Op leemkachels kun je zitten, liggen en hangen. Hun warmte is gezond en milieuvriendelijk. En je mag ze nog zelf ontwerpen ook.

Bij de intrede van de centrale verwarming zijn kachels uit de gratie geraakt. Een kachel is bewerkelijk en onpraktisch. De kamer waarin hij brandt is warm, de rest van het huis blijft steenkoud. Vandaar dat we denken dat kachels achterhaald zijn en ouderwets.

Maar vergis u niet: het zou best kunnen dat onze cv haar langste tijd gehad heeft, en dat de kachel terugkeert. En dan hebben we het niet over een brok gietijzer met een beroet ruitje waarachter vuur brandt. Dan hebben we het over kachels van speksteen of van leem. Kachels met stralingswarmte die je, als je je ogen dichtdoet, het gevoel geven dat je op een tropisch strand ligt.

Zulke kachels worden gemaakt door Roland Voppel. Jaren geleden leerde een Finse kachelbouwer hem hoe hij kachels van baksteen en speksteen moest bouwen. Zodra Voppel dat in de vingers had, bedacht hij dat het ook mogelijk moest zijn kachels van leem te maken. De vuurgangen metselde hij van vuurvaste chamottestenen. „Zij vormen het hart van de kachel”, zegt hij. „Daaromheen bouw ik de kachel met leemstenen. Leem is heel makkelijk te bewerken, je kunt het bijna boetseren. Door die stenen te hakken, te zagen en te raspen kan ik elke vorm maken die ik wil. Of die de klant wil. Elke keer sta ik weer verbaasd hoe de kachel eruitziet als hij af is.” Zodra de kachel de gewenste vorm heeft, wordt hij gestuukt en geverfd.

De vorm van de stenen bepaalt de vorm van de kachel. Daardoor is elke kachel weer anders. Groot of klein, strak of organisch gevormd, spierwit of gekleurd: alles kan. Er kunnen zelfs ornamenten in verwerkt worden. Voppel wijst op een grote kei aan de voet van een van zijn eigen kachels. „Deze zwerfkei lag onder de grond, bij de verbouwing van ons huis kwam hij tevoorschijn. Ik heb hem in de kachel ingemetseld.” Zijn klanten vinden dat ook leuk, vertelt hij. Iedereen heeft ergens wel iets liggen waar hij een bepaalde herinnering aan heeft. „Het moet alleen niet al te tuttig worden.”

De leemkachels zijn niet alleen mooi, ze zijn ook gezond. En dat kun je van de luchtverwarming in onze huizen niet zeggen, beweert Voppel. „Bij het plafond is het 25 graden, in het midden van de kamer is het 20 graden en op de vloer maar 15. Het hoofd wordt heet en de voeten blijven koud. Het is gebakken lucht die rondgestuurd wordt, en dat veroorzaakt stof en onrust.” Elk huis, maar ook elk ziekenhuis, bejaardenhuis en school zou stralingswarmte moeten hebben, vindt hij. „Stralingswarmte is de gezondste en lekkerste warmte die er is.”

Zijn kachels werken volgens het Finse tegenstroomprincipe. „De rookgassen gaan naar boven, naar beneden en naar buiten. Omdat de rookgassen omlaag gaan koelen ze snel af en geven daarbij warmte af aan de kachel, die zich als een spons volzuigt met warmte. Daarom kun je er een bank op aanleggen.”

Behalve gezond zijn de leemkachels ook milieuvriendelijk. „Een gesloten verbranding, met een dichte deur, is de vriendelijkste houtverbranding”, zegt Voppel. „Negentig procent van de warmte blijft binnen en het milieu krijgt slechts 10 procent ’cadeau’. Het is zelfs milieuvriendelijker dan gas cv-kachels. Want fossiele brandstoffen raken op, maar hout niet. Zolang je er tenminste voor zorgt dat er overal bomen worden bijgeplant.”

Veel hout is er trouwens niet voor nodig. Een uurtje stoken per dag is voldoende, de rest van de dag blijft de kachel voldoende warmte afgeven. Kleine kachels moeten twee keer per dag worden gestookt.

Voppel bouwt ook kachels die als trap dienen naar de bovenverdieping: heel centraal en daardoor ideaal. Koken en bakken op een leemkachel kan ook. In de muur die de woonkamer met de keuken verbindt, wordt een kachel gebouwd, zodat er aan de ene kant een kachel staat en aan de andere kant een fornuis. Vijf minuten voordat je gaat koken, steek je het vuur aan. Dat vraagt enige ervaring maar, zegt Voppels vrouw Esther, na een week kun je het.

Hebben leemkachels alleen maar voordelen? Nee, zegt Voppel eerlijk, er zitten ook enkele nadelen aan. Een leemkachel kan niet worden verhuisd – als je hem kwijt wilt zul je hem moeten slopen. Een nadeel is ook dat je het regelmatig stoken in je leven moet inpassen en dat je moet zorgen dat je altijd goed, droog hout in huis hebt. En een keer per jaar moet de as worden opgeruimd. Maar zeg nou zelf: dat weegt toch niet op tegen de voordelen?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden