OORLOG OM DIE PLAAS

De Zuid-Afrikaanse boer is sinds de afschaffing van de apartheid een gemakkelijk slachtoffer voor zwarte criminelen. Zeker twee keer per week wordt er een op gruwelijke wijze vermoord, terwijl de buit vaak gering is. De boeren dreigen beveiligde thuislanden in te richten, dit keer voor zichzelf.

ESTHER BOOTSMA

Het gebeurde op een zondagochtend, de hanen kraaiden nog. Tommy Heathfield was naar de stal gelopen, om de kalveren te voeden en de koeien te melken. Zijn vrouw Ria maakte zich intussen op om met haar vriendin Isabel naar de kerk te gaan. Maar ze kwamen er nooit aan. De verontruste dominee die na de dienst een kijkje kwam nemen trof Ria dood aan, Isabel verkracht en Tommy zwaargewond.

Buurman Patrick Rawlins (41) wijst in de verte. Daar achter dat dennenbos, aan de voet van de fraaie Outeniqua-bergen, ligt Tommy's boerderij. Het is een fabelachtig gebied, met glooiende weiden en goudgele graanvelden, meren en rivieren. Te lieflijk, als scène van de moord die de stad George en omgeving op 9 augustus deed huiveren.

Tot dan was het rustig geweest op de West-Kaap. De aanslagen op blanke boeren worden immers vooral gepleegd in het noorden en oosten van Zuid-Afrika, waar boerengezinnen zich tegenwoordig na de schemering angstig opsluiten in hun zwaar beveiligde huizen. Ze zijn opgelucht als de zon weer opkomt, maar zelfs dan is het nog niet veilig, want ook overdag wordt gemoord. Het boerenland is zo afgelegen, niemand ziet wat er gebeurt als de boer een hek openmaakt en de daders toeslaan.

“Tommy had zijn boerderij nauwelijks beveiligd. Wij zelf ook niet trouwens”, zegt Rawlins (41), wijzend naar het gaas rond zijn huis waar een kind nog overheen komt. “We hebben zelfs geen alarminstallatie of tralies, zaken die iedereen in dit land heeft.” Maar de tragedie bij zijn vriend Tommy heeft zijn mening doen veranderen. De Rawlins gaan een hoger hek plaatsen dat onder stroom kan worden gezet. En ze overwegen zelfs een koord met een alarmknop om hun nek te gaan dragen, zodat hun eventuele noodroep tot vijf kilometer verder kan worden opgevangen.

Ook bewaakt een vervaarlijk monster inmiddels het huis. Tegen ons blaft hij niet, omdat wij blank zijn, maar Rawlins roept ter demonstratie zijn zwarte knecht Flip, en inderdaad... de hond begint agressief te blaffen. “Men zegt dat wij Zuid-Afrikanen deze soort trainen om te doden”, grijnst hij. “Leuk is anders, maar na 570 moorden in vier jaar tijd wordt de kans toch groot dat ook ik een keer aan de beurt ben.”

Het was niet bepaald wat de Rawlins voor ogen hadden, toen ze vijf jaar geleden de misdaad in Natal ontvluchtten en zich met hun vier kinderen in vreedzaam George vestigden. “In Natal waren onze buren en vrienden gedood. We gingen er nooit van huis zonder onze revolvers”, vertelt Janis Rawlins (35). De West-Kaap was dan ook een verademing, “alsof we naar een ander land waren verhuisd”. Met haar afgebladderde muren is hun boerderij geen pronkstuk, maar hier hoefden ze tenminste niet bang te zijn. Dachten ze.

“Eigenlijk doen de gruwelijke details er niet toe”, zegt Rawlins, “het gaat om het politieke verhaal, om de regering die de boerenmoorden gedoogt en zelfs aanmoedigt. Om de organisaties die erachter zitten, die alle blanke boeren van het land willen verdrijven.”

De dader was een ex-werknemer van Tommy, zoals bij boerenmoorden vaker het geval is. “Ze zeggen dat het een wraakactie was, maar ik geloof daar niet in. Tommy behandelde zijn arbeiders veel beter dan de gemiddelde boer. Ik ben soft, maar hij is nog veel softer”, zegt Rawlins. “Hij weigerde Trevor (de verdachte, red.) de laan uit te sturen, terwijl duidelijk was dat de knecht niet deugde. Pas nadat Trevor verdacht werd van brandstichting in zijn stal, besloot Tommy hem te ontslaan.”

De pest van de nieuwe regering, zegt Rawlins, zijn al die nieuwe wetten die de arbeiders moeten beschermen. “Tommy was verplicht Trevor nog een maand op zijn land te laten wonen. Moet je zien waartoe dat heeft geleid. Die jongen was hartstikke ziek in zijn kop. Toen hij Isabel verkrachtte, vertelde hij haar dat blanken zijn moeder hebben vermoord, en dat hij daarom nu blanken ging doden. Hij was duidelijk van plan hen veel pijn te doen.”

Omdat hij op de boerderij woonde, was het voor Trevor een koud kunstje de houten achterdeur open te breken. Hij takelde Ria (43) zwaar toe en bond haar vast in de bijkeuken. Daarna sloeg hij de 58-jarige Tommy in de stal met een hamer bewusteloos. Intussen was Ria's vriendin Isabel met drie jongens naar de boerderij gereden om te kijken waar Ria bleef; ze zouden immers naar de kerk gaan. Het groepje liep recht in de armen van de gijzelnemer. Hij bond de jongens vast, en nam Isabel naar boven om te verkrachten.

Toen om twaalf uur de verontruste dominee kwam, samen met de vader van een van de jongens, moest hij van Trevor drieduizend rand (duizend gulden) losgeld gaan halen. De dominee waarschuwde de politie, maar het was al te laat. Bij aankomst op de boerderij bleken Ria, twee jongens en de vader dood. Trevor had benzine over hen gegoten en de lichamen in brand gestoken. Hij wist te ontsnappen, maar de knecht werd de volgende dag gepakt bij een wegversperring op de bergpas richting Oudtshoorn. Dat hij op zijn vlucht nog had ingebroken in het huis van Zuid-Afrika's topgolfer Ernie Els, is een detail dat de media uiteraard niet hebben overslagen.

“Ze hadden hem meteen moeten doodschieten”, zegt Rawlins. “Nu loop je de kans dat hij door procedurele fouten wordt vrijgesproken. Terwijl ze hem juist in het openbaar moeten ophangen, rechtstreeks uitgezonden op televisie.” Net als veel Zuid-Afrikanen vindt Rawlins dat de doodstraf weer moet worden ingevoerd, om een einde te maken aan de gewelddadige criminaliteit die het land teistert. “Er is echt sprake van een noodtoestand.”

Hoewel het absolute aantal van 570 boerenmoorden in vier jaar in het niet valt bij het totale aantal moorden in Zuid-Afrika - zo'n 26 000 per jaar - heeft de boer relatief wel een veel grotere kans te worden omgebracht. Er zijn namelijk maar zo'n 58 000 boeren in het land, voor het merendeel blanke Afrikaners. Bijna een op de honderd boeren is dus vermoord sinds het definitieve einde van de apartheid.

De boeren verwijten de regering niets te doen om hen te beschermen. Sterker nog, ze menen dat de regering van Mandela hen zelf de schuld geeft. Ministers wijzen immers telkens op de middeleeuwse toestanden op veel Zuid-Afrikaanse boerderijen, waar boeren nog steeds hun zwarte landarbeiders uitbuiten, afranselen en zonder aanleiding van het land zetten. Al met al zijn de zwarte arbeiders vaker het slachtoffer van geweld dan de blanke boeren, aldus de regering.

Landbouwminister Derek Hanekom meent dan ook dat de plaasaanvalle alleen kunnen stoppen als de boeren beter met hun personeel omgaan. “De zwarte arbeiders wonen op land dat niet van hen is. Hun afhankelijkheid van de boeren is ongezond, en deze machtsongelijkheid kan in de toekomst nog een veel grotere bron van conflicten worden”, zei hij onlangs in een interview.

Zulke uitspraken zijn uiteraard olie op het vuur van de boeren. Hoewel Rawlins zich graag voordoet als goede werkgever, zegt hij ziek te worden van de manier waarop regering en vakbonden de rechten van landarbeiders proberen te beschermen. “Laatst kwam Flip naar me toe met een boek dat hij van de vakbond had gekregen. “Zo moet je me behandelen”, zei hij. “Ik vroeg: wat staat er dan in? Dat wist hij niet, hij kan immers niet lezen. Maar mijn arbeiders komen telkens aan met dat gezeur van die bonden, terwijl ik hen nota bene meer betaal dan het minimum. Ze krijgen 850 rand per maand (270 gulden, red.), voor 46 uur werk. Plus gratis huisvesting, water, elektriciteit en gratis melk. En ik rijd hen bij spoedgevallen ook nog naar de stad.”

Net als de Zuid-Afrikaanse Landbouwbond en rechtse politieke partijen, gelooft Rawlins dat de boerenmoorden worden georganiseerd door radicale groeperingen, die alle blanken van het land willen verdrijven. “Het zijn absoluut politiek gemotiveerde aanslagen. Meestal wordt er nauwelijks iets gestolen. Vaak wachten de inbrekers urenlang in het huis tot de boer thuiskomt, met als enig doel hem te doden. Bovendien zijn ze zeer wreed. Ze slepen met de halfdode boeren, steken hen in brand."

“Laatst hadden ze de koplampen van de auto gehaald, en naast de oren van een dode boer gelegd, puur om de andere boeren angst aan te jagen. Dat kun je toch geen criminaliteit noemen?”

Volgens een recent onderzoek van de Nationale Veiligheidsdienst is er echter geen enkel bewijs voor een organisatie achter de aanvallen. Vorig jaar werd de helft van de daders gepakt, en dat bleken criminelen die individueel hadden geopereerd. Bij tien procent van de moorden ging het om wraak, maar meestal waren de daders gewoon uit op wapens, geld en auto's. De afgelegen boerderijen zijn daarbij een eenvoudig doelwit, aldus het rapport.

Maar de boeren pikken deze verklaring niet. De plaasmoorde hebben geleid tot een ernstige crisis, die de fragiele politieke stabiliteit in het land dreigt te verstoren. Voor het eerst sinds 1994 staan de blanke Afrikaners pal tegenover de regering. Omdat deze hen niet beschermt, dreigen zij het recht in eigen hand te nemen.

De leider van het Vrijheidsfront, generaal Constand Viljoen, heeft onlangs een plan opgesteld dat de boeren kan beschermen. Ze moeten worden getraind in zelfverdediging en hun auto's uitgerust met dubbelloopsgeweren. Plattelandswegen moeten worden afgesloten met slagbomen, en boeren moeten het recht krijgen vreemdelingen te arresteren. Een eigen leger, betaald door de boeren zelf, zal permanent patrouilleren. Het plan voorziet zelfs in landmijnen en andere explosieven die de boer op afstand tot ontploffing kan brengen.

Nergens komt de erfenis van de apartheid beter tot uiting dan in deze kwestie. De tijden van weleer dreigen zelfs te herleven, met de 'pasjeswetten' en 'invoering van de noodtoestand' die sommige boeren eisen. Deze plannen vervullen de regering dan ook met walging. Minister Hanekom noemt het moreel volstrekt onacceptabel de boerderijen tot verboden gebied te verklaren en de boeren het recht te geven naar legitimatie te vragen. “De arbeiders hebben recht op een normaal gezinsleven. Ze wonen op het land van de boer, en moeten daar gewoon vrienden en familie kunnen ontvangen”, aldus de landbouwminister. “Ik ken al het verhaal van een man die in zijn buik werd geschoten, toen hij zijn moeder wilde bezoeken.”

De dreiging van de Afrikaner boeren het recht in eigen hand te nemen, bracht Nelson Mandela ertoe afgelopen weekeinde een topconferentie te houden over de boerenmoorden. Met de president zelf, vier ministers en tal van andere hoge functionarissen werd het de zwaarste regeringsdelegatie die sinds 1994 bijeenkwam voor een thema-conferentie. Volgens een ambtenaar had Mandela een duidelijke boodschap gegeven: 'Zorg dat iedereen komt en open je armen voor de Afrikaner gemeenschap'.

Ondanks zijn oververmoeidheid en verplichte tien dagen rust die de dokter had voorgeschreven, opende Mandela de boerentop zelf. “Daar is beslis geen politieke veldtog of poging om wit mense, en Afrikaners in die besonder, van hul grond te verdryf nie”, zei Mandela, die zich vorige maand woedend heeft uitgelaten over de duizenden blanken die momenteel emigreren. Hij prees dan ook de vastberadenheid van de boeren om te blijven op het land waarmee ze zich verbonden voelen. “Ze hebben gezegd: Wij zijn Zuid-Afrikaners, we willen hier blijven en de problemen met onze zwarte broeders en zusters delen”, aldus de president. “Ik zou willen dat iedereen die houding kon innemen.”

Afgezien van deze verzoenende woorden, zijn er op de top weinig concrete maatregelen genomen, behalve een onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek naar de moorden en een uitbreiding van legercommando's op het platteland. Maar de boerenbonden, die weinig vertrouwen hadden in de 'praatgroep', zijn tevreden. Vooral omdat de regering de boerenmoorden ditmaal onvoorwaardelijk veroordeelde. “We hebben dat nog niet eerder gehoord. In het verleden hadden ze altijd een hoop excuses”, aldus Chris du Toit, voorzitter van de Zuid-Afrikaanse Boerenbond (SAAU).

Mandela lijkt in zijn opzet geslaagd: de boeren zijn weer bereid om met de regering samen te werken. “Hij was zeer bezorgd dat de boerenmoorden zouden leiden tot definitieve politieke verwijdering van de Afrikaners”, zegt een regeringsfunctionaris. Bovendien is Mandela zich bewust van de economische gevolgen die de misdaden op het platteland kunnen hebben. Vanwege de onveiligheid investeren de boeren steeds minder, en verwaarlozen zij hun wegen op het land. Sommigen houden het zelfs helemaal voor gezien, en verruilen hun leven op het prachtige Afrikaanse land voor een flatje in de stad.

“Dit kan leiden tot een verminderde productie, lagere economische groei, verlies aan inkomsten, kleinere winsten en uiteindelijk werkloosheid”, zei Mandela op de conferentie. Generaal Viljoen drukte zich in dit verband nog bouder uit: “Vroeger waren we een exporterend land, maar als dit zo doorgaat, kunnen we straks ons eigen volk niet eens meer voeden.”

Ook boer Rawlins zou het liefst zijn boerderij en driehonderd koeien verkopen, als hij er een goede prijs voor kreeg. Als de regering niets doet om de boeren te beschermen, zegt hij, zijn er maar twee opties. “De liberale boeren zullen weggaan, naar het buitenland. En de hardliners, de boeren die aan hun Afrikaanse land verknocht zijn, zullen een eigen staat binnen de staat vormen. En dat betekent een totale anarchie.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden