Klein verslagWim Boevink

Op straat voel ik me afstotend en afstotelijk

Zoveel uitnodiging! De zon, de hemel, de strelende wind, de vogels, het ontluikend groen. Ja, de maand is wreed. Waarom overviel dat virus ons juist nu, en niet in de late herfst, met een natte kille winter voor de boeg? Hoeveel eenvoudiger was dat thuisblijven geweest, bij brandende kachels en veel lamplicht boven de tafels.

“Ik bevind me ineens in een onverwachte leegte”, schrijft Paolo Giordano, de Italiaanse auteur van ‘De eenzaamheid van de priemgetallen’ in een actueel bundeltje met korte stukken dat ik naast de kassa aantref van mijn kiosk. ‘In tijden van besmetting’, heet het.

“Een toestand die velen met mij delen: ons dagelijks leven staat in een pauzestand, ons ritme is onderbroken, zoals in een liedje, wanneer de drums stoppen en de muziek lijkt te vertragen. Scholen dicht, weinig vliegtuigen in de lucht, eenzaam echoënde voetstappen in de gangen van de musea, overal stiller dan normaal.”

Giordano heeft besloten de leegte te gebruiken om te schrijven. “Om mijn bange voorgevoelens in bedwang te houden en een betere manier te vinden om over dit alles na te denken.”

Welbeschouwd, overweeg ik bij het lezen, is mijn ritme nauwelijks onderbroken, er is altijd al veel pauzestand om me heen en leegte om te schrijven. Aan de binnenzijde daarvan is weinig veranderd, maar de buitenzijde!

De dagelijkse gang naar de kiosk om een buitenlandse krant te kopen en er inspiratie in te vinden bij een cappuccino in een café – die gang is danig verstoord. Buiten is de dreiging.

Een volle winkelstraat is een val waar je niet in moet trappen.

De kiosk heeft mandjes bij de ingang; hun aantal verraadt de dreigingsgraad binnen. Als de kust veilig is haast ik me naar binnen, doe een gerichte greep in de krantenmolen en reken af bij het personeel achter hangend plexiglas.

Hij schrijft met de infectie mee

“Besmetting is een infectie van het netwerk van onze onderlinge betrekkingen”, schrijft Giordano.

Ja. Hij schrijft met de infectie mee. Met de infectie in Italië.

“Op 24 februari is het aantal bevestigde besmettingen in ons land 231. Een dag later is dat gestegen naar 322, de dag daarna naar 470, en vervolgens naar 655, 888, 1128. Vandaag, op een regenachtige eerste maart, zijn het er 1694.”

Giordano is behalve schrijver ook natuurkundige. “Zo begint een besmetting, als een kettingreactie.” Hij weet van het symbool R₀ – de er-nul – en dat het van belang is dat die R₀ kleiner is dan één, zoals wij hier al leerden van Jaap van Dissel.

Hij gebruikt beelden. “Het is alsof je een kraan repareert zonder de hoofdkraan af te sluiten.”

Ook dit observeert hij: “De epidemie spoort ons aan om onszelf te beschouwen als een collectief. (...) In tijden van besmetting zijn we één organisme. In tijden van besmetting worden we weer gemeenschap.”

Ik voel dat niet op straat. Sterker nog: op straat voel ik me hyperindividiueel, afstotend en afstotelijk. Ik voel het pas als ik thuis ben. Als ik in de avond uit het raam kijk en in de naburige flat alle lichten zie branden. Als ik bedenk hoevelen zich weer om die televisiepraattafels verzamelen, of om de journaals.

Buiten in de zon zingen de Sirenen. We binden ons aan de masten.

Met het oog van een antropoloog en de pen van een dichter doet Wim Boevink dagelijks verslag over de grote en kleine wereld om hem heen. Abonneer je op zijn column in onze mobiele app en lees hem als eerste.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden