OP DOORREIS, OP WEG NAAR HUIS

Uitvaartondernemers moeten steeds meer inspelen op nieuwe wensen bij begrafenissen en crematies. Moslims, hindoes en creolen willen dat hun laatste gang ook in Nederland van de passende rituelen vergezeld gaat. Daarnaast hebben ook autochtone Nederlanders steeds vaker persoonlijke wensen. Een serie over nieuwe rituelen voor na de dood.

“Je hebt altijd mensen die hun eigen zin willen doordrijven”, zegt Abdoel Kurban, voorzitter van het moslimbegrafenisfonds Al-Firdaus, zuchtend. “Nou goed, het zal wel loslopen.” En inderdaad. Na enkele ogenblikken laten de mannen de kist met touwen langzaam in het graf zinken en beginnen zij vervolgens routineus plankjes boven de kist te stapelen. Een baardige man met een bruine topie op het hoofd zingt zacht een gebed. De aanwezigen volgen zwijgend. Tijdens de plechtigheid wordt het gezelschap rond het graf steeds groter. Mannen in witte djelaba's of gewoon in broek en overhemd komen met de handen op de rug aanwandelen om de begrafenis bij te wonen. “Ze zijn niet allemaal kennissen van de overledene, hoor”, fluistert Kurban. “Het is voor moslims goed gebruik om ook op begrafenissen te komen van mensen die ze nooit gezien hebben. Dan ben je een goed moslim. Hoe vaker je naar begrafenissen gaat, hoe hoger de plaats is die je in het paradijs krijgt toebedeeld.”

Voor vrouwen ligt dat anders, legt hij uit. De profeet heeft hen verboden op een kerkhof te komen. “Je weet het toch: vrouwen zijn zacht, gaan huilen en dan krijg je allerlei emotionele toestanden. En dat kan niet, al dat gekrijs en gegil.” Hij richt zijn aandacht weer op de kist waar de mannen één voor één zand op scheppen. Een kleurige sprei van felgekleurde slingers wordt zorgzaam over het graf gedrapeerd en de meegebrachte bloemen in de aarde gestoken. Een man pakt een grote groene gieter en besprenkelt ze met water. De plechtigheid is voorbij. De hele ceremonie heeft nauwelijks een half uur geduurd.

Kurban draait zich hoofdschuddend om. “Het was een autohandelaar”, zegt hij terwijl hij richting het kantoor loopt. “Een jonge jongen nog.” Met zijn collega's Djoemai en Madhar bespreekt hij de begrafenis nog even na. “Meestal worden Pakistaanse moslims in hun eigen land begraven”, legt hij uit. “Dit was eigenlijk een uitzondering omdat deze man in Engeland opgroeide en later in Nederland ging wonen, dus er is weinig binding met het land van herkomst.”

Zijn begrafenisfonds Al-Firdaus - 'Hoogste plaats in het Paradijs' - regelt alleen uitvaarten voor moslims die in Nederland begraven willen worden. Djoemai hoopt dat het fonds in de toekomst genoeg inkomsten heeft voor eigen rouwauto's. Nu moeten ze de wagens nog huren. Per jaar heeft hij een stuk of tien cliënten. “Dat is weinig voor een zesjarig bestaan”, beaamt hij, “maar we hebben het vertrouwen moeten winnen. In het verleden is een malafide verzekeringsbureautje van moslims er namelijk eens vandoor gegaan met het geld. En dat gaf veel problemen.” Hoewel de meeste begraafplaatsen in Nederland een apart gedeelte hebben voor moslims, bestaan er geen gespecialiseerde begraafplaatsen. Doorgaans wordt de moslim in de moskee opgebaard. Dan wordt er koffie en thee geschonken en bieden familieleden en vrienden elkaar troost. De vrouwen mogen daar wel bij aanwezig zijn. Emoties blijf je houden, vinden de mannen. “Misschien hebben ze er moeite mee dat ze niet naar de begrafenis mogen. Maar ze worden met die regels opgevoed, ze zijn het gewend.”

In de moskee wordt ook besloten of de overledene naar het land van herkomst wordt overgebracht of in Nederland wordt begraven. “Veel uit Suriname afkomstige moslims willen in Nederland begraven worden”, zegt Kurban. “Dat is weer anders voor Turken en Marokkanen, die gaan bijna altijd naar hun geboorteland terug. Maar wij houden ons vast aan de regels van de islam. Een moslim moet namelijk zo snel mogelijk begraven worden. Als iemand 's ochtens komt te overlijden, proberen we het lichaam in de middag al te begraven. We hebben bij de begrafenisondernemingen echt voor elkaar moeten boksen om dat ook in de weekeinden te kunnen doen.” Zijn collega Djoemai vult aan: “Het is ook erg kostbaar om begraven te worden in eigen land. Vooral als je aan de stevige kant bent. In het vliegtuig ga je tenslotte als vracht mee, en dat wordt per kilo gewogen.”

De mannen beginnen ongemakkelijk te giechelen. Dan betuigt Kurban tevreden dat zij de begraafplaats Rustoord in Diemen met zorg hebben uitgekozen. “Hier kun je een stukje grond kopen, de graven worden niet geruimd. Op de meeste begraafplaatsen is het toch pachtgrond wat er te krijgen is”, zegt hij zichtbaar rillend. “Stel dat je geen familie hebt, dan lichten ze je over tien jaar uit je graf, de botten worden op een hoop gegooid, vermalen. Dan is het toch beter om voor eeuwig een plekje te kopen.”

De koffie is op en hij kijkt eens terluiks op zijn horloge. “Ik denk dat de dode nu weer in rust is, hoor. De engelen zijn al geweest.” Bij de begrafenis had hij het uitgelegd. Als de laatste man die bij het graf gebeden heeft veertig stappen van het graf verwijderd is, komt de dode weer tot leven. Hij krijgt dan bezoek van de doodsengelen die hem zullen vragen: 'Wat is jouw God en wat is jouw geloof?' Als de dode de toets doorstaat, blijkt dat hij een goed moslim is geweest. Zijn graf wordt wijd en licht gemaakt en verandert in een tuin zodat de dode kan rusten in geluk. Maar indien de overledene het antwoord schuldig blijft, wordt hij gestraft. “Er gaan dan vreselijke dingen gebeuren”, zegt Kurban. “Zijn graf wordt nauw gemaakt en hij zal flink gemarteld worden tot de dag des oordeels is aangebroken.” Djoemai knikt. “Als je het zo hoort, zijn het net griezelverhalen, maar ze zijn toch heus niet zomaar uit de duim gezogen.”

Hoewel de Koran niets vermeldt over de toestand van de doden in de periode tussen dood en opstanding, zijn er honderden verhalen in omloop over wat de Profeet gezegd, gedaan of goedgekeurd zou hebben. De dag van opstanding wordt in de Koran echter in vele verzen beschreven: 'Op die dag zal de aarde beven, wat in haar is uitwerpen en in één klap vergruisd worden. De zeeën kolken, zon en maan worden samengevoegd. De levenden zullen sterven en de doden komen tevoorschijn'. Dan wordt de enorme massa mensen naar de verzamelplaats gedreven om met behulp van de boeken door Allah beoordeeld te worden. Iedereen, gelovige en ongelovige, moet over de sirat lopen, de brug die fijner is dan een haar en scherper dan het lemmet van een zwaard. De gelovigen zullen gemakkelijk naar de overkant lopen richting paradijs, maar de ongelovigen zullen van de brug tuimelen en in de hel terecht komen.

Net als de Bijbel beschrijft de Koran de zaligheden van het paradijs. Er zijn boomgaarden, rustbedden en verleidelijke rondborstige maagden die dranken schenken in bekers van kristal. Maar wie in de hel terechtkomt, krijgt het moelijk. Hij zal in het vuur braden en telkens als de huid gaar is, zal God die door een andere huid vervangen. “Iemand die slecht geleefd heeft, zal niet altijd in de hel hoeven te blijven”, zegt Kurban. “Na het uitzitten van zijn straf mag ook hij naar het paradijs. Maar dan moet je wel weten dat een dag in de hel vijftigduizend aardse jaren betekent. Kun je dus nagaan als je een straf van tien of vijftien jaar krijgt opgelegd.”

Hij lacht even en zegt dan opgewekt: “Maar voor ongelovigen is het nog erger, die zullen voor eeuwig in de hel moeten blijven. Ach, je moet het zo zien, we zijn maar reizigers op deze wereld. We krijgen de kans om zoveel mogelijk te vergaren. Niet in materiële, maar wel in geestelijke zin. En we zullen moeten leven zoals de profeet het wil. Een rechtgeaard moslim verlangt naar de dood, net als naar een cadeautje. Als je best hebt gedaan krijg je daar je beloning. Veel schapen, een prachtig huis. Daarom hoeven we om de doden ook niet te rouwen. We moeten juist blij zijn dat iemand verlost is. Hij is dan op doorreis, op weg naar huis.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden