Op stap met je ouders

De zomervakantie is begonnen. Trouw heeft de beste jeugdvoorstellingen en mooiste exposities geselecteerd.

iPod of Spotify, dat vinden we tegenwoordig zo gewoon. Maar hoe werd de mogelijkheid om muziek terug te luisteren ontdekt?

De fonautograaf, een ouderwets apparaat dat eruitziet als een megafoon waaraan een metalen deegrollertje met slinger is bevestigd, is de voorloper van onze iPod. Samen met de eerste grammofoon, transistorradio, synthesizer en walkman is hij te zien in de tentoonstelling 'Overal muziek' in het Teylers Museum in Haarlem. De in pastelkleuren vormgegeven expositie is bedoeld voor verschillende generaties, vertelt samensteller Trienke van der Spek, die hoofdconservator wetenschap is bij het museum. "Het gaat om herkenning: 'Zó speelden wij vroeger muziek!', kunnen ouders of grootouders dan zeggen tegen hun kinderen."

Voorafgaand aan de opening afgelopen weekend vertelt zij over de vroege historie van onze muziekapparatuur. Zij laat een grote replica zien van een menselijk oor in een vitrine. "In de tweede helft van de negentiende eeuw waren wetenschappers gefascineerd door geluidsleer. Ze wilden weten hoe het oor werkt en de stem. En hoe het mogelijk was dat geluid zich van de ene plek naar de andere verplaatst. Ze onderzochten anatomische preparaten en ontdekten een trommelvlies en een hamer met aambeeldje in een oor. Dat probeerden ze te imiteren en zo ontstond in laboratoria in Europa en Amerika allerlei experimentele apparatuur."

Zo is de fonautograaf een model van het menselijk oor, met een hoorn en een membraan dat door geluid gaat trillen. "Een naald brengt die trilling over op een draaiende cilinder met beroet papier. De bedenker Scott de Martinville zong in 1860 een liedje in met deze machine, 'Au clair de la lune'. Zelf kon Scott zijn stem niet terugluisteren, zo ver was zijn apparatuur nog niet ontwikkeld. Maar in 2008 is er een digitale reconstructie van zijn opname gemaakt."

Die is op de expositie door een koptelefoon te horen. Zijn stem klinkt nogal krakerig maar de melodie is goed herkenbaar. "Hij was zich niet bewust van de enorme doorbraak die zijn uitvinding betekende. Het is de stamvader van de apparaten waarmee in de decennia daarna muziek is gespeeld, opgenomen en afgespeeld."

Deze nakomelingen staan verspreid door de expositie in de vitrines. Het gebruik van de eerste grammofoon lijkt een hele klus: je moest honderd keer per minuut aan de slinger draaien, staat op het tekstbord te lezen. De eerste plaatjes met groeven waren eigenlijk bedoeld voor een sprekende pop, die naast de grammofoon in de vitrine staat. "Dat experiment is mislukt, maar daardoor is wel de voorloper van het singletje uitgevonden", vertelt Van der Spek. Ook een enorme zwart-witfoto op de wand trekt de aandacht. Er is een groep meisjes op te zien rondom een grammofoon vol slangetjes waaraan stethoscopen zijn bevestigd. Zo luisterden ze soms naar de muziek: door de oortjes van een doktersapparaat.

Eind jaren veertig kwamen er betaalbare singletjes op de markt, nummers als 'Rock around the clock' (1956) werden afgespeeld in een jukebox. Op tv-schermen zijn acrobatisch dansende jongeren te zien, de meisjes met petticoats en de jongens met een vetkuif. "Ook de opkomst van de transistorradio in de jaren zestig was een mijlpaal voor de jongerencultuur", vervolgt Van der Spek. "Voor het eerst kon je los van je ouders thuis naar muziek luisteren, stiekem in je bed naar hits uit Amerika."

Ze wijst op een hoofdkussen dat aan de wand is bevestigd. Wie zijn hoofd ertegenaan legt, hoort een fragment van piratenzender Radio Veronica.

De kinderen die inmiddels met hun ouders de expositieruimte binnenkomen, lopen meteen naar een mengtafel voor elektronische muziek waarop de naam van dj Armin van Buuren staat. Daar kun je naar gesamplede muziek luisteren. Hun ouders bekijken een filmpje van Léon Theremin, een ingenieur die werkte met elektromagnetische golven. Hij beweegt zijn armen rond een instrument dat geluiden maakt als die van een zingende zaag. Later werd de Theremin populair in de popmuziek, The Beach Boys gebruikten het instrument in 'Good Vibrations' dat door een koptelefoon is te beluisteren. Net als een van de eerste popnummer met een synthesizer, 'Reflections' van The Supremes, of een nummer met een Hammondorgel, 'No Woman, No Cry' van Bob Marley. Een moeder luistert ernaar met haar dochter en swingt met de heupen.

Te zien t/m 25 oktober in het Teylers Museum in Haarlem. Info: www.teylersmuseum.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden