Op zoek naar de bronstige reegeit

dartelende geiten | reportage | De bronsttijd van de ree is in volle gang. Het perfecte moment voor een excursie. Maar parende reeën laten zich niet makkelijk betrappen.

Gewapend met een compacte verrekijker loopt Hans Nijman met ferme pas over een bospad nabij het Utrechtse Austerlitz. De 66-jarige vrijwilliger van Staatsbosbeheer wordt op de voet gevolgd door zo'n twintig natuurliefhebbers. "De omstandigheden zijn perfect voor een reeënexcursie", stelt hij tevreden vast. "Het is zwoel, windstil en de zon gaat straks onder. Rond deze tijd zijn reeën het actiefst, en daarbij: zonder wind kunnen ze ons niet ruiken en slaan ze niet op de vlucht."

Nijman woont in Austerlitz en verzorgt voor Staatsbosbeheer al twintig jaar excursies op de Utrechtse Heuvelrug. Rond deze periode zijn die trips voornamelijk gericht op het spotten van reeën. Met uitloop naar september vindt van midden juli tot midden augustus namelijk de reeënbronsttijd plaats. Daarin doen mannelijke reeën (reebokken) verwoede pogingen om vrouwelijke reeën (geiten) te beslaan. Missie geslaagd? Op naar de volgende; hoe meer, hoe beter.

In het gebied waar de wandeltocht doorheen gaat, bevinden zich volgens de telling tussen de tweeëntwintig en dertig reeën. Het gezelschap zal geen parende reeën op heterdaad betrappen, maar Nijman verwacht wel dat ze een paar individuele exemplaren zullen zien. "Daarbij is het belangrijk dat er tijdens de wandeltocht zo zacht mogelijk wordt gepraat", heeft hij voor aanvang van de tocht verteld. "Reeën hebben namelijk een uitstekend gehoor."

Inmiddels van het hoofdpad af, baant de groep zich een weg door een dichtbegroeid deel van het bos. Ze focussen zich op het ontwijken van zwiepende takken, brandnetels en verraderlijk uitstekende boomwortels, als Nijman hen tot stoppen maant. Hij wijst in de verte. "Kijk, daar scharrelt een geit tussen het struikgewas", fluistert hij. "We zijn nog geen half uur onderweg en hebben het eerste exemplaar al gespot, dat zie je niet vaak. Nu al een fantastische avond!"

Nijman legt uit dat geiten 'slechts' drie tot vier dagen per jaar bronstig zijn. In die periode scheiden ze geurstoffen af die bokken aantrekken. Met datzelfde doel produceren zij het zogeheten 'fiepgeluid'. Op zoek naar geur en geluid doet een bok zijn bek open en zijn tong omhoog.

Wanneer de reeën elkaar hebben gevonden, heeft de bok volgens Nijman niet zoveel meer in te brengen, want het is de geit die bepaalt wanneer zij bereid is om te paren. "De daad zelf duurt overigens maar een paar seconden. Daarna gaat de bok weer op zoek naar een andere bronstige geit, als hij daar zin in heeft."

Een enkele keer komt het voor dat bokken met elkaar in gevecht raken terwijl ze dezelfde geit proberen te versieren. "Dan blaffen ze tegen elkaar en beuken ze met hun geweien op elkaar in. Het is dan ook geen verrassing dat ze weleens met hun geweien in elkaar verstrengeld raken", zegt Nijman. Hij noemt het een levensgevaarlijke situatie, wellicht zelfs doodsoorzaak nummer één tijdens de bronsttijd. "Ze blijven spartelen en raken op den duur uitgeput en uitgedroogd. Boswachters zijn er helaas niet altijd tijdig bij om ze te helpen."

Prachtige plaatjes

Voor Wim en Inge Boshuizen is de excursie een vader-dochter-uitje, ze vinden de ree een prachtig dier. Onderweg naar zijn werk ziet Wim er regelmatig een in het bos van Nieuw Wulven bij Houten. Hij reageert enthousiast wanneer de volgende ree in zicht is en snelt - met zijn camera in de aanslag en het statief op de rug - naar voren.

Wim maakt gauw een paar foto's voordat het ranke dier er vandoor schiet. "Dit levert prachtige plaatjes op", zegt hij. Inge: "Daarnaast is Hans een uitstekende excursieleider. Het is leuk, avontuurlijk én informatief. Wat wil je nog meer?"

Dan stopt de groep midden op een kruising. Nijman wil wat vertellen over het proces na een geslaagde paring. "Een zeer bijzonder proces, want nadat de bevruchte eicel in de baarmoeder terechtkomt, duurt het tot midden december voordat zich, pas dan, in rap tempo een embryo begint te ontwikkelen."

Deze uitgestelde implantatie voorkomt dat kalveren in de winter worden geboren, en verhoogt hun overlevingskans. "Het is een trucje van de natuur, heel speciaal." In mei of juni werpt de geit haar kalveren. "Meestal twee, soms één en soms drie. Dat gebeurt over het algemeen in een bosrand met veel ondergroei, een weiland met lang gras of in het koren; zolang er maar voldoende beschutting is."

De kalveren volgen de moeder op de voet, worden steeds zelfstandiger en leren zich te gedragen als volwassen reeën. "Deze moeder-kind-periode duurt een jaar, waarna het kalf - vaak gedwongen - zijn of haar eigen weg gaat."

Plotseling fluistert Nijman dat hij in de verte een ree ziet staan. Hij pakt zijn verrekijker en tuurt vanaf het pad het bos in. "Oeps, het is een omgevallen boom", verontschuldigt hij zich.

De groep heeft op dat moment al vier geiten zien ronddartelen, daar zal niet veel later nog een bok bijkomen. "Het geeft iedere keer weer een kick als je er een ziet. Soms heb je zelfs oogcontact, dat kan zeer intens zijn. Het is toch fantastisch dat je zoiets mag meemaken?"

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden