Ook top in bedrijfsleven moet zich inhouden

Er komen zware bezuinigingen aan. Topmensen in de publieke en de private sector moeten het goede voorbeeld geven.

En weer is er een terechte hausse aan verontwaardiging over schandalige betalingen aan (gewezen) topmannen.

De top van PostNL verrijkt zich met vele miljoenen. De vrijwillig vertrokken Peter Bakker, topman van TNT, de voorloper van PostNL, kreeg toen zijn termijn afliep meer dan vijf miljoen euro mee. Alle commissarissen - van Wim Kok tot Jacques Wallage - lieten het gebeuren.

De veel bekritiseerde topman van woningcorporatie Vestia krijgt 3,5 miljoen mee en scheidend Akzo-topman Hans Wijers krijgt 1,2 miljoen als afscheidsbonus. Maar zijn contract liep toch gewoon af? De weggestuurde topman van het Zeeuwse energiebedrijf Delta krijgt 1,3 miljoen mee, terwijl de onderneming verzwakt achterblijft.

Relatief nieuw in Nederland is de golden hello: aantredende topmannen krijgen tekengeld, omdat ze van het ene naar het andere bedrijf switchen en iets omlaag gaan in salaris. Dat moet dan 'gematcht' worden. Zo krijgt de nieuwe topman van Douwe Egberts, afkomstig van Heineken, een golden hello van zes ton contant en voor 500.000 euro aan aandelen. Tja, de overgang van bier naar koffie is zwaar.

Nu is de verontwaardiging bij dergelijke bedragen altijd fors groter wanneer het een (ex-) (semi-)publieke instelling of onderneming betreft dan bij een private partij. Dat is niet terecht. In beide gevallen zijn het gedrag en de regeling van de directeuren en commissarissen laakbaar. Het gaat namelijk over de moraliteit en dan gelden in het publieke en het private domein dezelfde normen. Je kunt zeggen dat het bij een overheidsbedrijf of woningcorporatie om het geld van de belastingbetaler gaat en bij een privaat bedrijf niet. Maar dat argument gaat niet op: in alle gevallen betalen de mensen. Als klant, als belastingbetaler, of als burger.

Natuurlijk, in principe hebben klanten van private bedrijven een keuzemogelijkheid. Zij kunnen, als protest tegen de hoge beloningen, met hun voeten stemmen en voortaan hun waar bij een concurrent bestellen. Maar dat rechtvaardigt nog geen gigantische salarissen. Nagenoeg alle normen en regels zijn binnen het publieke en private domein gelijk. Regels van fatsoen zijn bij een bank en ziekenhuis toch gelijk?

Van een accountmanager bij een commercieel bedrijf wordt toch een vergelijkbare ethiek verwacht als van een ambtenaar of een onderwijzer? Sterker nog: wanneer de moraliteit bij een private onderneming minder mag zijn dan bij een publieke, discrimineer je in zekere zin. En als er wel een verschil mag zijn, legitimeer je daarmee additioneel laakbaar gedrag (salarisverhoging) wanneer een overheidsbedrijf geprivatiseerd wordt.

Dan komt wel de volgende vraag: wat is een gewenst niveau in kwalitatieve en kwantitatieve beloning? Dat is lastig, dat wisselt per onderneming, per instelling, per topman, per moment. We moeten directeuren en toezichthouders hebben die dat aanvoelen. Het niveau ligt ergens tussen het minimumloon en de hierboven genoemde bedragen.

Verstandige mensen kunnen dat, met een oog voor publieke, private en maatschappelijke context, prima bepalen. De afgelopen jaren hebben we veel codes gezien. Er is veel gesproken, gediscussieerd, gescholden over en op exorbitante 'beloningen'. Maar met de aanstaande maatregelen op macroniveau in Den Haag en op microniveau bij individuele ondernemingen geldt het principe noblesse oblige voor de top. Of ze nu bij publieke, geprivatiseerde, of beursgenoteerde ondernemingen werken.

Het gaat om draagvlak behouden in de samenleving. Dat is geen corporate governance, noch public governance, maar society governance.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden