Oorlogskinderen zijn met pleeggezin lang niet altijd goed af

UTRECHT - De opvang van Hongaarse kinderen in Nederlandse pleeggezinnen, in 1956, was niet bepaald een succes. Slecht voorbereide pleegouders, kinderen die niet konden aarden. Het eind van het verhaal was dat veel Hongaarse kinderen van adres naar adres zwierven, elke keer een frustratie rijker.

Sinds die tijd zijn de Nederlandse organisaties voor vluchtelingenhulp en pleegzorg wel zo verstandig om niet nog eens onvoorbereid een groots gebaar te maken. Ze zijn wijzer geworden, niet alleen door Hongarije, maar ook door de gebeurtenissen in Roemenie. Daar maakte na de revolutie de halve wereld misbruik van de chaos in het land, om naar eigen inzicht kinderen te 'helpen'. In de praktijk betekende het vaak dat er voor veel geld een kindje werd gekocht en adopteerd.

Nu in voormalig Joegoslavie duizenden kinderen op drift zijn geraakt en een nog onbekend aantal baby's door verkrachte moeders bij de geboorte zal worden afgestaan, willen de hulporganisaties er alles aan doen om te voorkomen dat Nederland opnieuw de fouten van vroeger maakt. Geen onbesuisde acties dus, maar zorgvuldig doordachte strategieen, waarbij het belang van de kinderen voor alles gaat.

Vakantie

Helemaal vanzelf gaat de nieuwe voorzichtigheid nog niet. Deze zomer dacht een aantal Nederlandse hulporganisaties dat het wel een aardig idee zou zijn om kinderen uit de oorlogsgebieden naar Nederland te halen voor een vakantie. In Kroatie was men niet enthousiast over dat idee. Wie zou het over zijn hart verkrijgen om de kinderen na een paar weken terug te sturen naar de chaos en verwoesting in hun land? Als jullie onze kinderen willen helpen, help ze dan voor de duur van de oorlog, vonden de Kroaten en Bosniers. Er kwam uiteindelijk een groep naar Nederland, maar dat waren kinderen die in de relatief rustige en in elk geval veilige opvangkampen in Hongarije verbleven. Na hun vakantie keerden ze terug.

De organisaties zijn misschien wel voorzichtiger geworden, de Nederlanders zelf zijn nog steeds even enthousiast, als het gaat om het helpen van Oosteuropese kinderen. Nederland heeft daar blijkbaar wat mee. Of, zoals een medewerker van een adoptiebureau vorige week zei: "Zou de telefoon hier maar eens roodgloeiend staan, als er op de tv weer beelden zijn uitgezonden van hongerende kinderen in Somalie."

Tussen de gretigheid waarmee Nederland wil helpen en de beduchtheid van de hulporganisaties gaapt een diepe kloof. Tegenover de duizenden aanbiedingen van mensen die een kind in huis willen opvangen, tijdelijk of definitief, staat de praktische wetenschap van de hulporganisaties dat Bosnie en Kroatie nu nog helemaal niet kunnen zeggen of ze wel behoefte hebben aan dit soort buitenlandse hulp.

Ook de Federatie Pleegzorg, de vereniging VluchtelingenWerk en de stichting Opbouw geven onmiddellijk toe dat opvang in Nederlandse pleeggezinnen 'pas in laatste instantie' aan de orde is. Als in het land zelf alle opties zijn afgevallen, dus. Desondanks hebben de drie organisaties vast een rapport opgesteld voor het ministerie van justitie, waarin in grote lijnen wordt beschreven hoe Nederlandse pleeggezinnen kinderen zouden kunnen opvangen uit de oorlogsgebieden in voormalig Joegoslavie. Een indicatiecommissie zou ter plekke de kinderen moeten selecteren, de kinderen zouden daarna in Nederland eerst centraal moeten worden opgevangen, om daarna te verhuizen naar familie, landgenoten, groepswoningen, gezinshuizen of pleeggezinnen. Ruim 250 gezinnen hebben zich al aangemeld als pleegouder. Zij zouden allemaal een training moeten krijgen, om goed te kunnen reageren op de oorlogstrauma's van de kinderen.

Een overbodig rapport?

Sonja Nijon van de Federatie Pleegzorg: "Het is niet zo dat wij tegen Justitie zeggen: alsjeblieft, nodig die kinderen toch uit. We geven alleen aan dat opvang in pleeggezinnen heel goed mogelijk is en hoe het eventueel geregeld zou kunnen worden. Dat is voorlopig alles. Het is een vrijblijvend advies. Voor niks is het nooit. Stel je voor dat er toch kinderen naar Nederland komen en we zijn niet voorbereid, dan is dat veel erger dan de mogelijkheid dat we nu misschien een hoop werk hebben gedaan voor een rapport dat in de la verdwijnt."

Serieus

Daarnaast, erkent de Federatie, dient het rapport ook om de mensen die zich aanmeldden als aspirant-pleegouder, het gevoel te geven dat hun aanbod serieus wordt genomen. De Federatie wil de weldoeners niet voor het hoofd stoten; wie weet, zijn ze straks toch nodig. "Maar het zou de omgekeerde wereld zijn, als wij zouden adviseren om kinderen naar Nederland te halen omdat er hier zo-en-zoveel gezinnen een kind willen opvangen" , zegt Nijon.

De stichting Opbouw, die ook bij het rapport betrokken is geweest, heeft al langer ervaring met het opvangen van minderjarige vluchtelingen. In Nederland zitten ongeveer honderd kinderen en tieners in een pleeggezin. De meeste komen uit landen als Iran en Ethiopie. Er zijn voor zover bekend drie kinderen, alle drie rond de zestien, uit voormalig Joegoslavie naar Nederland gevlucht. Zij wonen bij elkaar en krijgen begeleiding. Een pleeggezin is niet aan de orde. "Ze vormen een groepje, die gaan we echt niet uit elkaar halen" , zegt Nijon.

Freddy Douwes, die bij de Federatie Pleegzorg speciaal is aangetrokken voor de eventuele opvang van kinderen uit ex-Joegoslavie, zegt dat in principe alleen kinderen ouder dan zes jaar in aanmerking komen voor pleegzorg. "Jongere kinderen, is de ervaring, worden altijd wel door iemand onder de hoede genomen. De opvang van baby's is helemaal een verhaal apart; daar houden wij ons buiten. Verder kan er ook geen sprake zijn van adoptie. Mensen die hun pleegkind willen adopteren, komen niet in aanmerking. Pleegzorg is tijdelijke opvang, met het perspectief dat het kind uiteindelijk weer teruggaat naar het eigen land. Het is het helpen van een kind, niet het hebben van een kind."

Trauma's

De kans is groot dat sommige kinderen door de oorlog zoveel trauma's hebben opgelopen, dat ze aan een pleeggezin weinig hebben. Die kinderen zouden in het land zelf psychiatrische hulp moeten krijgen. "Pleegzorg heeft alleen zin voor kinderen die ervan kunnen profiteren" , zegt Nijon. "Daarom is het ook zo belangrijk om niet zomaar een aantal kinderen even hiernaartoe te halen."

Ook de kinderen die wel zouden kunnen profiteren van een pleeggezin, hebben de nodige trauma's in de oorlog opgelopen. Een pleeggezin kan hen structuur teruggeven, de nodige rust om voorzichtig te beginnen met de verwerking van de dood of vermissing van de ouders. Juist omdat het om een bijzondere categorie pleegkinderen gaat, denken de Federatie Pleegzorg en de stichting Opbouw dat het beter is om hiervoor aparte pleeggezinnen te werven, buiten de gebruikelijke kanalen om. 'Gewone' pleeggezinnen zijn gewend aan kinderen met een heel ander soort problemen. "Zij hebben te veel de neiging om het gedrag van de gevluchte jongere te interpreteren in het licht van ouder-kindproblematiek" , aldus De Opbouw.

Het zou uiteraard een prachtige oplossing zijn, als kinderen uit het voormalige Joegoslavie in Nederland ondergebracht zouden kunnen worden bij pleeggezinnen van hun eigen nationaliteit. Uit de grote exJoegoslavische gemeenschap in Nederland hebben zich echter maar een paar families gemeld als aspirant-gastgezin. De Federatie Pleegzorg denkt dat de meeste Kroaten en Bosniers in Nederland door de oorlog al te veel aan hun hoofd hebben. Bovendien hebben zij vaak hun huis al vol zitten met gevluchte familieleden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden