Op rapport van Rabo prijken mooie cijfers

Met een renner in de top zes en een derde plek in het ploegenklassement in de Tour de France lijkt de vrije val van het Nederlandse wielrennen gestopt. De uitzichtloze rol in de marge van de wedloop om de truien waarop vaderlandse renners de afgelopen jaren patent hadden, is ingeruild voor een dosis optimisme. Zo wordt het althans ervaren bij de enige Nederlandse ploeg in de Ronde van Frankrijk dit jaar. „We hebben het goed gedaan deze Tour. Robert Gesink is zesde en Denis Mentsjov derde,” sloeg Erik Breukink zich op de borst dit weekeinde.

De cijfers liegen niet, het is de beste prestatie van de Rabobankploeg sinds de sponsor in 1996 zijn debuut maakte in het profpeloton, aan de hand van Jan Raas. Een goed klassement was het uitgangspunt bij Rabo deze Tour. Missie geslaagd, aldus ploegleider Adri van Houwelingen, dankzij een derde plek in het ploegenklassement.

Het zijn onmiskenbaar mooie cijfers die de ploeg in deze Ronde van Frankrijk kan overleggen. In elk geval beter dan in voorgaande edities. Vorig jaar bijvoorbeeld, was pech de grote spelbreker toen Gesink zijn pols brak na amper een week fietsen. Ongeluk maakt soms het verschil tussen een goede of tegenvallende Tour. Dus waarom zou deze niet uitbundig gevierd mogen worden? Gisteravond in Parijs vlogen de kurken door het restaurant waar het team de prestaties van Mentsjov en Gesink uitbundig vierde.

Maar of elders de champagne werd ontkurkt om een derde en zesde plek op te luisteren? In Utrecht misschien, op het hoofdkantoor van de bank. De gewone wielerfan zal het optreden van de ploeg in de afgelopen drie weken toch vooral als ontnuchterend hebben ervaren. In geen enkele etappe streed de ploeg om de dagzege. Niet in de vlakke ritten en niet in de bergen. Het klassement is heilig bij Rabo, alles moest ervoor wijken, ook het eigen initiatief van de coureurs.

Flets, onopvallend en alleen gefocust op een goed klassement. De kritiek die her en der doorklinkt, is begrijpelijk. Voor de laatste ritzege van een Nederlander moet je terug naar 2005. Na die ritwinst van Pieter Weening brak het lange wachten aan. Nederlandse wielerliefhebbers willen het Wilhelmus wel weer eens horen schallen uit de luidsprekers op het Tourpodium.

Van Robert Gesink worden grote dingen verwacht. De ploeg en wielerminnend Nederland zien in hem de nieuwe verlosser, de renner die de herinnering aan Erik Breukink kan doen vergeten. Maar ook Gesink zat deze Tour ingekapseld in de bijna heilige doelstelling. Het risico dat de jonge Nederlander zichzelf ergens in de bergen zou tegenkomen na een vluchtpoging, werd als te risicovol beschouwd. Niet doen dus. En dus bleef de Varssevelder de grote mannen Contador en Schleck volgen.

Rabo heeft ontegenzeggelijk de toekomst. De sponsor wil mogelijk dit jaar het contract dat loopt tot 2012 openbreken. Daarmee lijkt de financiële basis voor de volgend jaren gegarandeerd. Op sportief vlak werpt het alom bejubelde wielerplan nu zijn vruchten af. Er staan in de kantlijn een andere Nederlandse ronderenner te popelen, Bauke Mollema. In de Giro heeft hij de jonge Groninger laten zien dat hij het rondewerk aankan. Met Lars Boom en Steven Kruijswijk aan de zijde van Gesink en Mollema, ligt de toekomstige kern van de grootste Nederlandse formatie vast. Maar of de ploeg daarmee ook de hunkerde wielerfans in Nederland behaagt?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden