Ook Chinezen zelf moeten steeds minder van ivoor hebben

Een ivoren beeldje van Mao ZedongBeeld EPA

China, 's werelds grootste afnemer van ivoor, neemt een opmerkelijke maatregel: een tijdelijk importverbod. Tot volgend jaar februari mag het bewerkte materiaal van slagtanden van bijvoorbeeld olifanten niet meer worden ingevoerd. En dat is niet alleen onder druk van het buitenland.

De maatregel komt een paar dagen voordat de Britse prins William het land een bezoek brengt. Hij staat bekend als felle tegenstander van ivoorhandel en uitte afgelopen december in een speech kritiek op China, dat te weinig zou doen tegen de snelgroeiende ivoorconsumptie in het land. Meer dan de helft van de slagtanden van de ruim 20.000 olifanten die per jaar worden gedood komen in China terecht, waar er medicijnen en sieraden van worden gemaakt.

Een radicale omslag zal de maatregel niet zijn: veel ivoor wordt verhandeld op de zwarte markt, en die blijft bestaan. Ook is het niet de eerste keer dat China beloftes doet. In 1981 tekende het een verdrag dat de wereldwijde ivoorhandel aan banden legde, maar China bedong in 2008 een eenmalige uitzondering om 62 ton Afrikaans ivoor te importeren. Sindsdien komt er elk jaar een deel van die ivoorvoorraad op de markt, na bewerking in goedgekeurde fabrieken.

Omdat er nu legaal ivoor op de markt is, biedt dat veel ruimte voor de illegale handel. Toch is er wel degelijke een verandering gaande in China. Maar hoewel een volledig verbod uitblijft, worden de autoriteiten de laatste jaren wel wat actiever in de strijd tegen illegale ivoorhandel. Vorig jaar vernietigden de Chinese autoriteiten voor het eerst een partij gestroopt ivoor, om een signaal af te geven. Chinese toeristen in Afrika krijgen per sms van het Chinese bosbeheer te horen dat stropen illegaal is. En het Chinese staatspersbureau Xinhua zegt dat er na het aflopen van het huidige verbod zal worden gekeken hoe effectief het is geweest.

Binnenlandse druk
De druk op de Chinese overheid om meer te doen komt niet alleen van buiten. Ook binnen China is er steeds meer aandacht voor het beschermen van bedreigde diersoorten zoals de olifant. Posters en tv-spotjes met celebrities als basketballer Yao Ming en actrice Li Bingbing zorgen ervoor dat vooral onder de stedelijke bevolking de kennis over illegale stroperij enorm is toegenomen.

En met resultaat. Uit onderzoek van het International Fund for Animal Welfare bleek dat na blootstelling aan hun campagne in China het percentage mensen dat 'zeker geen' ivoor zou kopen steeg van 33% naar 68%. Eerder onderzoek had uitgewezen dat maar liefst 70% van de ondervraagden niet wist dat olifanten moesten worden gedood om hun ivoor te kunnen bemachtigen.

Ook eerder bleek al dat veel Chinezen bereid zijn luxeproducten op te geven zodra ze meer weten van het dierenleed dat erbij komt kijken. Een in 2011 gestarte campagne om haaien te beschermen leidde binnen drie jaar tot 70-80% minder consumptie van de in China populaire haaievinnensoep.

In eigen land is China trouwens strenger dan als het om Afrikaanse olifanten gaat. In 1995 werden vier mensen geëxecuteerd voor het doden van een Zuid-Chinese olifant, en sindsdien is het stropen vrijwel opgehouden.

Dierenrechtenactivisten en ngo's zijn teleurgesteld over het tijdelijk verbod. Volgens hen is het vooral de toenemende vraag uit China die de illegale jacht op olifanten de laatste jaren heeft aangewakkerd. De Verenigde Naties spreken van een 'kritieke situatie' voor de overlevende 500.000 olifanten en ook biologen als Sir David Attenborough wijzen op de cruciale rol die een volledig verbod in China zou kunnen spelen in het imperken van de ivoorhandel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden