Op naar de nachtwakerstaat

De auteur is publicist.

Na de tweede wereldoorlog kreeg dit stelsel een bredere grondslag. Onder invloed van de ideeën van de Engelse Lord Beveridge kreeg de gedachte dat iedereen toegang zou moeten hebben tot het sociale-zekerheidsstelsel, grote aanhang. Ook in ons land werden volksverzekeringen als de AOW gesticht. En de werknemersverzekeringen werden uitgebreid.

Er ontstond in ons land door deze ontwikkelingen een duaal stelsel: enerzijds basisvoorzieningen als de bijstand en enkele volksverzekeringen, anderzijds relatief uitgebreide werknemersverzekeringen en pensioenuitkeringen. Het is de combinatie van een garantie voor iedere burger van een inkomen op sociaal-minimumniveau en van de waarborg van een bepaalde, door arbeid verkregen sociale en economische status. Zo biedt ons sociale-zekerheidsstelsel bescherming tegen directe armoede - verticale solidariteit - en een zekere mate van inkomenscontinuïteit - horizontale solidariteit.

Deze vermenging van deze twee typen solidariteit kon alleen ontstaan op basis van verplichte collectieve regelingen onder de hoede van de overheid. Mede doordat het een mix was van altruïsme en eigenbelang kende ons stelsel van sociale zekerheid een breed draagvlak.

Onder leiding van de VVD wordt dit collectieve stelsel nu afgebroken. Naar buiten toe wordt de brede invulling van het begrip sociale zekerheid niet van de hand gewezen, maar er wordt gezegd dat de verzekering tegen inkomensderving zonder echte problemen rustig aan de markt kan worden overgelaten. Voor de staat blijft zo uiteindelijk een kaal ministelsel over. De PvdA kiest verbaal wel stelling tegen deze ontwikkeling, maar gaat bij voortduring voor de liberale marktideologie door de knieën. De afbouw van de ziektewet is daarvan het laatste voorbeeld.

Risicoselectie

Tegen deze ontwikkeling naar een ministelsel zijn heel wat bezwaren in te brengen. Commerciële verzekeraars streven altijd naar optimalisering van het verzekeringsbestand met minimalisering van slechte risico's, die dan òf onverzekerd blijven òf zich kunnen verzekeren tegen extreem hoge premies. Privatisering houdt altijd negatieve risicoselectie in. Bovendien is een sterk geprivatiseerd ministelsel in het algemeen duurder en inefficiënter. De dichting van het WAO-gat is daarvan een goed voorbeeld.

Een breed stelsel van sociale zekerheid met ook bovenminimale zekerheid is van groot belang voor een goede ontwikkeling van de economie. Arbeidsmobiliteit van werknemers wordt erdoor vergroot, omdat de sociale zekerheid het ontslag- en inkomensrisico afdekt, de motivatie van werknemers stimuleert, de kwaliteit van de individuele werknemer verbetert en zo de arbeidsproduktiviteit bevordert.

Een uitgebreide verzorgingsstaat heeft ook een stabiliserend effect op de conjunctuur door de continuïteit van inkomens en consumptieve uitgaven. En een hoge collectieve-lastendruk zorgt niet alleen voor veel publieke voorzieningen, maar geeft daardoor ook belangrijke impulsen tot vernieuwing van het produktieproces, zoals door de Amsterdamse hoogleraar Kleinknecht bij herhaling is aangetoond. Het zou dus meer dan verstandig zijn om niet langer te spreken over collectieve lasten, maar wel over collectieve lusten!

Coalitie

Het belangrijkste bezwaar tegen de VVD-ideologie, tegen een grotendeels geprivatiseerd ministelsel is, dat de historische coalitie van arbeidersklasse en middengroepen, waarop ons brede stelsel van sociale zekerheid berust, ontbonden wordt, waardoor allerlei vormen van sociale tweedeling worden verscherpt en arbeidsonrust op den duur de economie zal gaan schaden. In een breed stelsel van sociale zekerheid worden het altruïsme en de betalingsbereidheid van de burgers gestimuleerd en wordt de solidariteit administratief verankerd. “In een ministelsel kalft het maatschappelijk draagvlak voor de beide vormen van solidariteit af”, zegt Henk Krijnen in zijn voortreffelijke artikel 'Een politiek antwoord op het ministelsel' (Het zekere voor het onzekere, red. Henk Krijnen, uitgave Wetenschappelijk bureau GroenLinks).

De ontwikkelingen in Engeland en Amerika bewijzen dit. In die landen is de verzorgingsstaat gericht op het garanderen van een sociaal minimum en is de overheidsbemoeienis met bovenminimale uitkeringen minimaal. Het gevolg is dat de middenklasse nooit belang heeft gehad bij de verzorgingsstaat. De Republikeinen in de Verenigde Staten doen net als de VVD in ons land een beroep op het eigenbelang. Zij roepen in Amerika en in ons land de kiezer op zelf te berekenen wat de aantasting van de sociale zekerheid hem of haar kost en wat de verlaging van de belasting hem of haar oplevert. Omdat in een ministelsel veel regelingen alleen voor de allerarmsten bedoeld zijn, kan de middenklasse de balans makkelijk opmaken.

De Amerikaanse econoom John Kenneth Galbraith heeft herhaaldelijk tegen deze ontwikkeling gewaarschuwd en West-Europa geprezen voor zijn brede stelsels van sociale zekerheid. Naar hem wordt niet geluisterd.

Amerikaanse toestanden zullen in onze liberale, moderne nachtwakerstaat werkelijkheid worden. Absolute armoe, verpaupering, uitsluiting van grote groepen in onze samenleving en gettovorming zullen dank zij het liberale geloof in de vrije-markteconomie in de komende eeuw ook in ons land een gewoon verschijnsel zijn.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden