Op de buitenplaatsen staan de hekken nu wijd open

Wandelpionier Jacobus Craandijk doorkruiste eind 19de eeuw heel Nederland. Zijn verre achterneef Flip van Doorn treedt in diens voetsporen, deze week in de omgeving van Hilversum.

Wandelen. Het lijkt zo eenvoudig, maar tot diep in de 19de eeuw is een verkwikkende wandeling een privilege. Slechts de elite kan het zich veroorloven romantische parkbossen aan te laten leggen en daar ongestoord te flaneren. Het gewone volk loopt veel, maar heeft geen tijd voor recreatie. Pas in de tijd van Jacobus Craandijk komt daarin voorzichtig verandering. In 1878 gaat de wandelende dominee naar het Gooi. "Waar heen? Natuurlijk naar 's-Graveland. Dat doet ieder bezoeker, en al is 't niet altijd raadzaam het vastgestelde toeristengebruik te volgen, hier is geen reden, om anders te doen dan iedereen." Zoals 'ieder bezoeker' wil hij de roemruchte buitenplaatsen van 's-Graveland bezoeken. Maar van het 'moderne, geele huis' Schaep en Burgh krijgt hij slechts de gevel, het voorplein en een 'hooge beukenhaag' te zien. Ook de andere buitens en hun landschapsparken blijven voor hem gesloten, zijn goede naam en reputatie ten spijt. Alleen op Trompenburg wordt hem 'de bezigtiging van het inwendige' welwillend toegestaan door de bewoonster die het buiten in huur heeft. Hij vergaapt zich aan het interieur, de portretten, de allegorische voorstellingen van het huis waar ooit 'de fiere vlootvoogd' Cornelis Tromp 'het overschot van zijn leven, met eer en goud overladen' in ruste mocht doorbrengen.

Zo goed als nieuw is het station van Hilversum als Craandijk er op een zomerdag aankomt. Het gebouw is duidelijk op de groei gebouwd en staat aan de rand van het dorp. Een Goois boerendorp met ambitie, stelt de wandelende predikant tevreden vast: het heeft "alles, wat in een kleine stad kan worden verlangd en veel bovendien, wat in menig groote gemist wordt". Hij verbaast zich over de vele ezels op de Brink, sommige beladen met koperen melkkannen. En dat op de stoep bij smid Spijker. De zoons van de smid zullen luttele jaren later aan de wieg staan van het beroemde automerk Spyker.

Hilversum heeft zich sinds de passage van Craandijk heel wat moeten laten welgevallen. In eerste instantie herinneren alleen straatnamen aan 'het vrolijke hoofddorp van Gooiland' waar de dominee doorheen wandelde. Oude Doelen, Noordse Bosje, Wagenmakersplein: onherkenbaar verhedendaagst liggen ze in de schaduw van de al dan niet overdekte winkelstraten die nu het hart van het te snel verstedelijkte dorp domineren. Op de heringerichte Kerkbrink doen de hervormde kerk, het oude raadhuis en de Spijkerpandjes een dappere poging een sprankeltje van de sfeer van vroeger tegenover de overdaad aan nieuwbouw te stellen. Het 'oudste en meest bekende hotel' heeft echter moeten wijken, evenals 'de statige linden op zijn veelbezocht voorplein'.

Achter het oude raadhuis, nu Museum Hilversum, glip ik een steegje in dat leidt naar een ommuurde tuin. De beuken van Gedenkt te Sterven zijn oud genoeg om hem te hebben zien passeren, maar Craandijk rept met geen woord over de begraafplaats. Grafschriften, voor zover leesbaar, vermelden jaartallen als 1885, 1888 en 1890. De meeste graven zijn echter geruimd en de oude hof is veranderd in een sereen stadspark. Over de Boomberg voert aansluitend een heus 19de-eeuws wandelpark naar de rand van het Corversbos. Ik vermoed dat het in 1878 niet mogelijk was vanuit het Corversbos naar 's-Graveland te wandelen, anders had Craandijk dat beslist gedaan. En dat is een groot verschil tussen zijn tijd en de onze. Sinds de invoering van de Natuurschoonwet in 1928 zijn veel buitenplaatsen opengesteld voor wandelaars. Het in Engelse landschapsstijl aangelegde parkbos van Gooilust, het kleine sterrenbos en de siertuin, niemand verspert mij er de pas. Natuurmonumenten beheert het overvloedige groen, net als op de buitens Schaep en Burgh, Hilverbeek, Spanderswoud en Boekesteyn. Zo lang ik op de paden blijf, kan ik er vrij ronddwalen. Het zou Craandijk buitengewoon tevreden hebben gesteld.

Tegenover al deze wandelweelde staat een bijzonder kleine kans dat de huidige bewoners ook mij welwillend zullen toestaan het interieur van Trompenburgh te bezichtigen. Ik stel mij tevreden met een blik op de beelden in de nissen onder de koepelzaal en op de vergulde windvaan, een vol getuigd oorlogsschip, op het dak.

De 's-Gravelandse landgoederen krijgen rugdekking van het Spanderswoud. Een groot deel van de 'onafzienbare heide' die Craandijk aan de andere kant van het woud aantrof, is inmiddels bebost. Een spoorwegemplacement en een doorgaande autoweg maakten er de aanleg van het grootste ecoduct ter wereld noodzakelijk. Aan de andere kant daarvan wijzen stenen paaltjes me naar het Voetstappenpad, in 1938 een van de eerste gemarkeerde wandelpaden van Nederland. Bij de Aardjesberg stuit ik op een enorme zwerfkei. Al staat hij niet meer rechtop in een kuil die wordt omringd door een kring van berken, het moet toch dezelfde 'zware steen' zijn die Craandijk er aantrof. De heide bloeit even uitbundig als toen de dominee hier wandelde. En vanuit de verte bezien is het vrolijke hoofddorp van Gooiland nog bijna net zo mooi: "Op den achtergrond sluiten de huizen en boomen van Hilversum het uitzigt, daar rijzen de beide torens op, en blinken de witte villa's tusschen 't groen."

Dit is aflevering vier in een achtdelige serie voor Zomertijd. Kijk voor de uitgebreide routebeschrijving en het routekaartje op www.jacobuscraandijk.nl.

Wandelpionier

Tussen 1874 en 1888 trekt Jacobus Craandijk te voet door Nederland. In zwierige stijl beschrijft hij zijn tochten en de acht delen van zijn 'Wandelingen door Nederland met pen en potlood' worden een standaardwerk voor wandelliefhebbers. Als reisjournalist en -auteur Flip van Doorn ontdekt dat Craandijk een verre oudoom van hem is, verdiept hij zich in het oeuvre van 'de wandelende dominee' en belandt daarmee in een tijd waarin de wandelsport nog in de kinderschoenen staat. Craandijk blijkt de oudoom van alle wandelaars.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden