Ook houding van politici is bepalend voor aanzien Kamer

Met meer personeel en een ruimer budget zou de Kamer beter kunnen presteren. (Trouw)

De Tweede Kamer wil haar aanzien als instituut herstellen. Dat vraagt niet alleen om andere procedures, maar ook om een andere houding van individuele parlementariërs.

„Ik zal de halmen niet meer zien”, zo citeerde Kamervoorzitter Verbeet in een rapport met aanbevelingen voor het beter functioneren van de Tweede Kamer uit het gedicht ’De Ploeger’ van Adriaan Roland Holst. Haar boodschap: het zal nog lang duren voordat iets merkbaar zal zijn van de voorgestelde verbeteringen. Misschien wel zo lang, dat Verbeet het zelf niet meer zou meemaken.

Te pessimistisch, vond CDA-Kamerlid Schinkelshoek gisteren in een debat tussen Kamerleden en de opstellers van het rapport ’Vertrouwen en Zelfvertrouwen’. Volgens de initiatiefnemer van het proces van ’parlementaire zelfreflectie’ is het inderdaad een zaak van lange adem, maar allerminst hopeloos. De belangrijkste winst is er immers al: dat de Tweede Kamer bereid is naar haar eigen functioneren te kijken. „Het begin van een cultuuromslag”, meent Schinkelshoek.

Eén van de aanbevelingen is het beperken van het aantal spoeddebatten. Nu staan er te veel incidenten op de agenda van de Tweede Kamer, vindt een deel van de volksvertegenwoordiging. Maar Van Raak –lid van de stuurgroep én van oppositiepartij SP die niet kijkt op een spoeddebatje meer of minder– hield zijn collega’s voor dat spoeddebatten niet alleen maar negatief moeten worden geduid. Enkele jaren geleden waren er met enige regelmaat spoeddebatten over een ontsnapte tbs’er die weer in de fout was gegaan. „Die hebben wel tot verbetering van het tbs- stelsel geleid”, stelde Van Raak vast.

Hij hoeft zich geen zorgen te maken. Een meerderheid van de Kamer wil fracties niet op rantsoen zetten. En ook ten aanzien van grof taalgebruik –zoals ’knettergek’ en ’flapdrol’– zal de oplossing niet worden gezocht in strengere regels. De ergernis is er wel, evenals de wens dat terug te dringen. Maar het ligt toch vooral bij de individuele Kamerleden zelf.

„Hoe meer gezag het instituut Tweede Kamer geniet bij regering en bevolking”, aldus de parlementaire stuurgroep in haar rapport, „hoe meer gezag ook de individuele leden zullen herwinnen, krijgen of behouden.” Maar andersom, zo zullen Kamerleden beseffen, geldt dat natuurlijk net zo goed.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden