Ook Wilhelmus zet God boven de rechtsstaat

Geschiedenis leert relativeren. Want extreme moslims achten de Koran dan wel hoger dan de rechtsstaat, in onze historie zitten ook voorbeelden van dit denken.

door Jan Kuijk

Jason W., de tot de islam bekeerde vriend van Mohammed B., de moordenaar van Theo van Gogh en nu ook tijdelijk opgesloten, heeft voor zijn denkwereld een aantal bronnen (Trouw, 22 februari). Hun leringen zijn, kort samengevat: God is de enige wetgever en daarom is een moslim niet verplicht zich aan de regels van de rechtsstaat te onderwerpen.

Het kan waar zijn dat over de islam of een deel daarvan nog niet het licht van de Reformatie en de Aufklüring is opgegaan. Maar het is misschien aardig dit deel van de islam-geschiedenis ook even te confronteren met de Nederlandse geschiedenis. Want, zo weten we van de katholieke historicus L.J. Rogier: 'de studie der geschiedenis is een regelrechte opleiding tot relativisme, tot twijfelzucht'.

Er zijn inmiddels boekenkasten vol geschreven over de oorzaken van het uitbreken van de opstand in de Nederlanden tegen de Spaanse koning Filips II, maar één oorzaak blijft daarbij onomstreden: de doorwerking in dit land van het begrip van de gewetensvrijheid zoals dat een heel voorzichtig begin had gekregen in de Middeleeuwen en zoals dat duidelijk in de zestiende eeuw in Geneve werd geformuleerd.

Het was uit dit begrip dat in 1581 de Staten-Generaal met de 'Akte van Verlatinghe' de dienst van Filips II als soeverein opzegde. En het werd deze notie waaruit daarna in Nederland iedereen, zonder al te veel lastiggevallen te worden, God op zijn wijze kon dienen. Het werd een denkbeeld dat hoog genoteerd staat bij de Nederlandse waarden en normen. Het is zelfs, als in een climax, vastgelegd in het laatste couplet van ons volkslied:

Voor God wil ik belijden

en zijne grote macht,

dat ik te genen tijden

de koning heb veracht

Maar dan klinkt opeens een voorbehoud:

dan dat ik God den Here,

de hoogste Majesteit,

heb moeten obediëren

in der gerechtigheid.

In 1954 zonden de Nederlandse bisschoppen een mandement rond waarin katholieken tot eenheid werden opgeroepen, ook op politiek terrein. De Partij van de Arbeid kende toen een rooms-katholieke werkgemeenschap, want de PvdA had in 1946 in haar beginselprogramma geschreven het bij de leden 'te waarderen' als zij in hun werk voor de partij hun levensovertuiging zouden inbrengen. De bisschoppen hadden toen de katholieke PvdA'ers in gewetensnood gebracht. Maar de voorzitter van de werkgemeenschap, Geert Ruygers, zei een jaar later in een openbare vergadering dat zij in de partij zouden blijven en daarbij citeerde hij het Wilhelmus...

Ik denk dat vijftig jaar later kardinaal Simonis inmiddels zonder bezwaar het vijftiende couplet zal aanheffen. Misschien is het aardig als de moslimgemeenschap deze lessen zou opzuigen en als voortaan in alle moskeeën dit vers als slotzang zou worden aangeheven (op die manier leren de allochtonen ook dat moeilijke woord obediëren voor gehoorzamen). Ik zie dan overigens met angstige spanning het ogenblik tegemoet dat de zich liberaal noemende minister Verdonk zich met het Wilhelmus zal gaan bezighouden. Ik vrees dat de wijze les van Rogier niet aan haar besteed is.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden