Column

Ook de SP kiest ervoor zich te verschansen

Beeld Trouw

In hun boek ‘Populisten in de polder’ uit 2012 rekenden politiek onderzoekers Lucardie en Voerman de SP niet langer tot het populisme. Is dat houdbaar?

Beide onderzoekers constateerden dat de partij haar populistische veren van maoïstische makelij geleidelijk had afgeschud en zo goed als klaarstond voor de sprong naar het machtscentrum.

Toen het boek uitkwam, leek het daar inderdaad even op. Vanwege de groei van de partij in de peilingen hield zelfs de VVD er rekening mee dat zij tot samenwerking met de SP zou worden veroordeeld. Van zo’n ‘Cuba libre-coalitie’ onder leiding van Rutte en Roemer is het niet gekomen, wel drong de partij nadien sterker door in lokale en provinciale besturen. Landelijk lijkt er nu, onder het bewind van Lilian Marijnissen en partijvoorzitter Ron Meyer, sprake van een ruk in populistische richting.

Geen ‘bestuurlijke ingroei’, maar terug naar de flank, waar misschien electorale kansen liggen, zoals de staatscommissie-Remkes constateerde: een gat in de representatie van de bevolking voor een economisch linkse en cultureel rechtse partij, goed voor vijftig zetels. Wil de SP die slag slaan en kruipt zij daarom tegen het populisme aan?

Een blijvertje

Lucardie en Voerman meenden destijds dat het populisme, al had het in ons land een dunne traditie, een blijvertje was, zolang immigratie, multiculturalisme en de Europese Unie de bevolking verdeeld houden. Dat zagen ze goed. Deze kwesties domineren nog altijd het politieke debat en hebben grote invloed op het speelveld in Den Haag.

Daarnaast voorspelden de onderzoekers dat de nationalistische variant, belichaamd door de PVV, de langste adem zou hebben. Ook dat klopt vooralsnog. De PVV heeft op dit punt zelfs een concurrent gekregen in het Forum voor Democratie. In de jongste peilingen zijn beide partijen goed voor ruim dertig Kamerzetels, een vijfde van de bevolking.

Moet de SP opnieuw tot de populistische familie worden gerekend, nu zij ook steeds opzichtiger de nationalistische kaart trekt? Zo ja, dan wordt die familie wel zorgwekkend groot. Het zijn nog maar peilingen, maar bij elkaar opgeteld kom je al bijna tot een derde van het aantal Kamerzetels.

De SP was altijd al tegen de EU, die zij als neoliberaal project beschouwt. Nu keert zij zich met de wens tot regulering van de arbeidsmigratie nadrukkelijk tegen de open grenzen binnen de unie. Dat is nog wat anders dan een nexit, die het Forum voor Democratie voorstaat, maar het gaat wel de kant op van verschansing. Net als bij de brexit is, zij het verhulder, het motto ‘eigen arbeiders eerst’. Niet de hele partij, zo bleek op het congres vorig weekeinde, is daar blij mee.

Grootkapitaal

Lucardie en Voerman rekenden die partijen tot het populisme die welbewust een tegenstelling scheppen tussen ‘het volk’ en ‘de elite’. In dat profiel heeft de SP altijd gepast, in de zin dat zij ‘de stem van gewone mensen’ wil zijn en zich afzet tegen het Haagse establishment en het grootkapitaal. Maar een verschil is dat zij niet beweert ‘namens het volk’ te spreken. Dat is een wezenlijk verschil met de PVV, die het volk tot maat der dingen maakt en daarmee de kern van onze democratie, de verscheidenheid van opvattingen en religies, verwerpt.

Nog een verschil met de PVV is dat de SP, conform de socialistische traditie, strak in de leer is en minder opportunistisch, waardoor zij minder wendbaar is. Dat was goed zichtbaar in enkele kabinetsformaties. De SP liet zich in 2006 ondanks een historische winst van zestien zetels, die haar op 25 Kamerzetels bracht, binnen de kortste tijd van de onderhandelingstafel wegjagen. Daarentegen lieten de LPF van wijlen Fortuyn in 2002 en de PVV van Wilders in 2010 zich soepel in een kabinet opnemen.

Opponeren tegen de zittende macht zit de SP diep in de genen, maar het maakt de partij nog niet stelselvijandig. Toch is het riskant dat zij de populistische retoriek tegen de EU, de islam en multiculturele samenleving overneemt, zij het wat omzwachteld, en meegaat in de misleidende voorstelling dat we het in Nederland zonder arbeidsmigranten uit de EU af zou kunnen. Het brexit-drama zou afschrikwekkend genoeg moeten zijn.

Rode Ferrari

De boodschap van alle populistische retoriek is materiële behoudzucht en culturele afweer. De SP verbeeldt dat, vermoedelijk ongewild, in haar campagnespotjes. Hierin rijdt Lilian Marijnissen, pratend met een BN’er naast zich, rond in een rode Ferrari. Het zal wel ironisch bedoeld zijn, maar toch. Op de vraag van een passagier of deze auto voor de SP staat, antwoordt Marijnissen: ‘Ja, rood, snel en een hoop geluid’.

Het deed me denken aan de socialistische denker Jacques de Kadt, voor wie materiële welvaart in dienst moest staan van vrijheid en beschaving. Hij had niets op met de moderne massamens voor wie het leven gelijk stond aan ‘autorijden en brullen’.

Hans Goslinga (Baambrugge, 1948) werkte op de parlementsredactie van Trouw, waar hij in 1993 politiek commentator werd. In 2001 won hij de Anne Vondelingprijs, in 2012 de Heldringprijs voor columnist van het jaar. Hij schrijft elke week over de staat van onze politiek en democratie. Zijn eerdere columns vindt u op trouw.nl/hansgoslinga.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden