Ook opgesloten gaat het leven door

Detentie | Gedetineerden moeten het heft zelf in handen nemen in de splinternieuwe gevangenis in Westzaan. Ook het gebouw is zelfredzaam, de energie wordt zelf opgewekt.

Tijdens de bouw liep directeur Eric Nijman geregeld een stukje door het veenweidegebied in Westzaan, waar 'zijn' nieuwe gevangenis verrees. Dikwijls trof hij daar dezelfde wandelaar met hond, die geen twijfel liet bestaan over hoe het gebouw op hem overkwam: 'Het lijkt wel een Van der Valkhotel'.

Weinig beelden zijn in de publieke opinie zo hardnekkig als de gevangenis die meer weg heeft van een hotel dan van een strafinrichting. De faciliteiten liegen er ook niet om: sportvelden en fitnesszalen, een grote keuken op elke afdelingen, een magnetron op cel, en een tv-scherm bij elk bed.

Wie in Zaandam zijn straf uitzit, krijgt daarnaast ook veel bewegingsvrijheid binnen een door controleposten afgebakende zone. Een 'groene gevangene', die zich houdt aan de regels en zich niet misdraagt, loopt zelf naar de fitness, het winkeltje, de gebedsruimte, de afspraak met zijn advocaat of een van de bezoekerszalen. Hij gaat zelf naar de afdeling reïntegratie, om via een beperkte internetverbinding zelf naar werk te zoeken, een opleiding te volgen of zijn terugkeer naar huis voor te bereiden.

Het systeem werkt met toegangspasjes, zoals menig bedrijf gebruikt. Alleen als een gedetineerde de afspraken niet nakomt, verschijnt een rood kruis op de scanner en blokkeert zijn pasje de deuren en moet hij voor alles de hulp van een bewaker inroepen. "Als we iemand beperkingen opleggen, kunnen we uitleggen waarom", legt Nijman uit.

In Justitieel Complex Zaandam (JCZ) regelt de gedetineerde zijn zaakjes zoveel mogelijk zelf. Toch is het JCZ bepaald geen hotel voor zijn tijdelijke bewoners. Elke middag om vijf uur gaan de celdeuren op slot, 's morgens om acht uur gaan ze weer open. "Het sociale leven buiten gaat gewoon door en jij zit opgesloten. Dat doet zeker pijn", zegt Toon Molleman, adviseur bij de Dienst Justitiële Inrichtingen van het ministerie van veiligheid en justitie.

De gevangenis van de 21ste eeuw is nog steeds een gebouw waar je niet wilt zitten. Maar het weerspiegelt wel de laatste inzichten over het straffen van criminelen en wetsovertreders en hoe die, na het uitzitten van hun straf, moeten kunnen terugkeren in de samenleving.

Sober en doelmatig

Het gebouw is daarop aangepast. Het JCZ is voorzien van allerlei technische snufjes en zorgt voor zijn eigen energie: de platte daken liggen vol zonnepanelen, er steekt een warmte- en kouderegelaar in de grond en op een aanpalende vuilnisbelt staat de eigen windmolen. Nog belangrijker is de uitstraling: sober en doelmatig. Van binnen grijs en ongepolijst staal, van buiten een verzameling platte dozen op een industrieterrein, omgeven door groen.

Lang niet zo afschrikwekkend als de Bijlmerbajes of imponerend als de Haarlemse koepelgevangenis, waar het JCZ voor in de plaats komt. "Hoge muren, liefst nog een gracht ervoor, dat was een signaal naar de samenleving", vertelt Molleman. "De Blokhuispoort in Leeuwarden is daar een heel mooi voorbeeld van." De karakteristieke gevangenis in de Friese hoofdstad, bekend van de oorlogsfilm 'De Overval' (1962), is nu in gebruik als verzamelgebouw voor jonge ondernemers en hoofdkwartier van de organisatie van Leeuwarden, culturele hoofdstad van Europa 2018. De Bijlmerbajes wordt ingezet als tijdelijke asielopvang, net als de drie koepels (Haarlem, Breda en Arnhem), in afwachting van een nieuwe bestemming.

Panopticum

Ze zijn niet meer van deze tijd, die oude gevangenissen. De koepels waren ooit revolutionair, als variant op het panopticum (alziend in het Latijn). Dit architectonische principe, dat het mogelijk maakt vanuit een punt alle bewoners van de cellen rondom te bewaken, werd in 1791 beschreven door de Engelse filosoof Jeremy Bentham. Hij voorzag een toren in het midden, waarin slechts één bewaker nodig was, maar zover ging de Nederlandse ontwerper J.F. Metzelaar niet.

Benthams panopticum paste in de Verlichting, vertelt Molleman, waarin de gedachte dat misdadigers moesten worden afgestraft met lijfstraffen plaatsmaakte voor het idee dat een straf op de geest moest inwerken. In de Middeleeuwen waren gevangenen nog te werk gesteld in het rasphuis, waar mannen Braziliaans hardhout moesten vermalen tot verfstof, of spinhuis, waar vrouwen touw en garen draaiden uit vlas en wol. Vanaf de 18de eeuw werden gevangenen geïsoleerd, in de veronderstelling dat het moreel besef van hun kwaad vanzelf zou komen.

"In de Amerikaanse staat Pennsylvania was een systeem ontwikkeld waarbij elke cel zijn eigen luchtruimte had, zodat gevangenen met niemand contact hadden, ook niet met elkaar. Dat systeem werd ook in Nederland ingevoerd. Mensen zaten twintig tot dertig jaar alleen opgesloten, wat leidde tot zware dissociatieve verschijnselen."

De Duitse jurist en psycholoog Franz von Liszt zorgde rond 1850 voor een ommekeer, met zijn pleidooi voor verbeteringsinstituten, aldus Molleman. "Hij concludeerde dat de criminele besmetting door onderling contact van gedetineerden minder erg was dan de gevolgen van complete afzondering. Dankzij hem zijn we gaan kijken naar de omstandigheden en naar het nut van scholing, therapie en voorzieningen."

Voorkomen dat gedetineerden schade oplopen door hun gevangenschap is in de hedendaagse criminologie heel gewoon. "Zelfmoord komt bijna niet meer voor, het behoud van sociale banden, je huis en werk zijn belangrijk voor een goede terugkeer in de samenleving", aldus Molleman. De recidive valt nog wel tegen, zegt hij. Veel mensen gaan na hun detentie opnieuw in de fout. "Het is blijkbaar niet gemakkelijk om uit die groef te blijven. Maar we weten steeds beter hoe het werkt."

Dagstructuur

Binnen de muren van het JCZ bootst justitie het gewone leven zo goed mogelijk na, met een dagstructuur van werk, sport en recreatie. "Dat het binnen zoveel mogelijk lijkt op buiten, behalve dat je niet weg kunt", legt Molleman uit. "De rechter drukt immers de straf uit in de lengte van de detentie, niet de omstandigheden ervan."

Het gebouw laat veel licht toe en er zijn ruime zichtlijnen zonder onnodige belemmeringen in het blikveld. Dat biedt rust, net als het uitzicht, vanuit elke cel, op een groene tuin met opschietende jonge aanplant. Zelf zaken regelen, je eigen eten koken, afspraken maken wanneer je bezoek krijgt of mag gaan sporten, vergroot het gevoel van eigenwaarde bij de gevangene. Het mindert ook de druk op het personeel, als hij niet elke keer om toestemming hoeft te vragen.

"Het duurde vier jaar om het concept van dit gebouw te maken, bijna drie keer zo lang als de bouw zelf", zegt Nijman. "Natuurlijk blijven we streng aan de poort. Dit gebouw is hard van buiten, maar zacht van binnen. Het regime in de Nederlandse gevangenissen is veranderd van een bevelhuishouding naar een onderhandelingshuishouding. Daar is het gebouw op aangepast."

Primair blijft het vastzetten van criminelen gaan om vergelding, het bewaren van de veiligheid in de samenleving en een ongestoorde rechtsgang, benadrukt de directeur. "Maar voor de meesten is het een korte onderbreking van hun leven; 34 procent is binnen twee weken weer weg, gemiddeld duurt een verblijf in de gevangenis 97 dagen. Alle inspanning heeft geen zin, als iemand straks met z'n tas weer buitenstaat en niet weet welke kant hij op moet."

Met het oog op die resocialisatie hoort een gevangenis eigenlijk midden in de stad te staan in plaats van op een industrieterrein, vindt Nijman. Zo was het vroeger, toen rechtspraak en straf zichtbaar deel uitmaakten van de samenleving. Iedereen moest kunnen zien wat er gebeurde met een dief, een oplichter, een moordenaar, die na zijn straf gewoon weer deel werd van de groep mensen waar hij toe behoorde.

Gevangenis en kliniek

Het Justitieel Complex Zaandam heeft binnen zijn muren een gevangenis en een huis van bewaring, waar verdachten op last van het openbaar ministerie hun berechting in voorlopige hechtenis moeten afwachten. Ook is er een kliniek voor psychiatrische patiënten die een misdrijf hebben gepleegd.

Het JCZ bedient zowel het arrondissement van Amsterdam als dat van Noord-Holland en komt onder andere in de plaats van de Penitentiaire Inrichting Over-Amstel, beter bekend als de Bijlmerbajes, en de PI Haarlem, zoals de koepelgevangenis daar officieel heette. Met plaats voor duizend gedetineerden, in meerderheid verdeeld over tweepersoonscellen, is het JCZ anderhalf keer zo groot als de Bijlmerbajes. De 600 personeelsleden (net zoveel als in Amsterdam) komen van eerder gesloten gevangenissen in Noord-Holland.

Als eersten werden begin deze maand de 116 patiënten van het Penitentiair Psychiatrisch Centrum uit Amsterdam overgeplaatst naar Zaandam. In september komen de gewone gedetineerden en de bewoners van het huis van bewaring, die worden verdeeld over vier clusters. Een cluster blijft voorlopig leeg omdat er in Nederland meer cellen zijn (ruim 13.000, verdeeld over 27 vestigingen) dan mensen die een straf moeten uitzitten (iets meer dan 8.000). Als gevolg van de dalende criminaliteit neemt het aantal gedetineerden af.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden