Ook Van Rijn zit klem tussen het politieke ideaal en de barre praktijk

De theorie en de praktijk, of liever: het ideaal en de praktijk. In de politiek zijn die begrippen gezworen vijanden van elkaar.

Voorbeelden te over de laatste twee jaar. Het leek bijvoorbeeld zo begripvol en sociaal van - vooral - het CDA om toeslagen voor de zorgverzekering, de huur of kinderopvang eerst maar eens uit te betalen en daarna te controleren hoe hoog precies de toeslag zou moeten zijn.

We hebben het geweten. En vooral: staatssecretaris Frans Weekers heeft het geweten. Bulgaren lieten, terug in hun geboortedorp, de oranje ING-pasjes zien waarmee de toeslag voor hun opdrachtgevers van de bank werd gehaald. Gratis geld, dat Weekers de kop kostte. Zelfkritiek is de Kamer namelijk vreemd. Ook een onmogelijke opdracht van het parlement dient door een bewindsman zonder problemen en soepel te worden uitgevoerd.

Ideaal en werkelijkheid. Twintig jaar geleden probeerde de toenmalige minister van sociale zaken Ad Melkert iets te doen aan de wildgroei aan flexibele arbeidscontracten. Twee decennia duurde het voor een verre opvolger van hem, minister Lodewijk Asscher, voor exact dezelfde taak staat. Over een dikke maand wordt een wet van kracht die, in theorie, ontslag vergemakkelijkt, maar, opnieuw, tegelijkertijd meer zekerheid moet bieden aan mensen met een flexibel arbeidscontract.

Twintig jaar later heeft de werkelijkheid de politiek ingehaald. Op zich niets bijzonders. De eerste publieke regeling die eens en voor altijd iets regelt moet nog uitgevonden worden.

Nu wordt het ideaal echter al voor er van een regeling sprake is ingehaald door de werkelijkheid. Van verschillende werkgevers is inmiddels bekend dat vanwege de nieuw geschapen werkelijkheid per 1 juli de werknemers met een flexibel contract nog snel de deur uitgewerkt worden. Asscher kan morele verontwaardiging voorwenden en erop wijzen dat er een sociaal akkoord tussen overheid, werkgevers en werknemers ligt waar de nieuwe regeling op gebaseerd is. Maar zelfs de overheid trekt zich niets van de geest van het akkoord of van het ideaal aan en ontdoet zich van de werknemers, omdat ze wel eens een paar euro duurder zouden kunnen worden.

In plaats van meer baanzekerheid heeft een deel van de werknemers binnenkort helemaal geen werk meer.

Het persoonsgebonden budget was ook zo'n prachtig tekentafelideaal. Vergeet alle rompslomp en geef mensen een budget waarmee zij hun eigen zorg kunnen inkopen. Eigen verantwoordelijkheid en zorg op maat, prachtige idealen, ware het niet dat - net als bij de toeslagen - de mensen niet willen voldoen aan de idealen. Hoeveel daarvoor speciaal opgerichte zorgkantoortjes werden er niet betrapt op fraude met de persoonsgebonden budgetten?

Het ideaal vraagt om een vrij besteedbaar budget, de praktijk eist een enorme bureaucratie, waarbij tot in detail wordt nagegaan wat een terecht budget is, hoe het wordt besteed en wat nog rechtmatig is.

De Kamer houdt deels vast aan het ideaalbeeld en eist dat er dan maar (opnieuw) voorschotten worden gegeven, terwijl de hele operatie nu juist bedoeld was om fraude uit te sluiten (en nota bene op verzoek van die Kamer zelf). En een staatssecretaris wordt, net als zijn voormalige collega Weekers, fijngemalen tussen ideaal en werkelijkheid.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden