Oorlog om een oorlogsgraf De Vloedbeld bij Zenderen wordt stortplaats voor huisvuil

ZENDEREN - Op de avond van 21 maart 1945, twee weken voor de bevrijding, klonken op het landgoed de Vloedbelt bij Zenderen twee schoten. Met zijn 9-millimeterpistool maakte de SD'er Schweinberger een eind aan het leven van de 24-jarige student Bote van der Wal uit Nijverdal en de een jaar oudere RAF-telegrafist Gerald Hood.

De Britse luchtmacht-militair had in de woning van Van der Wal onderdak gevonden, nadat hij en zijn maten een maand eerder met hun Lancaster-bommenwerper waren neergestort.

Gistermorgen klokslag negen uur werden op de Vloedbelt, even buiten het Twentse dorpje Zenderen, de twee stenen kruizen verwijderd, die direct na de oorlog werden geplaatst ter nagedachtenis aan de Britse vlieger en de Nederlander die hem uit handen van de Duitsers probeerde te houden.

De plek waar Hood en Van de Wal hun laatste rustplaats vonden, zal de komende jaren worden bedekt met een 30 meter dikke laag Twents huisvuil.

De gedenktekens zijn weliswaar elders in het bos weer herplaatst - de stoffelijke resten van Hood en Van de Wal zijn al eerder herbegraven in Almelo - het neemt niet weg dat deze ingreep veel emoties heeft losgemaakt onder de dorpsbevolking.

Een aantal oudere Zendenaren heeft al aangekondigd op 4 mei, bij de jaarlijkse herdenking in het bos, weg te blijven, nu de kruizen ter nagedachtenis aan Hood en Van der Wal niet meer op historische grond staan.

Verzet

Met het weghalen van de twee kruizen en de verplaatsing van 20 mierenhopen van de kale rode bosmier, is tevens symbolisch een einde gekomen aan het verzet van de amper 500 huishoudens tellende Zenderse gemeenschap tegen de komst van de vuilstort op de Vloedbelt.

Twaalf jaar lang heeft de Stichting behoud Elhorst Vloedbelt de komst van de vuilstort weten tegen te houden. Bij de Raad van State werden in totaal 30 procedures gevoerd om het naderende onheil af te wenden.

De aanlegkosten van de stort zijn door de vertraging van de aanvankelijk geraamde 60 miljoen gulden opgelopen tot 100 miljoen.

Het taaie verzet deed milieu-minister Alders afgelopen voorjaar op een spreekbeurt zelfs verzuchten: “Als de realisering van alle vuilstortlocaties zoveel tijd kost als in Zenderen, dan onstaan er grote problemen bij de afvalverwerking.”

“Men denkt begin volgend jaar het eerste vuil te kunnen storten, maar dat lijkt mij wat optimistisch. Er lopen namelijk nog vijf procedures”, zegt voorzitter Ed Mossel van de Stichting behoud Elhorst-Vloedbelt. Mossel, die zelf op amper 300 meter van de toekomstige vuilstort woont, is al die jaren de stuwende kracht geweest achter de papieren oorlog tegen de overheid.

Streekplanprocedures, de afvalstoffenwet, milieu-effectrapportages; hij weet er meer van dan menige advocaat en ambtenaar.

Verloren

Er mogen dan nog wat achterhoedegevechten woeden, ook Mossel beseft dat de oorlog in feite verloren is.

“Ik ben er gaandeweg achter gekomen”, zegt hij, “dat je het als individuele burger, ook al meen je in je recht te staan, het altijd aflegt tegen het algemeen belang. De Twentse gemeenten moeten hun afval kwijt. Dat is belangrijker dan het belang van 50 burgers, die in de buurt van een locatie wonen, waarop men het oog heeft laten vallen.”

Toch zegt Mossel een man zonder fustraties te zijn. “Er is de afgelopen tien jaar bijna geen dag geweest, dat ik er niet mee bezig ben geweest. Een goed onderbouwd bezwaarschrift schrijven dat wordt ondersteund door jurisprudentie, daar heb ik van leren genieten.”

“Ik heb mij ook altijd afstandelijk opgesteld, er rekening mee gehouden dat dit uiteindelijk zou kunnen gebeuren. Als je tegen de politiek vecht, gaat het niet altijd even fris toe. Als je dat niet kunt relativeren, ga je er onderdoor. Zo heb ik in de loop der jaren veel bestuursleden van actiegroepen, die in andere regio's een zelfde strijd streden als wij, zien afhaken.”

“Het is niet voor niets geweest”, herhaalt hij. “De stortplaats Boeldershoek bij Enschede en de Vloedbelt hadden tegelijkertijd in gebruik genomen moeten worden. Op Boeldershoek wordt al sinds 1985 gestort.”

In Den Haag heeft men inmiddels een remedie ontwikkeld tegen 'dwarsliggers' als in Zenderen, die alle democratische middelen gebruiken om overheidsplannen te dwarsbomen.

Binnenkort behandelt de Tweede Kamer het ontwerp voor de zogeheten Nimby-wet ('Not in my backyard'), die snellere realisatie van omstreden overheidsplannen zoals stortplaatsen of een Betuwelijn mogelijk moet maken.

Mossel: “Een van de staatsraden merkte begin deze week bij een behandeling van een van onze procedures bij de Raad van State op dat het dossier Elhorst-Vloedbelt inmiddels tot zijn kin reikte. Dat zal in de toekomst niet meer kunnen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden