Ook tonnetje van topsporter kan vol worden

De eerste en meest wijze les die ik kreeg toen ik wielrenner wilde worden, kwam uit de mond van Roxane Knetemann, de dochter van wijlen Gerrie Knetemann. Op het moment dat ze haar vader citeerde met een uitspraak die ik voor altijd bij me zal dragen, was zij eenentwintig jaar. Haar vader was net vier jaar overleden.

"Je moet jezelf de pijn gunnen", zei ze. Dat had Gerrie haar geleerd, net zoals hij haar alles over het fietsen had geleerd. Alleen als je jezelf de pijn in je lijf gunt, kun je een topprestatie neerzetten, legde Roxane nog iets preciezer uit.

Ik denk dat niet zij op dat moment, nu zeven jaar geleden, in staat was die uitspraak in al zijn facetten te doorgronden. Ik ook niet. Een prachtige quote vond ik het, maar daar bleef het wel zo'n beetje bij.

Door de jaren heen, met alles wat ik op en naast de fiets meemaakte, begon ik de woorden van Roxane en haar vader steeds beter te begrijpen. Ze kregen een vaste plek in mijn hoofd, als een wijsheid op een tegeltje, om telkens even naar te kijken.

Zoals gisteren bijvoorbeeld. Ik zag Ireen Wüst een zilveren plak op het WK allround veroveren, en constateerde: zij gunt zichzelf de pijn weer.

Het was een sukkelseizoen voor Ireen. In de zomer viel ze van haar fiets, op haar hoofd. Hersenschudding. Het trainen ging niet zoals ze gewend was, de prestaties lieten op zich wachten. En intussen moest ze ook nog nadenken over geld, over sponsors, over haar toekomst. Koppijn en kopzorgen.

Iedereen kan pijn verdragen. De een wat meer, de ander wat minder. Zie het als een tonnetje. Daar kan aardig wat in. Maar als het tonnetje vol is, dan is het vol. Dan kan er geen pijn meer bij. De tonnetjes van topsporters zijn groot, denk ik. Maar ook die raken wel eens vol. Met fysieke pijn, met mentale pijn, of met allebei. Is de pijn over, dan is het tonnetje niet meteen leeg. Er moet eerst wat uit verdampen, voor er weer pijn bij past. Voor je jezelf weer pijn kunt gunnen.

Zo ging het met Ireen, denk ik, dit seizoen. Wedstrijd na wedstrijd zag je de twijfel: ik ben toch hersteld? Ik train weer volop. Ik doe alles precies zoals het moet. Maar het lukt niet. Waarom niet? Hoe kan dat?

Het tonnetje zat nog vol, er was geen ruimte voor nieuwe pijn. Het is verduiveld moeilijk om dan rustig te blijven. Om te wachten tot er genoeg verdampt is. Want dat is het enige wat je doen kunt: jezelf de tijd geven. Voor topsporters, die altijd ongeduldig zijn, een bijna onmogelijke opgave.

Op Ireens gezicht zag ik gisteren niet alleen blijdschap. Maar ook opluchting. Ze kon het weer: de vreselijk lekkere pijn in haar poten verdragen. Ze kon het zichzelf weer gunnen. Eindelijk was er genoeg uit haar tonnetje verdampt.

En Roxane? Die heeft na het verlies van haar vader oneindig veel geduld moeten hebben. Maar ook zij kan het weer. Vorig seizoen zag je het al: als meesterknecht van Anna van der Breggen in de Waalse Pijl en in de Giro voor vrouwen cijferde ze zichzelf weg, lachend de pijn omarmend. Zaterdag finishte ze als negentiende in Strade Bianche, als derde Nederlandse. IJzersterk.

Ireen en Roxane. Zulke vrouwen gun je toch alle pijn van de wereld. En een leeg tonnetje. Dat vooral.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden