Regina in 1938 in de kinderwagen, met haar moeder en broertjes en zusje.

Tweede WereldoorlogBerlijn

Op 20 april 1945 veroverden de Sovjets Berlijn. Regina (82) begon haar leven in de bunkers

Regina in 1938 in de kinderwagen, met haar moeder en broertjes en zusje.

Het is maandag precies 75 jaar geleden dat de Sovjets Berlijn veroverden. Regina Schwenke (82) is op dat moment zeven jaar oud en woont dan al bijna haar hele jonge leven in bunkers. ‘Wie zelf bommen heeft horen vallen, kan beter vertellen dan historici’.

Als drumstokjes op een trommel valt het dak van de brandende Nikodemuskerk in Berlijn op de grond, boven de kelder waar de familie Schwenke schuilt voor de bommen van de geallieerden. Regina is dan zeven jaar oud, maar ze kan zich tot op de dag van vandaag precies herinneren hoe gloeiend hete brokstukken uit het plafond vallen en hoe de mensen zich huilend uit de kelder worstelen. Sommigen worden dodelijk getroffen, de moeder van Regina en haar vijf jonge kinderen lukt het heelhuids naar buiten te komen.

Het is vroeg in de ochtend als ze uit die kelder komen. Omdat het bommen blijft regenen op de stad moeten ze zo snel mogelijk een veilige plek vinden. Moeder besluit dat dat de Christophoruskerk is, waar zij de pater kent. Broer Jürgen en haar gehandicapte zus Rita – de twee oudsten – gaan hand in hand voorop, dan volgen Regina en zus Angela, achteraan moeder met baby Michael. Met paniek in haar stem roept moeder: “Kijk niet naar rechts of links en wat je ook doet, kijk niet naar boven!”, herinnert Regina zich.

Ze overleven die nacht in Berlijn, net als al die andere eindeloze nachten in de vijf jaar oorlog ervoor, waarin de vliegtuigen laag overvliegen. Op de Britse radio hebben ze al gehoord dat het einde van de oorlog in zicht is. Na de brand boven hun schuilplaats brengen ze de laatste weken door in de kelder van hun huis. Eigenlijk is die niet meer veilig sinds het gedeeltelijk instortte bij een bombardement. Buren en speelkameraden werden begraven onder het puin. Toch besluit moeder: “Als we moeten sterven, dan doen we dat hier, samen.”

Vijfenzeventig jaar later staat de nu 82-jarige Regina Schwenke voor een klaslokaal van de Berliner Unterwelten, een onderzoeksorganisatie die ook cursussen organiseert over de Tweede Wereldoorlog in Berlijn. Even leek het erop dat haar lezing niet door kon gaan vanwege de coronacrisis, maar daar wilde ze absoluut niets van weten: “Het was allemaal erger in de oorlog”, e-mailde ze de organisatie resoluut. Schwenke vindt het belangrijk om haar verhaal te blijven vertellen, als een van de ooggetuigen die nog in leven is. Wie zelf de bommen heeft horen vallen, kan beter vertellen dan historici, vindt Regina.

Kolenkelder met waterratten

Ze wordt geboren op de eerste dag van 1938 en vanaf het moment dat de oorlog in september het jaar erop begint, speelt haar jeugd zich voor een groot deel af in verschillende bunkers. Ze herinnert zich nog precies hoe de kolenkelder­­ onder het huis rook (muf) en hoe het er klonk: er was geritsel, de hele nacht, van de waterratten die ondergronds nestelden. De kinderen lagen op matrasjes op de grond, terwijl­­ de vrouwen dronken, rookten en kaartten­­, in een poging afleiding te vinden van de harde knallen buiten.

Nadat de kelder onbruikbaar is geworden door een bombardement, wordt via de katholieke kerk een nieuwe schuilplek gezocht. Ze krijgen een kamer in de Fichtebunker, wat eerder een gashouder was dan een versterkte schuilplaats voor zesduizend vrouwen en kinderen. Voor een gezin dat fel tegen het nationaal-socialisme was en ook Joodse onderduikers had, is het een benauwde plek. Jongens van de Hitlerjeugd nemen de taken over van hun vaders en oudere broers, die aan het front vechten. Op strenge wijze dwingen ze orde af in de bunker. Meisjes van de Bund Deutscher Mädel leren de kinderen lezen met boekjes over Adolf Hitler.

Als het einde van de oorlog nadert, besluit moeder dan ook niet meer naar de bunker te gaan, uit angst dat het gezin ook als nationaal-socialistisch zal worden gezien door de geallieerden. Toch zoeken steeds meer gezinnen naar veiligheid in de bunker als de luchtaanvallen steeds heviger worden. Op het einde van de oorlog zitten zestigduizend mensen dagenlang opeengepakt in de schuilplek.

Soldaten van het Rode Leger hijsen op 2 mei 1945 de Sovjetvlag boven de Rijksdag in Berlijn.Beeld AFP

Het luchtalarm gaat dan al niet meer af, de aanvallen kunnen ieder moment komen. Het is afwachten tot de Sovjettroepen binnenvallen met hun pantserwagens. Aan de radio gekluisterd volgt de familie Schwenke de gebeurtenissen samen met de buren. Die radio speelt dan allang geen opgewekte volksliederen meer. Berichten over frontlocaties worden afgewisseld met oproepen aan iedereen die nog een wapen kan dragen: verdedig de stad.

“De mensen zijn de kelders dagenlang niet uitgekomen toen de straatgevechten begonnen”, vertelt Wolfram Sieber. Sieber organiseert rondleidingen door stadsdeel Mitte, over de geschiedenis die verborgen ligt onder het kantoorparadijs dat werd opgetrokken uit de ruïnes van de Tweede Wereldoorlog. Onder zijn arm draagt hij een boek vol foto’s, om te laten zien hoe het er hier ooit uitzag, voordat alles werd weggevaagd door bommen.

Tijdens het Pruisische rijk stonden in dit deel van de stad grote villa’s van de adel, aan de rand van het jachtgebied dat nu het park Tiergarten is. Aan het einde van de negentiende eeuw werden die villa’s omgetoverd tot ministeries. Daaronder bouwde het regime van Hitler een uitgebreid bunkersysteem, als bescherming tegen luchtaanvallen, waar er 363 van zouden volgen. Hier was ook de Führerbunker, waar Hitler zijn laatste weken in doorbracht.

Poging tot wapenstilstand

De laatste uren van de oorlog spelen zich daar af. De Sovjets vechten zich door de stad heen tot ze een gebied van 2 bij 3 kilometer hebben omcirkeld, daar waar de ministeries stonden. Hier bevinden zich nog veel trouwe aanhangers van het regime en ambtenaren die bij de ministeries werken. “Sommigen probeerden door de linie van het Rode Leger te breken, maar dat is bijna niemand gelukt.”

Sieber stopt langs een weg waar nog een deel van de latere Muur te zien is en het museum Topografie des Terrors, dat de misdaden van de nazi’s heeft gedocumenteerd. Op deze plek, vertelt Sieber, probeerde propagandaminister Joseph Goebbels nog een poging tot een wapenstilstand te doen, de dag nadat­­ Hitler zelfmoord pleegde. “Hier werd geprobeerd een telefoonverbinding aan te leggen om de Sovjets te bereiken”, zegt hij. Toen dat niet lukte pleegden ook Goebbels en zijn vrouw met hun kinderen zelfmoord in de Führerbunker.

De overige vertrouwelingen van het regime die nog in de Führerbunker zijn, proberen te vluchten, via een deur naar boven en door de gangen van de oude Rijkskanselarij. Die residentie van Hitler is na de oorlog gesloopt, nu zit er een crèche en op de hoek een Chinees restaurant, in een mistroostig DDR-gebouw. Daarnaast laat Sieber zien: “Hier kwamen ze uit de grond, ze keken om zich heen of ze beschoten zouden kunnen worden en sprongen daar zo het metrostation in.”

Via de ondergrondse proberen ze de stad uit te komen, maar ver komen ze niet. Allen worden gevangen genomen door het Rode Leger of gedood bij hun ontsnappingspoging.

De val van Berlijn

Op 20 april 1945 staan de Sovjets aan de rand van Berlijn, klaar om de stad onder vuur te nemen. Vier dagen eerder stak het Rode Leger de Oder-rivier over, op 60 kilometer afstand van Berlijn. Daarna ontstaat een grote strijd bij de Seelower Höhen, de laatste grote verdedigingslinie van de Duitsers. Met grote verliezen breekt het Rode Leger door die verdediging heen en wordt het duidelijk dat Berlijn snel ten val komt. De laatste Duitse troepen die de stad te hulp zouden schieten, vluchten naar de Amerikanen in het westen van het land, omdat ze geloven dat hen daar een humanere gevangenschap te wachten staat. 

Berlijn staat er dan alleen voor, terwijl Sovjettroepen de stad omcirkelen en insluiten. Sommige militairen proberen nog te ontsnappen via de metrotunnels. Anderen verdedigen tot op het laatst de ministeries en de bunkers, waar Hitler en hoge functionarissen de laatste dagen van de oorlog in doorbrengen. Als Hitler op 30 april zelfmoord pleegt, onderneemt propagandaminister Joseph Goebbels nog een laatste poging een wapenstilstand te sluiten. Als dat niet lukt, plegen ook hij en zijn gezin zelfmoord, waarna Hitlers opvolger Karl Dönitz zich overgeeft en de Tweede Wereldoorlog tot een einde komt.

Er is grote angst om in handen te vallen van de Sovjets. Ook onder burgers. Propagandaminister Goebbels had vaak gewaarschuwd wat er zou gebeuren als het Rode Leger de stad aan zou vallen en had stereotypes gecreëerd van de vijand. “Vrouwen waren ontzettend bang voor het Sovjetleger, alle propaganda had hen doen denken dat de Russen primitief en dierlijk zijn”,  zegt historica Miriam Gebhardt. Maar ook de Sovjetsoldaten hebben door propaganda hun eigen stereotype beelden over Duitsers. “De soldaten dachten bijvoorbeeld dat Duitse vrouwen immoreel en rijk waren. Dat zij alles hadden, in tegenstelling tot Russische vrouwen, die niets hadden, die lijdden.”

Dat zou volgens Gebhardt een rol kunnen hebben gespeeld bij de verkrachtingen van Duitse vrouwen aan het einde van de Tweede Wereld. Volgens haar eigen berekeningen zouden zeker 860.000 vrouwen dit seksuele geweld hebben meegemaakt, volgens sommige schattingen ligt dit aantal nog hoger. Het onderzoek van Gebhardt toonde aan dat niet alleen Sovjetsoldaten daders waren, maar ook veel Amerikaanse, Britse en Franse militairen.

Bedelen bij de Russische soldaten

In Berlijn zijn het de Sovjets die de stad onder controle hebben, tot de komst van de Amerikanen en Britten eind augustus. In die tijd hebben Duitse burgers het zwaar: er is honger, nauwelijks schoon water en de huizen zijn ruïnes­­. Kinderen als Regina gaan de straat op om eten te bedelen bij de Russische soldaten, die in grote pannen op straat koken. Volwassenen worden met de loop van een geweer weggehouden, herinnert Regina zich, maar kinderen mogen wel met hen mee-eten.

In haar beleving sluit Regina vriendschap met twee Russische militairen. Ze leert tijdens de maaltijden wat Russische woorden. Ze probeert hen duidelijk maken dat ze thuis geen eten hebben, want vader is nog altijd weg van huis. Die dag gaan de Russen met een zak vol levensmiddelen met haar mee naar huis, maar als moeder hen aan ziet komen, rent ze hard weg naar het huis van haar ouders. Onbegrijpelijk voor de kleine Regina, die zo haar best had gedaan om voor eten te zorgen.

Als de Russen weer weggaan, komt moeder terug. Ze barricadeert de deuren en luistert gespannen bij het balkon, de kinderen in stilte achter haar. Om negen uur ’s avonds komen de twee mannen weer terug, lopen eindeloos heen en weer en gaan pas weg als ze tientallen sigaretten hebben gerookt. Pas dan snapt Regina dat er gevaar is. Moeder blijft de hele nacht wakker en schrikt bij elk geluid. Naast haar op de grond liggen twee zware braadpannen.

De meeste vrouwen hebben over het seksuele geweld nooit gesproken. “In die tijd was het niet iets politiek, er was geen feministische beweging die zich hierover kon uitspreken”, zegt Gebhardt. “Het was een schaamtevolle gebeurtenis en vrouwen probeerden het te verbergen. Alleen als ze een kind kregen, waren ze gedwongen erover te spreken.”

Toch weten Regina’s moeder en tantes dat het velen is overkomen. Regina sprak er met hen over toen ze haar hielpen met haar boek over haar jeugd in de oorlog. Uit dat boek komt veel liefde naar voren voor haar moeder, die op eigen kracht haar kinderen door de oorlog loodst. “Ik ben haar tot op de dag van vandaag dankbaar”, e-mailt ze nog na de cursus.

Lees ook:

Sovjets baanden weg naar de overwinning

D-Day was van groot belang voor de bevrijding van Europa, maar de oorlog was al in 1943 aan het Oostfront beslist, stelt historicus Reinier Meijering.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden