Op een dag zou ik professor worden David Pinto

Professor doctor David Pinto (Midelt, Marokko, leeftijd onbekend), grondlegger van het Inter-Cultureel Instituut, is voor de komende gemeenteraadsverkiezingen lijsttrekker van OMA Amsterdam.

I Gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben
"Als kind was ik erg religieus, een jongetje dat zich bijna letterlijk aan het allereerste gebod hield: Shiviti Adonai L'Negdi Tamid, ik heb God altijd voor ogen. Geen dingen zomaar doen, geen flauwekul uitkramen, maar ernstig psalmen reciteren, op straat, thuis, dag en nacht. Tot ik op een dag, toen ik al op een yeshiva in Meknes zat waar ik tot dayan - een rabbijn die recht spreekt - werd opgeleid, en ik zo'n beetje alle 613 ge- en verboden uit de Talmoed kende, ineens bedacht: zou het nou echt zo zijn? Zou God, de Schepper, die zó intelligent is, zich werkelijk bezighouden met wat al die mensjes hier op aarde doen? Of ze wel drie keer per dag bidden, al die wetten naleven en uit de juiste boeken lezen? Dat kon ik, van het ene op het andere moment, niet meer geloven."

II Gij zult u geen gesneden beeld maken noch enige gestalte van wat boven in de hemel, noch van wat beneden op de aarde, noch van wat in de wateren onder de aarde is
"Maimonides, de grote joodse geleerde uit de twaalfde eeuw, zei, vrij vertaald, dat wij mensen te klein, te beperkt zijn, om ons echt een voorstelling van God te kunnen maken. Dat is een beperking die we moeten accepteren. Zelfs het allermooiste - een muziekstuk, de rozentuin in het Vondelpark, een prachtig schilderij - komt niet in de buurt van het goddelijke. Wat God heeft geschapen, wat Hij ons gunt, is veel, véél meer dan dat."

III Gij zult de naam van de Here, uw God, niet ijdel gebruiken
"Ik onderwerp mij niet aan zo'n gebod. Als ik niet vloek, dan is dat uit fatsoen. Het is voor mij geen probleem als anderen Gods naam, of die van één van zijn profeten, ijdel gebruiken. Stel je voor dat iemand beweert dat Mozes een kinderverkrachter was, dan zijn er twee mogelijkheden: het klopt - dan houd ik mijn mond - of het klopt niet en dan zal ik bewijzen dat ik gelijk heb, maar ik zal nooit messen gaan trekken of boeken verbranden. Wat dat betreft hebben moslims nog een hoop te leren. Zolang moslims het niet kunnen verdragen dat er met hun geloof wordt gespot, hebben ze een groot probleem. En wij ook."

IV Gedenk de sabbatdag, dat gij die heiligt, zes dagen zult gij arbeiden en al uw werk doen; maar de zevende dag is de sabbat van de Here uw God, dan zult gij geen werk doen
"Af en toe vier ik sjabbes, en op grote Verzoendag ga ik naar sjoel, maar ik doe die dingen alleen vanwege de traditie. De joodse identiteit is heel belangrijk; dat heb ik mijn vier kinderen ook ingeprent. Het geeft stevigheid, zekerheid. Nederlandse joden doen daar altijd zo zuinigjes over. Wees trots! Ik geloof niet dat wij het uitverkoren volk zijn, maar één ding is zeker opvallend: joden zijn doorgaans behoorlijk intelligent. Er zijn zo'n veertien miljoen joden op aarde, dat is dus 0,02 procent van de wereldbevolking, en ga nu eens kijken hoeveel Nobelprijswinnaars dit volk heeft voortgebracht... Zo is het dus. Zigeuners zijn uitstekende muzikanten, zwarten hebben een geweldig gevoel voor ritme en joden kunnen het beste leren. Dat is empirisch aantoonbaar juist."

V Eer uw vader en uw moeder
"Ik heb mijn ouders op een schizofrene wijze geëerd. Mijn moeder kon het niet goed vinden met mijn vader. Slecht huwelijk, nooit uitgesproken, want scheiden, dat doe je niet.

Ze kregen dertien kinderen. Drie zijn er op jonge leeftijd gestorven, mijn oudste broer is een tijdje geleden doodgegaan. Mijn ouders waren analfabeet, maar mijn moeder was superslim, diplomatiek en gezegend met een groot analytisch denkvermogen. Mijn vader was het tegenovergestelde: hij was een soort Zorba de Griek, een sfeermaker die op geen enkel feest in het dorp mocht ontbreken. In haar ogen was wat hij deed plat, nikszeggend. Ik kon maar beter naar haar luisteren. En dat deed ik. Ik zat uren naast mijn moeder op een krukje en ik genoot van haar verhalen, iedere keer weer. Ze maakte echter één grote fout: ze heeft me ingepeperd hoe vreselijk, hoe waardeloos mijn vader was, waardoor ik op een nare afstand van hem kwam te staan.

Bij mijn oudste broer was het precies omgekeerd, hij was een vaderskind. Toen mijn moeder daar weer eens boos om was, zei mijn vader: 'Simcha, waarom doe je dit nou? Ik zeg er toch ook niets van dat David veel meer van jou houdt?'

Ik heb hem jaren gehaat, puur vanwege de verhalen van mijn moeder. Daar kwam pas verandering in toen ik mijn Nederlandse vrouw - van wie ik inmiddels ben gescheiden - meenam naar huis. Ze sprak de taal niet, maar begreep na één ontmoeting, door mijn ouders te observeren, dat er iets in de verhoudingen volkomen was scheefgegroeid. 'Je vader lijkt helemaal niet op de man die jij altijd hebt beschreven', zei ze, 'hij is juist heel erg lief'. En toen viel het muntje. Ik wist dat ze gelijk had, dat ik mij te veel door mijn moeder had laten meesleuren. Vanaf dat moment ben ik toenadering gaan zoeken, al ging dat niet altijd gemakkelijk. Mijn vader was geen prater.

Tegen het einde gebeurde er wel iets moois, iets wonderlijks. Hij lag al dagen doodziek op bed, zei niets, kon nauwelijks bewegen. Terwijl de familie even het dorp inging, bleef ik bij hem. Ineens vroeg hij, met heel veel liefde in zijn stem: 'David, zal ik koffie voor je maken?' Ik zei: 'O, abba, dat zou heerlijk zijn'. En hij maakte de lekkerste koffie ooit. Toen iedereen weer thuis was zei ik: 'Wat kan vader goed koffiezetten' en ze lachten me uit, omdat ze niet konden geloven dat hij nog tot zoiets in staat was geweest. De volgende ochtend vloog ik terug naar Nederland. Een dag later was mijn vader dood."

VI Gij zult niet doodslaan
"Ondanks het feit dat ik heb deelgenomen aan de Zesdaagse Oorlog (de oorlog die van 5 tot 10 juni 1967 werd uitgevochten tussen Israël en buurlanden Egypte, Syrië en Jordanië, AV) is mijn taak in het leger juist het tegenovergestelde van doden geweest: ik was hospik en moest ervoor zorgen dat de levens van gewonden - eigen mensen, maar ook vijanden - door een dokter gered konden worden.

Het was een rechtvaardige oorlog, ja, natuurlijk. Israël heeft het recht om zich te verdedigen. Als iemand dreigt mij te vermoorden zal ik altijd proberen hem voor te zijn. Ik geloof dat je beter meteen duidelijk kunt zijn en, als eerste, keihard moet toeslaan. Zo voorkom je uiteindelijk veel slachtoffers aan beide kanten. Zo'n infame club als Ander Joods Geluid - ik zeg altijd Ander Antisemitisch Joods Geluid - met hun 'begrip voor de Palestijnse situatie' en hun houding die a priori tégen Israël is... ik begrijp er niks van. Met zulke Joden heb je geen vijanden meer nodig. Je moet van de realiteit uitgaan: hier staan we en het is ondenkbaar dat de geschiedenis nog wordt teruggedraaid. Als je vanaf dit punt wilt onderhandelen, heb je aan mij een goeie, maar blijf niet steeds teruggrijpen naar het verleden. Ik erken dat de Palestijnen ook recht hebben op een stukje land - je mag van mij alles weg- of teruggeven, behalve Oost-Jeruzalem - en als er een internationale macht tussen Israël en Palestina in komt te staan moet het mogelijk zijn om als twee staten naast elkaar te bestaan.

Dat het conflict nog steeds niet is opgelost heeft volgens mij te maken met het feit dat de echte opiniemakers westerse Joden zijn. Die weten niet hoe Arabieren denken. Bibi Netanjahoe (de huidige premier van Israël groeide op in de Verenigde Staten, AV) is een slimme man, maar hij heeft er geen benul van hoe je met Arabieren moet omgaan. Daarom: alleen een Jood uit het Midden-Oosten kan daar vrede brengen. Je gaat ook geen Marokkaan vragen om een ruzie tussen Nederland en België te helpen oplossen."

VII Gij zult niet echtbreken
"Ik was in 1963 met mijn ouders vanuit Marokko naar Israël geëmigreerd. We kwamen met een groep leraren, overal vandaan, bij elkaar om een opleiding te volgen in Beersheba. Ik zag een dame, van achteren, sjouwend met twee koffers en ik zei tegen een medestudent uit Roemenië: 'Dat wordt mijn vrouw.' Terwijl ik al met iemand was. Maar ik wist het gewoon, zij was het, en het gebeurde: deze Nederlandse dame werd ook verliefd op mij, we trouwden en we kregen kinderen. De oudste werd in Israël geboren, de andere drie in Groningen. Een aantal jaren geleden begon het bekende 'uit elkaar groeien', de sprankeling verdween. We kregen eerst een soort weekendhuwelijk en uiteindelijk zijn we in februari 2010 officieel door een rabbijn gescheiden. We hebben gelukkig een uitstekend contact, we praten en lachen met elkaar, en als een van de kinderen sjabbes viert, komen we allebei langs.

Ik geloof nog steeds dat het klopte, dat zij de ware was, maar dat was tóen. Je gaat de relaties aan die voor jou op dit moment in je leven nodig zijn. Nu ben ik al anderhalf jaar met iemand - niet Joods, bloedmooi, nog geen dertig jaar oud - die in deze levensfase het beste in mij naar boven haalt. Als ik moet uitleggen dat zij niet mijn dochter maar mijn vriendin is, zie je mensen soms vreemd opkijken, maar dat kan mij niets schelen. Ik vind het onzin om mensen op hun leeftijd te beoordelen. Nee, ik weet écht niet hoe oud ik ben. Geboortes werden in die tijd, in dat dorp, gewoon niet geregistreerd. Ergens tussen de achttien en de tweeennegentig, wat kan het je schelen?

Mijn vriendin wil graag kinderen. Ik ben daar niet zo mee bezig. Als het gebeurt, is het goed. Als het niet gebeurt, is het ook goed. Het gaat zoals het gaat."

VIII Gij zult niet stelen
"Bij Bohn Stafleu van Lochum, de uitgever van een aantal van mijn boeken, werd een paar jaar geleden een heel geschrift bezorgd dat geschreven zou zijn door Adjiedj Bakas, directeur van trendcommunicatiebureau Dexter. Bij nadere bestudering bleek het om een exacte kopie van mijn werk te gaan. Toen mijn uitgever dreigde naar de rechter te stappen, zei Bakas: 'Sorry, het was een foutje van een van mijn stagiaires.' Het is heel eervol om in scripties genoemd te worden, of als iemand promoveert op een methode die door jou werd bedacht. Nee, een nog grotere eer: er wordt in Israël binnenkort een leerstoel opgericht, voor een studie waarin mijn werk centraal staat. Maar dit was natuurlijk regelrechte diefstal en daar houd ik helemaal niet van. Ik steel niet en ik wens ook niet bestolen te worden."

IX Gij zult geen valse getuigenissen spreken tegen uw naaste
"Alle oude politiek moet weg. Al dat gesjoemel met de waarheid: weg ermee. OMA, de gemeentelijke afdeling van de landelijke OPA-beweging, staat voor: Onbevreesd, Modern en Authentiek. We willen een einde maken aan de volksverlakkerij. Landelijk: hoe kan zo'n Plasterk, die een doodzonde heeft begaan door keihard te liegen over de Amerikaanse afluisterpraktijken, gewoon aanblijven als minister van binnenlandse zaken?

En lokaal: hoe is het mogelijk dat de PvdA'er Pieter Hilhorst - een middelmatige columnist van de Volkskrant die, zonder enige bestuurlijke ervaring, tot wethouder van Amsterdam werd geparachuteerd - de ene na de andere blunder maken en tóch op die plek in het college blijven zitten? Bizar. En weet je wat eigenlijk nóg gekker is? Dat er mensen zijn die ondanks alles op zo'n partij blijven stemmen. Zijn dat masochisten of zo?

Ik luister naar de kiezer, ik maak afspraken, ik schipper niet, nooit. Wat dat betreft zijn mensen zoals Pim Fortuyn (Pinto eindigde na Fortuyn op de tweede plaats bij de lijsttrekkersverkiezing voor Leefbaar Nederland in 2002, AV) en Geert Wilders mijn voorbeelden.

Wat Fortuyn deed, doet Wilders nu ook weer: hij brengt de politiek terug bij het volk. Hij luistert naar het ongenoegen. Wat zeggen jullie? Jullie zijn tegen de buitenlanders? Goed, die boodschap zal de PVV uitdragen. Dat is eerlijk. Het zal mij niets verbazen als Wilders bij de eerstvolgende landelijke verkiezingen de grootste wordt. Dat is precies de shocktherapie die Nederland nodig heeft. Voor alle duidelijkheid: ik ben het niet helemaal met hem eens. Wilders blijft zeggen dat religie het probleem van de immigranten is, maar dat ziet hij verkeerd. Voorbeeld: ik ben een jood uit Marokko, Job Cohen is een jood uit Nederland. Wij verschillen in ons doen en laten niet van een ander Marokkaanse-Nederlands koppel, maar Cohen is hier opgegroeid en ik in een achterlijk plattelandsdorpje in het Hoge Atlas-gebergte van Marokko: dáár zit het verschil. Het is dus geen botsing tussen islam en niet-islam, maar een botsing tussen moderne en pre-moderne waarden. Als Geert mij daar nou eens gelijk in gaf, zouden we in de toekomst wel eens een prachtige coalitie kunnen vormen."

X Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets dat van uw naaste is
"Toen ik in 1967 naar Nederland kwam, moest ik, ondanks al mijn diploma's, helemaal onderaan beginnen. Overdag werkte ik als schoonmaker in een ziekenhuis, 's avonds studeerde ik. Jarenlang heb ik ver, ver beneden mijn niveau gewerkt.

Toch was ik niet jaloers op mensen die met minder bagage verder leken te komen dan ik, omdat ik mezelf steeds voor ogen hield dat ik op een dag professor zou worden. Dat was mijn traject. Nee, geen geldingsdrang vanwege mijn afkomst, maar een drift, een heilig moeten, dat in mijn DNA ligt opgeslagen. Mijn orthodoxe moeder had overigens veel liever gezien dat ik rabbijn was geworden.

Op 1 oktober 1998 was het zo ver: ik werd benoemd tot hoogleraar Interculturele Communicatie bij de Universiteit van Amsterdam. Klaar. Doel bereikt. Sindsdien leef ik in extra tijd, ik geniet van elke dag. Alles wat komt is meegenomen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden