Op sublieme wijze gemiddeld

Gerald Ford, die dinsdag overleed, moest het vertrouwen in het Amerikaanse presidentschap herstellen na het aftreden van president Nixon. Populair werd hij nooit.

Direct aan het begin van de permanente expositie in het Gerald Ford-museum in Grand Rapids in de Amerikaanse staat Michigan staat een vitrine met ogenschijnlijk ordinaire voorwerpen: een vijl, een tang, twee schroevendraaiers en een bril, allemaal met verschoten papieren labels.

Maar gewoon zijn de voorwerpen niet. De politie van Washington D.C. vond ze op 17 juni 1972 bij vijf inbrekers, die werden betrapt terwijl ze afluisterapparatuur instelden in kantoren van de Democratische partij in het Watergate-complex. Op de politielabels staat: „Aard voorwerpen: bewijs. Eigenaars: onbekend.”

Het museum is zoals de 38ste president van Amerika zelf was: niet spectaculair, maar in vergelijking met andere presidentiële musea in de VS nuchter, fatsoenlijk en integer. Het draait er niet omheen dat Ford het zonder Watergate-schandaal nooit tot president had geschopt en dat zijn 895 dagen in het Witte Huis altijd onder de doem van die klungelige inbraak uit 1972 hebben gestaan.

Ford werd op 14 juli 1913 geboren als Lesley Lynch King jr. Kort daarna liep zijn moeder bij zijn vader weg, nadat hij haar te lijf gegaan was met een mes. Ze hertrouwde met verfhandelaar Gerald Ford, die Lesley adopteerde en naar zich vernoemde.

Hij droomde er niet van president te worden, toen hij in 1946 voor het eerst in het Huis van Afgevaardigden gekozen werd namens Grand Rapids. Hij werd als afgevaardigde ’op sublieme wijze gemiddeld’ gevonden. Toen een diepverdeelde Republikeinse partij in 1964 een nieuwe fractieleider moest aanwijzen, viel de keuze op die beminnelijke en rustige pijproker uit Michigan.

In die functie viel hij alleen op als lid van de Warren-commissie, die de moord op president John Kennedy onderzocht. De commissie stelde vast dat er maar één dader was geweest: Lee Harvey Oswald. Ford raakte zo door hem gefascineerd dat hij een boek over hem schreef.

Zijn degelijkheid en beperkt charisma kwamen weer van pas toen de regering-Nixon in 1973 diep in de problemen raakte. Het Watergate-schandaal stak zijn kop op en vice-president Spiro Agnew moest aftreden vanwege een oud omkopingsschandaal. Hoewel Nixon geen hoge pet op had van Ford, vroeg hij hem als nieuwe tweede man. Volgens peilingen vertrouwden de Amerikanen ’Good old Jerry’ namelijk wel.

In de zaal die handelt over Watergate schenkt het Ford-Museum klare wijn: het Witte Huis zat achter de Watergate-inbraak. Het wilde de Democraten afluisteren om erachter te komen wat hun plannen waren voor de presidentsverkiezingen van 1972. Een zaaltje met zwartgeschilderde wanden behandelt Nixons aftreden. Het toont notulen van zijn laatste kabinetsvergadering, waarin Ford respect voor de president uitspreekt, maar vervolgens zegt „dat als mij eerder over de Watergate-zaak verteld was wat mij de laatste 24 uur verteld is, ik bepaalde publieke verklaringen [van steun aan Nixon] niet gemaakt zou hebben.” In een kleine vitrine ligt de éénregelige ontslagbrief van Nixon.

Op een klein scherm toont het museum de beelden van Fords inauguratie op 9 augustus 1974. Ze worden afgewisseld met beelden van de meest controversiële beslissing uit Fords presidentsschap: het besluit zijn voorganger te vrijwaren van strafvervolging voor Watergate.

Ford was nog geen maand president toen hij onverwachts de natie via de tv toesprak. Hij stelde dat Nixon en zijn gezin een ’tragedie’ was overkomen. Amerika moest snel uit een ’lange nachtmerrie’ bevrijd worden. Het museum laat zien hoe impopulair dat besluit was. Het toont de brief waarmee Fords woordvoerder woedend ontslag nam. Daarnaast ligt de brief van een Amerikaan: „U moet zich schamen, schamen, heel diep schamen. U hebt het idee dat iedereen gelijk is voor de wet belachelijk gemaakt.” De waardering voor Ford kelderde in één klap van 71 naar 50 procent.

Ford probeerde de draad op te pakken. Hij bond de strijd aan met de hoge inflatie. Hij beëindigde de Vietnam-oorlog. Hij schoof nieuwe talenten naar voren: de huidige vice-president Cheney en minister van defensie Rumsfeld waren ontdekkingen van Ford.

Maar Amerika zou Ford nooit echt serieus nemen. Hij werd afgeschilderd als lichtgewicht. Nadat hij een paar keer een afstapje miste of uitgleed, kreeg hij het imago van een stoethaspel. Enorm populair werd wel first lady Betty Ford, die openlijk vertelde dat ze borstkanker had. In Grand Rapids is het geruchtmakende tv-interview te zien waarin ze zei te begrijpen dat jongeren seks voor het huwelijk wilden hebben en marihuana wilden uitproberen. Conservatief Amerika was geschokt, maar een meerderheid van de Amerikanen zei veel bewondering te hebben voor Betty’s openheid. Zij werd Fords sterkste wapen.

Ford deed in 1976 mee aan de presidentsverkiezingen. Maar Watergate en Nixon bleven opspelen. De ex-president bracht in de aanloop naar de eerste Republikeinse voorverkiezingen een bezoek aan China, alsof hij nog gewoon leider van de vrije wereld was. Het werd uitgelegd als een daad van minachting voor Ford.

De conservatieven vielen Ford af. Zij steunden Ronald Reagan, een van de weinige mensen met wie Ford nooit uit de voeten kon. Hij won de Republikeinse nominatie maar nipt.

Tijdens de presidentsverkiezingen zelf bracht de Democraat Jimmy Carter de president steevast in verband met zijn voorganger. Door Fords gratieverlening had Amerika nooit echt schoon schip gemaakt, aldus de uitdager. De dag na de verkiezingen erkende Betty Ford namens haar man, die zijn stem kwijt was, de nederlaag. Ford ging op in het lezingencircuit en reisde golftoernooien af met komiek Bob Hope.

Amerika leek zijn enige vice-president en president die nooit gekozen was, te vergeten. Maar de afgelopen tien jaar werd hij herontdekt. De expositie sluit af met de ’Medal of Freedom’, Amerika’s hoogste burgeronderscheiding, die president Clinton hem gaf. In de ogen van Clinton liet Ford met zijn strafvrijwaring van Nixon grote moed zien, een standpunt dat de meeste historici tegenwoordig onderschrijven. Hij behoedde de VS voor een juridische strijd, die het land nog dieper verscheurd zou hebben. Ford was de fatsoenlijke en saaie president die Amerika nodig had om de wonden van Watergate te laten helen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden