Oorlogsbeelden als politiek wapen

De beelden van het internet-televisiekanaal 'Espresso tv' waren direct, een paar weken geleden, en hoewel het niet ondertiteld werd, was de boodschap glashelder: het Maidanplein in Kiev stond in brand, en het was menens. Tegelijkertijd liet de Russische televisie vijf keer dezelfde vrouw optreden als 'pro-Russische Oekraïense' in verschillende kostuums, zo bleek uit een collage die op Twitter circuleerde. Na de verbazing over de rol van digitale, sociale media tijdens de Arabische Lente is die snelle aanvoer van beelden uit verre conflictgebieden al bijna vanzelfsprekend geworden.

Heel anders ging het in 1855. Zijn huifkar beladen met vijf fotocamera's en chemicaliën op de vloer gezekerd, daarnaast dozen met ingemaakt vlees, wijn en biscuitjes, een veldbed en een stoof, en 700 glasplaten in extra kisten, trok de Britse fotograaf Roger Fenton (1819-1869) in februari van dat jaar naar de Krim. Een 'mobiele donkere kamer' noemde hij zijn kar, voor de duidelijkheid schreef hij het er met zwarte letters op: 'photographic van'. Hoewel hij uiteindelijk geen enkel gevecht of gewonde soldaat zou vastleggen, staat Fenton nu bekend als de allereerste oorlogsfotograaf.

Net als nu viel Rusland in juli 1853 een buurland binnen: Turks grondgebied rond de Donau. De Ottomaanse sultan verklaarde in oktober de oorlog aan Rusland, vanaf maart 1854 steunden de Britten en de Fransen het Ottomaanse Rijk, door te pogen de Russische legerbasis in Sebastopol in te nemen. Zo ontstond een langdurig conflict op en rond de Krim, voornamelijk in de loopgraven: de Krimoorlog. Tienduizenden Britse soldaten kwamen om het leven. En dat was niet vanwege de Russen kanonnen: honger, kou en een cholera-epidemie eisten zo'n 300.000 doden, in totaal zijn ongeveer 800.000 mensen gesneuveld, een veelvoud daarvan raakte gewond of raakte blijvend invalide.

Nieuwe technieken
Het was de oorlog van nieuwe technieken. Zo verstuurden de generaals hun bevelen per telegraaf, en kwam de munitie, áls die er tenminste was, met de trein. Maar het meest revolutionaire was toch wel de rol van de media, dankzij de eerste toepassing van twee belangrijke uitvindingen: de houtgravure en de fotografie.

Al sinds 1842 was er een nieuwe manier om beelden te reproduceren: in houtgravures. In plaats van de afbeelding langs de nerven van het hout te snijden, zoals bij een houtsnede, werd de tekening vanaf toen in de kopse kant gesneden. Die slijt minder snel, en zo kunnen er dus veel meer afdrukken van gemaakt worden. Beelden konden eindelijk in hoge oplages, voor weinig geld, verspreid worden. Overal werden beeldtijdschriften opgericht: het Franse L'Illustration, de Leipziger Illustrierte Zeitung en het Britse Illustrated London News zouden vanaf dan de lezers wekelijks trakteren op het nieuws in beeld.

De Krimoorlog was dus het eerste gewapende conflict waar de Europese grootmachten bij betrokken waren, dat de lezers 'live' konden meemaken. De 'charge van de lichte brigade', in oktober 1854, werd razendsnel beroemd dankzij de tijdschriften. Vanwege een knullig misverstand in de communicatie kwamen bij die slag 156 Britse soldaten om het leven en raakten 122 gewond. De verfranste Nederlander Constantin Guys (1802-1892) was aanwezig - Charles Baudelaire noemde hem terecht 'de schilder van het moderne leven' - en stuurde zijn tekeningen naar de Illustrated London News. De aanhoudende stroom tekeningen, taken on the spot, van stervende soldaten in de loopgraven en oorlogsslachtoffers in de The Times en de Illustrated London News zouden hun uitwerking niet missen: in januari 1855 viel de Britse regering. De beelden bleken een krachtig, politiek wapen.

Roger Fenton, de fotograaf, ging met een andere doelstelling op pad. De foto's die hij maakte waren in eerste instantie niet bedoeld voor de weekbladen - die konden de foto's alleen reproduceren als iemand ze natekende, directe fotoreproducties zouden pas rond 1880 mogelijk worden. Fenton zag vooral de rijke hoge militairen die de oorlog toch wel zouden overleven, en hun families, als toekomstige afnemers. Hij fotografeerde daarom alle hoge Britse militairen, om de foto's later in dure albums te verkopen. Veel van zijn foto's zijn dus rustig poserende hoge generaals, ver van de loopgraven. Maar aangezien Fenton opgeleid was als schilder, wist hij vaak precies de juiste compositie te treffen.

Fenton zei later weinig te hebben gezien van de slagvelden, maar hij was dan ook in goede handen: hij had zijn reporter-positie te danken aan het Britse koningshuis. Een persoonlijke aanbevelingsbrief van Prins Albert en Koningin Victoria, die beiden een zwak hadden voor fotografie, gaf hem toegang tot de beschermde, welbevoorraadde legertop. Het koninklijk paar zorgde, na Fentons thuiskomst in juli 1855, ook voor goede publiciteit: Fenton kon ze aan de franse Keizer Napoléon III laten zien, en de tentoonstelling van de foto's waren dankzij de aanbevelingen van het koningspaar bijzonder goedbezocht. De Art Journal noemde het 'de interessantste foto's ooit'.

Toch is zijn bekendste foto van een ander karakter: de 'Valley of the Shadow of Death' toont een leeg landschap met kanonskogels, de plaats waar een half jaar eerder de pijnlijke slag van de Lichte brigade had plaatsgevonden. De titel van de foto verwijst naar het gedicht van Lord Tennyson, die kort na de veldslag schreef over het slagveld, en de zeshonderd soldaten in de 'doodsvallei'.

Zijn 'Photographic van' liet Fenton in juni 1855 achter in Sebastopol. Volgens ooggetuigen was de witgeschilderde wagen een makkelijk doelwit geweest voor het Russische leger, en verschillende malen beschoten. Maar daarover had Fenton in zijn presentaties over zijn avonturen gezwegen - ook hij gaf liever een gekleurd beeld van de gebeurtenissen dan de pijnlijke details openbaar te maken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden