Klein Verslag

Op naar Hattem, op zoek naar de ware Anton Pieck

Er was een tijd dat de feestdagen onlosmakelijk waren verbonden met Anton Pieck. Door de brievenbus gleed een kerstkaart van Anton Pieck met daarop een postzegel van Anton Pieck. En met Sinterklaas kreeg je alvast de nieuwste kalender van Anton Pieck. De afgebeelde taferelen waren per definitie romantisch: zwieren op het ijs, inkopen doen bij de kruidenier, luisteren bij het draaiorgel.

Het was een Nederland dat niet meer bestond, en vermoedelijk nooit hád bestaan. Althans niet zo warm en gezellig als Pieck het tekende. Het leken gestolde dromen van 19de-eeuwse nostalgie. Pieck is al ruim dertig jaar geleden gestorven, en je hoort weinig meer over hem. Toch is er nog altijd een aan hem gewijd museum in Hattem, las ik op internet.

Waarom in Hattem? De tekenaar woonde in Overveen, zo’n 130 kilometer verderop. Maar los daarvan, zou in dat museum meer te zien zijn dan Piecks bekende werk? Enfin, er zat niets anders op: ik móest naar Hattem, op zoek naar de ware Anton Pieck.

Aangekomen in de Veluwse hanzestad vraag ik een kunstzinnig uitziende inwoner: Vanwaar een Pieckmuseum? “Wel”, zegt de man, “Piecks uitgever zat in in Apeldoon, zijn zoon woonde hier ook in de buurt, in Kampen, en onze burgemeester vond een dergelijk museum wel een goed idee. Vandaar dus.” Wandelend door het schilderachtige Gelderse plaatsje begrijp ik die keuze. Er heerst een perfecte Anton Pieck-sfeer: historische stadspoort, ophaalbruggetje, oud-Hollandse gevels. “Ja”, beaamt men in het museum, “Pieck vond Hattem prima passen.”

In een filmpje in het museum legt een trotse CDA-burgemeester Ausma uit waarom hij het museum wilde. “Bij Anton Pieck zie je meteen wat hij bedoelt. Dat is bij sommige van zijn collega’s wel anders.” De kunstenaar zelf toont zich in de video zeer bescheiden: “Of mijn werk goed is of niet, is niet aan mij om te beoordelen. Ik heb mijn best gedaan.”

De gehuldigde wekt de indruk dat het van hem niet zonodig hoeft: een eigen museum. Andere kunstenaars hebben er volgens hem veel meer recht op. Pieck vermoedt verder dat de aan hem gewijde expositie hooguit een paar jaar zal bestaan. Maar het museum is al vierendertig jaar oud, en trekt nog altijd veel publiek, vertelt men aan de balie.

De underdog uit Overveen

Al kijkend naar de beelden, krijg ik steeds meer sympathie voor de underdog uit Overveen. “Ik heb een moeilijke tijd gehad”, bekent hij met gepijnigd gezicht. “De romantische stijl werd beschouwd als de ergste die er was. Maar ik heb me er niets van aangetrokken.”

Het museum toont niet alleen het werk waardoor de kunstenaar wereldberoemd werd. Ook onbekendere stukken, zoals houtsneden, etsen en gravures. Bij een houtsnede van een dennetak denk ik: dit is heel andere koek. Niks warm en gezellig, maar mooi figuratief. En een tekening van een fruit­stalletje bij een moskee in Rabat toont aan dat Pieck niet zat vastgebakken aan de Hollandse knusheid.

Hij reisde veel, vertelt Pieck in het filmpje: Marokko, Polen, Engeland, Italië en Zweden. En altijd het tekenplankje bij de hand. Maar het grootste succes dat hem in het leven overkwam, was, zegt hij, de prijs die hij als jongen won voor een stilleven van een gedekte tafel: vijf tubes verf.

Lees meer afleveringen van Klein Verslag op trouw.nl/kleinverslag.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden