’Op de dag van de verkiezingen ben ik ziek’

Vooral mensen op het platteland zijn vatbaar voor intimidatie, bang als zij zijn voor repercussies. (FOTO EPA) Beeld EPA
Vooral mensen op het platteland zijn vatbaar voor intimidatie, bang als zij zijn voor repercussies. (FOTO EPA)Beeld EPA

In haar tuin in een buitenwijk van Mandalay laat de gepensioneerde onderwijzeres Lydia haar gedachten gaan over de verkiezingen. „We hebben nauwelijks informatie over de kandidaten en de partijen, maar ik ga wel stemmen”, meldt ze stellig.

Met haar hand voor haar mond giechelt ze als een ondeugend meisje en zegt: „Stemmen is mijn recht en ik wil niet dat ’zij’ mijn stem gebruiken als ik thuis blijf.” Met ’zij’ bedoelt ze de militairen die in Burma de scepter zwaaien. Net als de meeste andere Burmezen heeft ze er voor de veiligheid een gewoonte van gemaakt het bewind niet bij de naam te noemen.

Maar verwachtingen heeft ze verder niet van haar gang naar de stembus. Ze beseft maar al te goed dat de door de militairen opgezette partij, de Union Solidarity and Development Party, in het restrictieve verkiezingsklimaat veel kaarten in handen heeft. „Het is zo anders dan tijdens de laatste verkiezingen van 1990.” Er komt een glinstering in haar ogen als ze vervolgt: „Toen stemde ik vanuit mijn hart op de partij van Aung San Suu Kyi.”

Onder hogeropgeleide Burmezen zoals Alice spelen al dagenlang discussies of ze wel of niet moeten gaan stemmen. Dat doen ze fluisterend of in de beslotenheid van hun huizen, want in de aanloop naar 7 november staan de oren en ogen van de junta extra op scherp. Een bestuurder van een organisatie die steun aan armen geeft, antwoordt op de vraag of hij gaat stemmen: „Die dag ben ik ziek.” Een studente in Rangoon die voor het eerst in haar leven naar de stembus kan, kiest voor een andere aanpak om haar afkeuring te laten blijken. „Ik zet door alle partijen op het biljet een groot kruis.”

De meeste Burmezen moeten ploeteren om rond te komen en ze hebben weinig tijd en interesse om zich te verdiepen in politiek, vertelt een monnik in een van de tientallen kloosters die Mandalay, het religieuze hart van Burma, rijk is. „Het proces is verwarrend voor ze. Er is nauwelijks informatie”, zegt hij. „Monniken zouden een belangrijke rol kunnen spelen bij de voorlichting, dat past bij onze rol in de gemeenschap. Maar dat is ons niet toegestaan.”

Volgens hem wil de regering sinds de protesten in 2007 de monniken en de bevolking zoveel mogelijk van elkaar gescheiden houden. Hij vertelt dat vooral mensen op het platteland vatbaar zijn voor intimidatie en dat ze bang zijn dat wegblijven van de stembus of stemmen op een onafhankelijke partij repercussies heeft.

Van verkiezingskoorts is niet echt sprake. Af en toe trekken auto’s met luidsprekers door de straten. In Rangoon en Mandalay hangen hier en daar wat verregende posters op de saikha’s, de fietstaxi’s, en langs de weg staan aanplakborden met namen van kandidaten. Op de meeste van deze posters prijkt de witte leeuw, het logo van de USDP.

Thu Wai, de tanige 78-jarige leider van de onafhankelijke Democratische Partij, deelt vanuit een stoffen tas huis aan huis pamfletten uit. „We kregen weinig tijd om ons voor te bereiden en we hebben niet genoeg geld”, zegt hij, met een ondertoon van gêne in zijn stem. De simpele manier waarop zijn partij opereert, is illustratief voor de achtergestelde positie die onafhankelijke partijen hebben in het proces.

Vanwege die ongelijkheid roepen oppositieleidster Aung San Suu Kyi en haar collega’s op tot een boycot. Ze hopen dat de verkiezingen door een lage opkomst niet rechtsgeldig zullen zijn. Maar tegenstanders van die aanpak zeggen dat de militairen zich daar weinig van aan zullen trekken en dat er gelegenheid genoeg is tot fraude en manipulatie van de resultaten. Iets is beter dan niets, menen ze.

„We moeten de gedachte loslaten dat het erom gaat om te winnen”, zegt een politiek analist die voorlichting over de verkiezingen geeft. „We kunnen de militairen en hun medestanders niet uitdagen in hun uitvoerende macht. Maar we hebben straks in het parlement wel enige invloed als controlerende macht en een inbreng in de wetgeving.”

Hij laat een logo op zijn laptop zien dat mensen oproept wel te stemmen: ’I Vote’, waarbij de V het vinkje op een stembiljet is. Het is ontworpen door een bekende politieke gevangene. Zo spelen zelfs achter de tralies de discussies over wel of niet naar de stembus gaan.

Aanhangers van de door de junta opgezette USDP delen pamfletten uit in Yangon. (FOTO EPA) Beeld EPA
Aanhangers van de door de junta opgezette USDP delen pamfletten uit in Yangon. (FOTO EPA)Beeld EPA
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden