Review

Op het nipst van het nu

Frans Kuipers hebben we uit zijn twee eerdere dichtbundels leren kennen als iemand die graag bos en beemd opzoekt en dan mag lopen of liever nog liggen dromen over onder meer de veelvormigheid der wolken en vluchtigheid van de wind. In wereldverzaking en levensblije onthaasting doet hij beslist niet onder voor positivo's pur sang als Peter van Lier en Mark Boog.

Let wel: die soms mierzoete levensblijheid is een fenomeen in de poëzie. Kuipers is natuurlijk niet zo naïef dat hij de vluchtigheid ook dáár weer van niet doorziet. Hij is zich in zijn nieuwste bundel 'Antjes lied en andere gedichten' wel degelijk bewust van de tweespalt tussen droom en werkelijkheid. Zo maakt hij zich in een 'vreemdmooi' decor van 'de wolk-omsluierde, / lapislazuliblauwe aardbol' een voorstelling van zijn utopia: ,,Het is zo'n foetusfijn dageraadsverhaal / in de moederbuik''. Maar de tweede strofe van het betreffende gedicht zet dan dreigend in met ,,Het is zo vaak een slager aan het hoofd van de kudde''. De derde strofe is juist weer een 'lievewildewereld in de warme wondersponde / van minnaars en beminden': ,,het is zo van honingdruipend goed / bij je minnenachtelijk bloeiende bloem van bloed''. De voorstelling is zo hyperbolisch levensblij, ook wat de rare woordvormingen ('minnenachtelijk') en de overmatige binnenrijmen betreft, dat de kwellende kortstondigheid ervan bijna niet uit kan blijven. Strofe vier zet het positieve en negatieve dan ook scherp tegenover elkaar: ,,Het is in mij zo'n rare, niet te rijmen ratatouille / van vergeetmenietblauw en grafsteengrauw''.

De dichter mag dan opgewekt lanterfanten en 'wolkenherders hemellicht' aanbidden, ons verleiden met neologismen als 'kusvlug' en 'immerminne', maar hij heeft ook weet van die andere wereld: ,,Boven vuilnisbelten krijsen meeuwen. / Door lijkkistwanden breken zich boomwortels baan''. En toch overheerst het vrij en blije Wanderer-gevoel: de wei, de boterbloemen, de wind 'op de grasharp spelend', waar het goed uitrusten is onder het zondempende, goudbespikkelde lover. Waarom? Omdat Kuipers (en dat geldt in iets ander verband ook voor de genoemde Peter van Lier en Mark Boog) kennelijk lijkt te vinden dat de ratio, de exhibitionistische ver-ikking en de overtechnocratisering ons te ver hebben doen afdrijven van onze levensbron.

Die levensbron legt hij nogal komisch bloot in de eerste reeks van de bundel, 'Vught revisited'. In Vught slaakte de dichter zijn 'borelingskreet'. Die plaats is voor hem echter niet essentieel: ,,Meer nog dan van plaats van geboorte Vught / ben ik van de veel kleinere / plaats van geboorte vagina''. Dit is bij alle schijnbare vanzelfsprekendheid toch een niet eerder gehoorde of gelezen trouvaille. Niet Vught, de geboorteplaats met haar 'grenzen wetten regels, / van kerken terpen regen mist', maar de vagina is de bron van het menszijn. ,,Maar door het plaatsje / vagina ben ik [...] / een opgedrumde, een sterveling / (een gedingvaarde, een duisterling) /...// een kind van de aarde /...// delend met al wat verwekt is / hartsopgang en -ondergang, / het avontuur van de reis''. Het is raar maar waar. Wij mensen delen de vagina als het wonderbaarlijke beginpunt van onze levensreis. Ik denk dat je deze visie, gekoppeld aan Kuipers neiging in poeticis om te flierefluiten in bos en weiland, de dag te plukken, evenals de liefde en het unieke moment, een soort postmoderne vruchtbaarheidsritus mag noemen. Het moment vieren, of in de woorden van deze dichter: ,,De wijze hij rijdt / op het nipst van het nu'', dat is het parool. Dat we tijdens onze levensreis voortdurend moeten optreden als 'dompteurs van spoken', want het leven is geen pretje, doet daar niets aan af. Het gaat om de intentie om dicht bij de bron te blijven en optimaal mens te zijn.

Vandaar, denk ik, het veelvoorkomende reismotief in deze gedichten. Een reis legt de unieke momenten nu eenmaal beter in ons geheugen vast dan de sleur van alledag. Vandaar ook het rebelse element dat je hier en daar aantreft, de bijna oubollige maar wel degelijk eigentijds te interpreteren voorkeur voor ,,mijn trouwe reisgezellen: / ladelichters, drinkebroers, / weggepeste puistenkoppen, / kwade rakkers, arme stakkers, / halve garen, hele raren''. Want alleen de onmaatschappelijken hebben nog wel oor voor de 'grasharp' en oog voor de 'grote wolkfregatten, zon-geënterd'. En bepaalde dichters natuurlijk.

Romantisch en regressief, deze moderne Wanderer-lyriek? Ik zou liever van een regressief anarchisme spreken, een hunkering van het brein om alles eens om te draaien en opnieuw te bezien. Of, zoals het in de derde en tevens slotreeks 'Antjes lied' heet, nadat Antje zich verbaasd heeft over de horden die zich 's morgens vroeg langs haar venster naar hun werk in plaats van naar een schaduwrijke boom spoeden:

'En wat denk ik bij mijn venstertje?

Ik denk: spel de vooruitgang eens achterstevoren!

Spoel de beelden eens terug in de schedels!

Rol al het asfalt op!

Neem het trottoir haar tegels af!

Zet op het rulle zand de wagens weer!

En span de paarden in!'

Een onschuldig gedachte-experiment, deze regels, want het asfalt wordt door al die uitroeptekens heus niet opgerold. Maar tegelijk een heel andere kijk op wat we gewoon zijn te zien. ,,Van wilde dromen / en wankel is mijn luchtkasteel'', schrijft Kuipers in een ander gedicht, nadat hij net in modern Nederlands vrij zorgvuldig uit Salomo's Hooglied heeft geciteerd. Om onmiddellijk daarna een zeer apocriefe Genesis te starten met: ,,In den beginne was Mazzel / en Mazzel was manus van heel het alles / en zonder Mazzel is niks''. Ik mag die apocriefe en andere hersenspinsels wel, alleen al omdat ze de stilte, het vluchtige en nauwelijks opgemerkte vieren in soms de 'augustusgoudste' bewoordingen. En dat is taal die je buiten de poëzie nooit tegenkomt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden