Ook rechts moet respect tonen

We zijn vergeten dat fatsoen en moraal de basis zijn van ons samenleving. Zowel links als rechts moet die fundamenten herontdekken en verdedigen.

Een week of wat geleden zat ik samen met een goede vriend op een bankje in het New yorkse Central Park en wij hadden het over de vraag wat in Nederland zou gebeuren wanneer zich een ernstige calamiteit zou voordoen, een aanslag of opnieuw een politieke moord.

Die vriend van mij sprak de verwachting uit dat er dan zoiets als een burgeroorlog zou uitbreken; het Nederlandse volk zou massaal in opstand komen. Zelf dacht ik aan het andere uiterste: de Nederlandse bevolking zou heel nederig haar excuses aan de moslimbevolking aanbieden, zichzelf de schuld van de ontstane situatie geven in de hoop dat het daarna afgelopen zou zijn.

Na deze rumoerige week -met de barbaarse moord op Theo van Gogh (op dat bankje in Central Park nog onvoorstelbaar) en de onthulling van de open brief aan Hirsi Ali -weet ik niet of die vriend nou gelijk krijgt of ik.

Vooralsnog ziet het ernaar uit dat zich een derde scenario voordoet. We zijn met z'n allen met stomheid geslagen, voelen ons verward en onzeker, en wachten met ingehouden spanning af hoe 'de politiek' verder op deze zaken zal reageren.

Die verwarring is maar al te begrijpelijk. We zijn een klein landje aan de zee en hebben op dat kleine oppervlak altijd een menigte aan levensbeschouwingen en geloven geherbergd. Dat vreedzame samenleven is niet zonder slag of stoot tot stand gekomen. Vanaf de late 16de eeuw hebben we arrangementen bedacht en ontworpen die deze coëxistentie mogelijk moesten maken. In een proces van eeuwen, en met veel vallen en opstaan, is ons dat gelukt. De pacificatie van 1917 is in deze ontwikkeling een hoogtepunt geweest.

Nu moeten we vaststellen dat dat model op de een of andere manier niet meer werkt. Dat we te naïef en te tolerant zijn geweest, te veel hebben laten gebeuren en nu de rekening van onze eigen slordigheid en onachtzaamheid gepresenteerd hebben gekregen.

Er zijn op z'n minst twee redenen aan te wijzen waarom dit heeft kunnen gebeuren. Een nihilistisch cultuurrelativisme is er al te gemakkelijk van uitgegaan dat onze beschaving niet veel meer dan een toevalligheid was, waarvan je op geen enkele gefundeerde manier kon zeggen dat die superieur was aan andere. Toen zich mensen met een geheel andere culturele achtergrond in ons land vestigden, vonden we het best als ze hun eigen identiteit wilden behouden. Zonder ons af te vragen of die identiteit in alle opzichten verenigbaar was met de moderne democratische rechtsstaat die Nederland is. En die ons eigenlijk -zo realiseerden wij ons na 11 september 2001-heel dierbaar is.

In de tweede plaats zijn we vergeten wat vrijheid inhoudt. Aan die prachtige arrangementen zoals de pacificatie lagen verzwegen, maar door iedereen gedeelde veronderstellingen over goed burgerschap ten grondslag . Wat die veronderstellingen waren, is nooit beter onder woorden gebracht dan door de Amerikaanse president George Washington in een brief uit 1790 aan de joodse gemeente van Rhode Island. Natuurlijk, schreef Washington, gelden de pas uitgeroepen grondwettelijke rechten en vrijheden ook voor jullie, maar alleen en voorzover je die rechten en vrijheden ook verdient. Je verdient die door goed burgerschap -door andere groepen te respecteren, niet op te roepen of aan te zetten tot haat en geweld, en dat wat jouw geloof 'zonde' noemt niet te criminaliseren.

Omdat we deze kernnotie van de voorwaardelijke toegang tot rechten en vrijheden zijn vergeten, is vrijheid ontaard in nonchalance en vrijblijvendheid. Zonder enige ernst en discipline hebben we alles maar laten gebeuren.

Nu staan we op een tweesprong. We kunnen ons laten intimideren en vanuit een verkeerd begrip van tolerantie toegeven aan de ruimte die een intolerant geloof met een andere, ondemocratische visie op rechten en vrijheden voor zichzelf opeist. Of we kunnen vanuit de politiek hele harde maatregelen gaan nemen. Niet dat die maatregelen werkelijk iets zullen oplossen, maar ze zullen de risico's beperken.

Dat is één. En deze weg van politieke vastberadenheid is niet eens zo moeilijk (zo zal tijdens het kamerdebat van volgende week hopelijk blijken). Er is wat druk vanuit de bevolking en enige politieke wil voor nodig, waarna nieuwe prioriteiten kunnen worden gesteld en de middelen daartoe kunnen worden vrijgemaakt.

Maar zeker op langere termijn is veel belangrijker dat wij het fundament van fatsoen en respect dat aan al onze maatschappelijke arrangementen ten grondslag ligt, weer gaan ontdekken, benoemen en verdedigen als de noodzakelijke voorwaarden voor een vreedzaam samenleven. Dat vraagt om een andere invulling van opvoeding en onderwijs dan de afgelopen decennia gebruikelijk is geweest. En het vraagt om veel discussie en debat -hard en scherp als het moet, maar altijd respectvol. Het belang van dat laatste zou ik ook al mijn rechtse broeders graag onder de aandacht willen brengen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden