Ook in nieuw Beneluxleger is de taalstrijd nooit ver weg

Spreken de militairen straks Nederlands, Frans of Engels?

Welke taal wordt de voertaal als, deels, Franstalige Luxemburgers en Nederlandse en Belgische militairen samenwerken in nieuw op te zetten Benelux-legereenheden? De vraag dringt zich op nu de Beneluxlanden gisteren in Brussel een overeenkomst hebben getekend om de drie legers nauwer te laten coöpereren.

De Nederlandse en Belgische marine werken al samen. Omdat de Belgische marine in Zeebrugge grotendeels wordt bemand door Vlamingen, is hier de voertaal vanzelfsprekend Nederlands. Maar de dominantie van het Nederlands is, ondanks de getalsmatige overmacht in zowel België als in de Benelux als geheel, geen vanzelfsprekendheid. Spanningen over taal zijn in België nooit ver weg.

Eind 2010 ontketende een Franstalige generaal felle kamerdebatten toen hij stelde dat het Belgische leger aan het vervlaamsen was. Hij stelde onder meer vast dat er relatief meer Nederlandstalige dan Franstalige generaals waren. De achtergrond van het probleem lag in de eis dat generaals perfect tweetalig moeten zijn. Als zo'n eis streng wordt gehandhaafd - wat bij generaals het geval is, maar bij veel andere hogere overheidsdienaren niet - valt op dat het Vlamingen beter lukt om aan die eis te voldoen.

De zaak leidde tot studies in de werkgroep 'taalevenwicht' en de aanstelling van een aantal als Franstaligen geboren, maar inmiddels tweetalige hoge militairen.

Is het niet in het leger, dan speelt er in aanverwante sectoren wel een felle taalstrijd. Deze week verbood de Raad van State het ontslag van een Nederlandstalige politie-agent die de vader van een slachtoffer had afgeperst. De Raad van State verklaarde het ontslag nietig omdat het Nederlandse taalbrevet van de Franstalige chef van de afperser niet aan de vereisten voldeed.

Wat het leger betreft wuift de Belgische minister van defensie Pieter de Crem wuift alle problemen weg. Wat hem betreft is niet het Frans of Nederlands, maar het Engels de militaire taal van de toekomst, zo heeft hij al meermalen laten weten.

De samenwerking van het 'Beneluxleger' betreft voorlopig vooral trainingen en aankopen. Wordt in de toekomst de integratie hechter, dan duikt behalve het taalprobleem ook het probleem van de soevereiniteit op. Wie voert het bevel, wie heeft het laatste woord? Minister Hillen kondigde gisteren in Brussel aan dat hij op heel korte termijn met de Nederlandse Tweede Kamer over dit onderwerp wil debatteren. "De Tweede Kamer dringt wel aan op samenwerking, maar dat doet ze enkel om budgettaire redenen. Maar samenwerking op militair vlak betekent ook dat we politiek moeten samenwerken. Zo moet er parlementaire afstemming komen over hoe we over conflictgebieden denken. Als je samenwerkt, krijg je meer voor elkaar. Maar dat is niet vrijblijvend."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden