Ook Koran wil wereldethos

Onder de kop 'Religieus imperialisme' schreef Trouw in december wat zuur over het door Hans Küng gelanceerde begrip 'wereldethos'. Zowel Küng zelf als het mondiale zoeken naar nieuwe taal voor overleg vanuit onze religies en culturen, werd daarin geen recht gedaan. Naast Küng tonen ook president Wahid van Indonesië en de Turkse minister van buitenlandse zaken, Ismail Cem, dat onbekendheid met islam-cultuur en de vooroordelen die eruit voortkomen desastreus voor de wereldvrede kunnen zijn.

Abdulwahid van Bommel

Wat is eigenlijk het bezwaar tegen de bevlogen theoloog Küng? Had hij na de Vaticaanse banvloek een gefrustreerde underdog moeten worden om wel op sympathie te mogen rekenen? Geeft het geen pas om wereldethiek te prediken in kringen van theologisch- en werelds establishment? Is niet juist het probleem dat woordvoerders van mensenrechtenorganisaties en het Parlement der religies vaker praten met gepensioneerde staatshoofden dan met de hoofdrolspelers in de wereldpolitiek?

In een essay 'De geschiedenis van onderontwikkeling in Turkije' wijt Ismail Cem een aantal ziekten van zijn land aan de al te gretige verwelkoming van het westers materialisme. Cem, die een doorbraak heeft bewerkstelligd in de relatie met Griekenland, neemt als eerste intellectueel en politiek afstand van het verkapte nationalisme en van extreem-rechts fundamentalisme in Turkije. Hij geeft hoog op van de Europese identiteit met haar respect voor democratie, religieuze tolerantie, gelijkheid van seksen en cultureel pluralisme. Turkije heeft in ruim driekwart eeuw secularisatie een scheiding tussen religie en staat bewerkstelligd, maar met elk van deze als representatief voor de Europese identiteit genoemde principes heeft het nog grote moeite. En de op Europa gerichte blik heeft Turkije nog maar weinig onafhankelijke denkers bezorgd; kemalisme en secularisme hebben er de trekken van een midden-oosterse religie, met veel conformisme en uit het hoofd geleerde aforismen van Kemal Atatürk. Als Cem de taboes van die zelfgemaakte religie weet te doorbreken kan dat het begin zijn van een soort Turkse glasnost.

Ook president Wahid van Indonesië noemt zijn doorbraak naar democratie pluralisme. Hij bouwt voort op het koranvers over God die tot verschillende religies heeft besloten; wij hoeven dat volgens hem niet te veranderen, maar we moeten wel, ieder vanuit eigen overtuiging, vorm geven aan een mondiale ethiek. In Indonesië steekt zijn organisatie, de Nahdlatul Ulama (NU), ver uit boven andere moslimgroepen, die in slogans denken.

Als Wahid in Nederland sociale rechtvaardigheid de basis van elke moderne samenleving noemt, verwijst hij niet naar een islam die angstvallig let op de vorm van de sociale rechtvaardigheid (met armenbelasting), maar op de herkenbaarheid van soortgelijke principes in andere culturen. Dat lijkt mij precies de grondhouding van de dialoog die Küng wil en waarbij de deelnemers niets van hun eigenheid hoeven prijs te geven. Mensen die Wahid niet kenden voor hij president werd, vinden zijn uitspraken misschien opportunisch. Wie hem beter kent ziet ze als resultaat van een lange, moeizame interreligieuze dialoog.

Küngs ideeën werden in bovengenoemde beschouwing in Trouw nogal karikaturaal samengevat als: gij zult niet doden, niet stelen, niet liegen, geen seksuele immoraliteit begaan. Sinds kort bestaat er een Nederlandse vertaling van de Verklaring van een Wereldwijd Ethos. De ethische principes worden in deze 'Verklaring' positief geformuleerd:

- Geweldloosheid en eerbied voor het leven

- Solidariteit en een rechtvaardige economische orde

- Tolerantie en een leven van waarachtigheid

- Gelijke rechten en partnerschap tussen man en vrouw

Bij dit vierde punt wordt opgemerkt dat dit 'binnen veel religies voor de orthodoxen onacceptabel zou zijn'. Tot overmaat van ramp willen diezelfde orthodoxen die verklaring, 'dwars door religies heen', niet ondertekenen, Küng heeft echter volgens het Trouw-artikel iets ergers gedaan en wel een nieuw 'dogma' ontwikkeld, dat iedereen dient te onderschrijven: tegen het idee dat alleen de eigen openbaring waar is en andere openbaringen onwaar. Dat lijkt me een groot misverstand. Juist de oprechtheid van de deelnemers staat garant voor de kwaliteit van de dialoog.

Volgens Küng gaan we langzaam maar zeker af op een wereldomvattend oecumenisch bewustzijn. Dat zei hij twintig jaar geleden al. Dat hij en anderen dit soort dingen zeggen, vind ik belangrijker dan de vraag of het zo herkenbaar is in het wereldgebeuren. Want het gaat niet zozeer om een dogma maar om een proces van mondiale betrokkenbeid bij ethische vraagstukken. Dit blijkt uit de pogingen tot het vinden van een gezamenlijke vocabulaire waarin ethisch gedacht, gesproken en gehandeld kan worden. Dat Küng, noch het parlement tot ondertekenen kunnen dwingen blijkt wel uit de reacties.

Küng houdt zich het liefst met de gehele bewoonde aarde bezig. Oecumene mag niet beperkt blijven tot de christelijke kerken, maar dient ook andere grote godsdiensten in zich te sluiten. Hij vergelijkt de twee dialogen in beide grote gemeenschappen met elkaar en stelt vast dat de interreligieuze dialoog vijftig jaar achter loopt bij de interchristelijke dialoog. Of we die achterstand aan het inlopen zijn durft hij niet te zeggen. De religieuze, zedelijke en esthetische waarden van miljarden niet-christenen mogen niet langer genegeerd worden, zegt Küng.

De theoloog uit Tübingen stelt twee voorwaarden aan zijn eigen achterban: zelfkritiek in de spiegel van andere godsdiensten en kritiek op andere godsdiensten in het licht van de eigen boodschap, waarbij alleen gelijkwaardige zaken met elkaar mogen worden vergeleken.

De vraag blijft of joden, christenen en moslims in staat zijn tot respect en op gelijk niveau aanvaarden, maar ook tot kritisch beschouwen van elkaars heilige teksten. Voor Küng is de Bijbel een hoogst polyforme verzameling geloofsdocumenten die Gods openbaring en woord niet zonder meer zijn, maar die wel van Gods openbaring en woord in menselijke vorm getuigen. Daarbij is niet van belang hoe onfeilbaarheid de auteurs zijn, maar het feit dat de boodschap voor zichzelf kan instaan.

Moslims dienen zich af te vragen wat historisch-kritisch begrip van de Koran zou kunnen betekenen. Küng stelt drie punten:

- de Koran is geen verzameling starre formules, leerstellingen, rechtsprincipes, alsof de Koran onhistorisch kan worden doorgegeven, los van tijd, plaats of personen. Dat laatste zou een onkritisch dogmatisch begrip van de Koran zijn.

- de Koran is evenmin een stroom voortdurend veranderende interpretaties, als ware het niets anders dan de geschiedenis van zijn betekenissen. Dat zou een onkritisch fenomenologisch begrip van de Koran zijn.

- de Koran is wél een steeds weer opnieuw gehoorde, levende boodschap, het grote profetische getuigenis van de ene, enkele, machtige en barmhartige God de Schepper en Voltooier, zijn oordeel en zijn belofte. Een constant getuigenis, om juist nu bepaalde conflicten met de natuurwetenschap, geschiedenis en ook met het moderne ethos en rechtsbewustzijn ondubbelzinnig en constructief op te lossen. Zo'n historisch-kritisch begrip mag op geen enkele manier in tegenspraak zijn met een fundamentele, gelovige en positieve instelling.

Elk van de drie grote religies uit het Nabije Oosten, zo erkent de islamitische theologe Riffat Hassan, ,,heeft een bepaald punt dat voor haarzelf niet 'onderhandelbaar' is, en voor de beide andere niet acceptabel. Voor het jodendom is dat de uitverkiezing van Israël als Volk Gods met de belofte van het land, voor het christendom de leer van Christus als Zoon Gods en voor de islam de leer van de Koran als het Woord Gods. Maar over deze kwesties moet wel een gesprek mogelijk zijn.''

Misschien moet de vraagstelling worden aangescherpt tot: kunnen we ieder vanuit onze eigenheid tot een vredestheologie komen of moet een nieuwe, uit de grootste gemene deler te ontwikkelen gedachte uitkomst bieden? Ook Hassan heeft gereageerd op het voorstel tot een wereldethos. Zij twijfelt aan de mogelijkheid van gedeelde waarden en normen, waarin alle gelovigen en ongelovigen zich zouden kunnen vinden. Ze vindt het wereldethos net als de 'Universele verklaring van de rechten van de mens' het product van een westerse, individualistische mentaliteit zonder religieuze dimensie. Küngs kritikasters lijken dogmatischer dan hijzelf. Er is geen absolute eis van gedeelde waarden en normen. Op dit moment van de mensengeschiedenis is het hoogst haalbare de wens tot een gezamenlijke ethische taal te komen. En uitleggen dat de Koran zelf moslimdeelname aan een mondiale discussie over ethiek en mensenrechten aanmoedigt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden