een zeker moment betrapte ik me er zelfs op dat ik 's avonds laat eens bang werd van een donkere jongeman met een capuchon op. Hij stond met mij in een avondwinkel in New Haven. Totdat ik zag dat hij met zijn Yale-studentenkaart afrekende en daar dus, net zoals ik, studeerde. Achteraf schaamde ik me kapot en was ik verdrietig. Tegen een vriendin zei ik: 'Ik ben een bekrompen, witte vrouw uit een Amerikaanse buitenwijk geworden.'"

Als Adichie, op deze druilerige dag gestoken in een vrolijke gele top, voorover buigt om haar mineraalwater van de salontafel te pakken, buigt de haast architectonische haarkroon op haar hoofd stoïcijns mee. Hoe zou ze geslapen hebben met dat kapsel? "Slecht", zegt ze vermoeid. Maar dat kwam niet door het haar. Een onderwerp dat overigens, net zoals ras, als een rode draad door Amerikanah loopt. Kroes. Steil. Vlechten. Dreadlocks. Weaves. De rituelen en ergernissen in de 'zwarte' kapsalons zijn een feest van herkenning voor zwarte lezeressen, maar waarom was het zo cruciaal voor Amerikanah?

Radicaal haar
"Behalve dat ik een milde obsessie heb met haar, is het een serieus onderwerp. Haar is de perfecte metafoor voor ras. Zwarte vrouwen knippen hun dreadlocks af voor een sollicitatiegesprek omdat ze weten dat ze de baan anders niet krijgen. Want dreadlocks of natuurlijk kroeshaar staat onverzorgd, niet professioneel of elegant, of wijst op een radicaal gedachtegoed." Ze vertelt over de keer dat ze zelf haar kroeshaar met zware chemicaliën probeerde te temmen, vanwege een belangrijk stageplek in de VS. Haar hoofdhuid verbrandde en ze moest alles afknippen, omdat het uitviel. "Daarna heb ik die troep nooit meer aangeraakt. Het is zo'n bevrijding om jezelf te accepteren zoals je bent. Maar dat is voor velen moeilijk. Zwarte vrouwen geven duizenden dollars uit aan nephaar en, soms hele schadelijke, behandelingen om aan het westerse schoonheidsideaal te voldoen. Zwarte mannen hebben het probleem als bedreigend te worden ervaren, maar ze zijn wel begeerlijk. Zwarte vrouwen zijn onzichtbaar én onbegeerlijk. Wist je dat zwarte vrouwen op datingsites het minst de voorkeur krijgen? Zelfs van zwarte mannen."

Popdiva Beyoncé, toch wel de meest begeerlijke vrouw op aarde, is zelfverklaard fan van Adichie. Ze gebruikte zelfs een sample van Adichies Tedtalk over feminisme - 'we zouden allemaal feministen moeten zijn' - op haar nieuwste album in het nummer 'Flawless'. Is Adichie gevleid of juist geïrriteerd dat een zwarte vrouw die met de dag lichtergekleurd lijkt, immer blond nephaar draagt en haar tour de Mrs. Carter Show (naar de achternaam van haar man, rapper Jay-Z) heeft gedoopt, er met haar boodschap vandoor gaat? Adichie laat alleen een veelbetekenend 'geen commentaar' los.

Maar afgezien van een schoonheidsideaal vindt de Nigeriaanse schrijfster haardracht ook politiek. "Ik geloof dat als Michelle Obama een afro had gehad in plaats van haar conservatieve steile bob, Barack nooit president was geworden. Want dan zou ze als radicaal zijn weggezet." De schrijfster vindt het geen toeval dat Michelle op een cover van The New Yorker uit 2008, over de bizarre geruchten dat Obama eigenlijk een moslimterrorist was, met een grote afro en in legertenue werd afgebeeld terwijl ze haar man een 'boks' geeft. Denkt Adichie dat de first lady heimelijk haar steiltang, en eventuele chemische producten of extensions, - er heerst veel onduidelijkheid over Michelle's haar - aan de wilgen zou willen hangen en er liever zoals de vrouw van de burgemeester van New York uit zou willen zien? "Dat kan ik niet invullen, maar waarom niet? Uit de burgemeester van New York, zijn donkere vrouw met dreadlocks en zijn zoon met een gigantische afro, put ik hoop."

Wie is Chimamanda Ngozi Adichie?
De dichteres en romanschrijfster en veelgevraagd spreekster debuteerde in 2003 wereldwijd met 'Paarse hibiscus' over religieus fanatisme en huiselijk geweld, waarvoor zij de Commonwealth Writers Prize en de Hurston/Wright Legacy Award ontving. In 2006 volgde haar bestseller 'Een halve gele zon' over de Biafra-oorlog, die de Orange Prize won en genomineerd werd voor de National Book Critics Circle Award. De verhalenbundel 'Het ding om je nek' (2009) stond op de shortlist voor beste Afrikaanse boek bij de Commonwealth Writers Prize. 'Amerikanah' (2013) won de Chicago Tribune Heartland Prize for Fiction.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden