Oost-Oekraïne: elke dag beschietingen

rondreis | reportage | De oorlog in Oost-Oekraïne is geëvolueerd van georkestreerd conflict naar uitzichtloze loopgravenoorlog. Elke oplossing die is bedacht aan de onderhandelingstafel, is mislukt. Onze correspondent reist langs de frontlinie en beschrijft de wanhoop en het groeiende wantrouwen.

Voor de derde achtereenvolgende winter is het oorlog in Oost-Oekraïne. De strijd speelt zich af in de regio Donbas, waar in april 2014 een door Rusland georkestreerde opstand begon: een vervolg op de inname van de Krim door Russische commando's. Donbas is sindsdien het in tweeën gekliefde strijdtoneel waar separatisten vechten tegen het Oekraïense leger.


De door Rusland gesteunde separatistische strijders houden een gebied van enkele honderden vierkante kilometers onder controle. In Donetsk en Loegansk riepen ze hun eigen republiekjes uit. Geen enkel land erkent ze. Het Oekraïense leger sloeg terug met de zogenoemde antiterroristische operatie. De afgelopen jaren vonden zeker tienduizend mensen de dood, onder wie zo'n 2500 burgers. Meer dan anderhalf miljoen mensen ontvluchtten het frontgebied.


Bijna twee jaar geleden werd het akkoord van Minsk gesloten tussen Oekraïne, Rusland, de door Rusland gesteunde militieleiders en Navo-lidstaten Frankrijk en Duitsland. Bepaald werd dat er verkiezingen komen in de door pro-Russische milities gecontroleerde gebieden. Maar eerst zou Oekraïne controle moeten krijgen over de oostgrens; waarnemers van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) zagen tienduizenden strijders de grens tussen Rusland en Oekraïne passeren. De wapenstilstand, ook onderdeel van het akkoord, is nooit gerespecteerd. In september deed de Duitse minister van buitenlandse zaken Frank-Walter Steinmeier een vergeefse poging om het vredesproces nieuw leven in te blazen. De OVSE meldt nog altijd dagelijks beschietingen.


En dus staan op de zandweggetjes langs de frontlinie zwaarbewapende Oekraïense militairen tussen de bunkers, hun gezichten met bivakmutsen beschermd tegen de kou, hun blik geconcentreerd gericht op de bosjes verderop. Er is weinig verkeer. De wegen zijn gestremd door controleposten, de velden bezaaid met mijnen en antitankversperringen.


Grenspost Majorsk, de wachtrij


Bij Majorsk, een gehucht bij separatistenstad Horlivka, is een van de zes overgangen tussen het door Oekraïne gecontroleerde gebied en de 'separatistenrepublieken'. De geïmproviseerde grenspost bestaat uit containers en verplaatsbare kantoorunits en ligt pal aan het front. Dagelijks staat hier een lange rij mensen te wachten, ingepakt in winterjassen en mutsen. Het zijn vooral ouderen. Zij keren terug naar hun huizen in door pro-Russische milities gecontroleerd gebied. Oekraïense douaniers controleren hun bagage en documenten. Ouderen die in Oekraïne zijn geregistreerd, moeten hun toelage in persoon ophalen bij de Spaarbank. De bewoners van de separatistenregio's moeten dus elke maand even heen en weer door de frontlinie.


Oleg Aleksandrovitsj, een visverkoper uit Znizne, een dorp in de buurt van separatistenhoofdstad Donetsk, wacht in de auto tot de slagboom opengaat. Hij heeft zijn kinderen naar het treinstation gebracht aan de Oekraiense kant; ze studeren in hoofdstad Kiev. Aan verhuizen denkt hij niet, want zijn hulpbehoevende ouders zijn van hem afhankelijk. "Waarom moet er oorlog zijn?" vraagt hij met een vermoeid gezicht. "Russen en Oekraïners waren altijd één volk."


In de verte klinkt het geratel van een machinegeweer: 'ra-ta-ta-ta-ta'. Geen van de wachtenden kijkt ervan op. Er is een schuilkelder, maar die is veel te klein. Een inderhaast gebouwde betonnen muur moet scherpschutters het directe zicht op de rij ontnemen. Een maand geleden besloten de Oekraïense autoriteiten de grenspost tien kilometer op te schuiven, nota bene in de richting van de frontlinie, bij een verzameling huizen en kleine flatjes in niemandsland.


"Niemand zal deze mensen beschermen", zegt een rijzige zestiger met een leren jas, die bij de regionale autoriteiten werkt en daarom liever anoniem wil blijven. "Officieel hebben wij hier geen mening over."


Hij onthult de sinistere reden van de verplaatsing van de grenspost. "Dat is gebeurd om de andere kant te dwingen te stoppen met schieten. Het zijn hun mensen die hier passeren." Het werkt, zegt hij. "Er wordt minder geschoten, een aantal wegen in de omgeving is weer te gebruiken en enkele dorpen in de zogeheten 'grijze zone' zijn weer onder controle van het leger."


Een week na het bezoek van de verslaggever aan de wachtrij, wordt de mensenmassa op klaarlichte dag beschoten met een machinegeweer. Er staan op dat moment zesduizend mensen te wachten in de rij voor de overgang en ongeveer duizend auto's.


Een gepensioneerde man wordt bij deze beschieting in zijn hoofd geraakt en is op slag dood, een andere man raakt gewond.


Grenspost Majorsk, ambulancepost


Op een kilometer van de grenspost, aan Oekraïense kant van het front, hebben vrijwilligers een ambulancepost opgezet. Die is hard nodig. Ambulancechauffeur Andrij Leonidovitsj en verpleegkundige Tanja Romatsjka evacueerden afgelopen nacht nog een gewonde soldaat van het front.


De oorlog leidt tot absurde situaties, vertelt Andrij. "Als je hier 112 belt, nemen separatisten de telefoon op." Het streekziekenhuis ligt namelijk aan de andere kant van de frontlijn, in Horlivka.


De familie van ambulancechauffeur Leonidovitsj woont ook aan de andere kant. Maar hen bezoeken gaat niet. Vanwege zijn hulp aan het Oekraïense leger staat Leonidovitsj op de zwarte lijst bij de separatisten. "Mijn jongere broer is stiekem pro-Oekraïens", vertelt Andrij. Dat is gevaarlijk in pro-Russisch gebied. "Voor zijn eigen veiligheid hebben we afgesproken dat hij me in het openbaar mag afvallen. Hij schrijft op Facebook dat hij me haat."


De ambulancemedewerkers zijn kritisch over de mensen in de rij. "Als mijn schoonmoeder in separatistengebied wil wonen, waarom komt ze dan hier bedelen om haar pensioen?" zegt Tanja Romatsjka.


Haar schoonmoeder, woonachtig in Horlivka, stemde in 2014 tijdens een omstreden referendum in de Donbas voor afscheiding van Oekraïne, vertelt ze. De ouderen krijgen het Oekraïense pensioen bovenop een toelage uit Rusland, klaagt ze.


Horlivka


Tanja's schoonmoeder neemt aan de andere kant van de grens de telefoon op. Ze zegt dat ze beter af is onder 'de Russen'. Van de pro-Russische autoriteiten ontvangt ze elke maand 2400 Russische roebel, geeft ze toe. Dat is omgerekend veertig euro, vergelijkbaar met het Oekraïens pensioen dat ze eveneens ontvangt. "Maar ik heb het nodig", verdedigt ze zich, "ik heb borstkanker". Dat heeft ze al vijftien jaar, schampert haar schoondochter Tanja als het gesprek is beëindigd.


Debaltsevo


Afgelopen december was de bloedigste maand van de oorlog in Oost-Oekraïne in een half jaar. Zo kwamen op zondag 18 december in het plaatsje Svitlodarsk vijf Oekraïense militairen om, de dagen erna in dezelfde buurt nog eens drie soldaten. Dat brengt het totaal voor december op zeker achttien. De schermutselingen zijn niet ver van Debaltsevo, waar bijna twee jaar geleden een van de zwaarst bevochten veldslagen plaatsvond. In februari 2015, in de dagen nadat het Minsk-akkoord werd gesloten, veroverden de pro-Russische milities de stad. Bij een omsingeling kwamen honderden Oekraïense soldaten om het leven.


Afgelopen week trok het leger juist weer op richting Debaltsevo, door het dorp Novoloeganske te heroveren. De vierduizend bewoners zaten maandenlang klem in de grijze zone tussen het leger en de pro-Russische milities.


OVSE


Een probleem is het gebrek aan toezicht. De onafhankelijke waarnemers van de OVSE, die de voortgang van het zogenoemde vredesproces in de gaten moeten houden, rijden alleen van zonsopgang tot zonsondergang rond. Zodra het donker is, trekken ze zich om veiligheidsredenen terug op hun basis. Vervolgens barst steevast het artillerievuur los. Daarmee zijn de waarnemers het lachertje van het strijdgebied.


Elektriciteitsstation Majorsk


Niet alle banden tussen Oekraïne en de door pro-Russische milities gecontroleerde gebieden zijn doorgesneden. De kabels van het verdeelstation voor elektriciteit bij Majorsk transporteren stroom richting Horlivka. De waterzuivering verderop, op Oekraïens territorium, kreeg daags voor het bezoek een voltreffer. Gevolg: duizenden mensen zitten zonder drinkwater, aan beide kanten. Om de schade te herstellen, moeten beide kanten samenwerken. Dat gaat naar verwachting dagen duren.


Secretaris Oleksandr Toertsjinov van de Nationale Veiligheids- en Defensieraad stelde onlangs voor de door de pro-Russische milities gecontroleerde gebieden volledig te isoleren. Door een economische boycot zouden de separatisten op de knieën moeten worden gedwongen. Het Oppositieblok, de partij van voormalig president en Oost-Oekraïner Janoekovitsj, wees de suggestie fel van de hand.


Hoewel isolatie nog niet op de politieke agenda staat, dreigen enkele vrijwilligersbataljons die aan de kant van Oekraïne vechten, zoals Ajdar en Donbas, bij tijd en wijle om de bezette gebieden te blokkeren. Zo willen ze de separatisten onder druk zetten om in te stemmen met een ruil van krijgsgevangenen. Volgens de autoriteiten houden de pro-Russische milities 58 Oekraïners vast. De Oekraïense regering wil een ruil met meer dan tweehonderd gevangen separatisten.


Onderweg langs het front


Andrej Taube, een legervrijwilliger uit Charkov, een grote Oekraïense stad op 150 kilometer van het frontgebied, rijdt voor de derde winter achtereen wekelijks naar het front om het Oekraïense leger te bevoorraden met kleding, materiaal en medicijnen. Taube vindt dat Oekraïne het akkoord van Minsk terzijde moet schuiven.


"Alle partijen doen alsof", zegt hij. "Rusland doet alsof het zich aan de afspraken houdt, Oekraïne doet alsof het het Minsk-akkoord accepteert en Europa doet alsof het Oekraïne steunt." Volgens Taube is er maar één oplossing: de militaire. "We moeten onze gebieden heroveren", vindt hij. "Hoe eerder we de bezette regio's bevrijden, hoe beter. De mensen daar worden elke dag geïndoctrineerd."


De afgelopen anderhalf jaar is het Oekraïense leger geprofessionaliseerd en beter bevoorraad, is Taubes redenering. Als het Russische leger de separatisten voluit zou steunen, is Oekraïne kansloos, beaamt hij, maar daar zitten voor Rusland te veel haken en ogen aan. Bovendien zijn de Oekraïners gemotiveerder dan de pro-Russische milities, denkt Taube.


Wat als heroveren niet kan, als de tegenstander te sterk blijkt? "Dan moeten we een muur bouwen", zegt Andrej Taube. En de gepensioneerden dan in de wachtrij? "Hun kinderen hebben onze jongens gedood. Daar moeten hun ouders de consequenties van dragen. Ik zie die mensen als verraders."


Stanytsia Loeganska


In Stanytsia Loeganska blijkt dat het plan van de Duitse minister van buitenlandse zaken Steinmeier - twee weken geen beschietingen in een aantal gebieden om zo het Minsk-akkoord alsnog op gang te brengen - niet werkt. Het is een uit de kluiten gewassen dorp aan de uiterste noordkant van het strijdgebied. Er wonen achtduizend mensen. De troepen zouden zich uit de buurt van Stanytsia Loeganska moeten terugtrekken zodra het staakt-het-vuren in acht wordt genomen.


"Soms wordt er een dag niet geschoten, maar de volgende dag begint het weer", zegt Aljona Viktorivna. Ze staat achter de toonbank in een klein winkeltje, het enige gebouwtje waar nog licht te zien is. Hoewel het nog middag is, is het al stikdonker. "Het komt van beide kanten", zegt ze.


De meeste bewoners zijn tegen terugtrekking van het Oekraïense leger. Ze vrezen chaos en zijn bang. "Dan komen de separatisten hier", zegt Viktorivna. "Dan ga ik weg. Waarheen? Ik wil er niet over nadenken. Waarheen ik maar kan." Hoe langer het duurt tot er een oplossing komt, hoe verder weg die raakt, verzucht winkelmedewerkster Nina Vasiljevna, collega van Viktorivna. De verschillende radiozenders in het gebied spreken kwaad over de tegenpartij, vertelt ze. "Ze melden beschietingen die helemaal niet plaatsvinden."


Om zeven uur werkt Aljona Viktorivna haar gasten beleefd maar beslist het winkeltje uit. "Het schieten begint zo en ik moet nog naar huis", zegt ze op een toon alsof het weleens kan gaan regenen.


De naam van de geciteerde zestiger die werkt voor de regionale autoriteiten is bekend bij de redactie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden