Ook boeddhist kan een heilige oorlog voeren

Een fundamentalist was ooit een Amerikaanse protestant die zijn geloofsfundamenten veilig wilde stellen. Precies honderd jaar later zoekt Trouw naar sporen van hedendaags fundamentalisme. Vandaag: hindoes en boeddhisten hebben een reputatie van vredelievendheid. Zijn er onder hen ook fundamentalisten? „Vrouwen zijn de eerste slachtoffers.”

Bij het boeddhisme komen beelden op van de vredelievende Boeddha en – denkend aan het Tibetaans boeddhisme – van een glimlachende dalai lama. Ook het hindoeïsme is voor veel westerlingen tolerant.

„Dat zijn romantische beelden die veel nuancering nodig hebben, zegt Paul van der Velde, hoogleraar Aziatische religies aan de Radboud Universiteit Nijmegen. „Het tolerante beeld van hindoes komt vaak van neohindoeïstische, tolerante groeperingen zoals de Bengaalse intellectuelen uit de negentiende eeuw. Zij hadden vaak contact met westerlingen.

„Boeddha was best vredelievend, maar er waren in zijn tijd ook veel ruzies. Ook het boeddhisme kende heilige oorlogen. Het instituut van de dalai lama’s is niet zonder meer vreedzaam te noemen. Onder verschillende vorige dalai lama’s is oorlog gevoerd, met name onder de vijfde dalai lama. Onder de voor- én tegenstanders van de huidige dalai lama zijn fundamentalisten te vinden die moeilijk kritiek verdragen en geweld uiteindelijk niet schuwen.”

Veel westerlingen associëren fundamentalisme niet zo snel met de Aziatische religies, maar dat is dus ’niet helemaal terecht’, stelt Van der Velde. „Fundamentalisme is in beide religies bijvoorbeeld te vinden in het idee dat je grip kunt hebben op processen waarvan wij in het Westen zeggen dat je daar nu net niets aan kunt doen. Een aswolk die het vliegverkeer stillegt wordt dan gezien als een daad van God. Dat soort rampen heb je niet als een koning of regering ideaal regeert. En een idee als van die Iraanse imam die onlangs beweerde dat losbandige vrouwen aardbevingen veroorzaken, klinkt voor ons absurd, maar is in Azië heel normaal, ook voor hindoes en boeddhisten.”

Het idee dat de ideale wereld maakbaar en afdwingbaar is, is volgens Van der Velde zichtbaar in de aanbidding van de god Indra, de Indiase god van oorlog, hemel, onweer en regen. „Als je op exact de juiste wijze aan deze god offerde, voerde hij heel precies uit wat jij wilde. Dat idee blijft leven. Een land kan proberen zichzelf zo te perfectioneren dat de god Rama op aarde komt. Er ontstaat dan een ideale heerschappij, de Ramrajya. Die maakbaarheid gaat ten koste van alles. Zelfs als geweldloosheid bij die ideale staat zou horen, moet die met geweld worden verdedigd. Heel paradoxaal.”

De maakbaarheidsgedachte uitte zich bijvoorbeeld in 1992 toen een kwart miljoen hindoefundamentalisten de Babri moskee in het Indiase Ayodhya tot de grond toe afbraken. Deze moskee zou gebouwd zijn op de geboorteplaats van Rama. Zijn tempel moest herbouwd worden zodat Rama bij zijn terugkomst op aarde een woonplaats zou hebben. Van der Velde: „Nog sturen hindoes vanuit de hele wereld jaarlijks bakstenen naar Ayodhya voor de herbouw van de tempel.”

Het waren vooral leden van de Rashtriya Swayamsevak Sangh (RSS) die de Babri moskee vernielden. De RSS is een hindoenationalistische vrijwilligersorganisatie die sinds het ontstaan in 1925 strijdt voor een hindoenatie met hindoe-identiteit (hindutva) en de daarbij behorende cultuur, taal en religie. In de geest van RSS ontstond in 1980 de politieke partij BJP (Bharatiya Janata Party), de op een na grootste partij in het Indiase parlement. De Vishva Hindu Parsihad (VHP) is de religieuze, culturele tak van de RSS, met dezelfde ideologie en vele afdelingen wereldwijd, ook in Nederland.

Hindoefundamentalisme is dus sterk gelinkt aan politiek, beaamt Van der Velde. Bij het ontstaan van de republiek India in 1950 zijn religie en politiek dan wel officieel van elkaar gescheiden maar voor veel hindoes in Azië zijn die twee onlosmakelijk met elkaar verbonden. Van der Velde: „Bij velen in Azië leeft in het achterhoofd het idee dat de koning een verschijningsvorm is van god. In Thailand heten de koningen niet voor niets Rama, naar de incarnatie van de god Vishnu, de beschermer. De koning heeft een goddelijke status, staat bijna boven de wet en spreekt zelfs een andere taal.”

Wanneer schiet een hindoe of boeddhist door naar fundamentalisme? Van der Velde worstelt met de term: „Als je fundamentalisme puur godsdienstwetenschappelijk ziet als terugkeer naar de fundamenten, dan kun je de liberale, hindoeïstische vernieuwingsbeweging Arya Samaj ook fundamentalistisch noemen. De aanhangers zetten zich bij hun ontstaan af tegen hoe het hindoeïsme was geworden en keerden terug naar de oudste geschriften, naar het volgens hen ware hindoeïsme, zonder kastenstelsel en zonder bepaalde rituelen.”

Ook bij boeddhisten, zeker in het Westen, ziet Van der Velde een terugkeer naar wat de Boeddha zei en praktiseerde. „Toch denken daarbij weinigen aan fundamentalisme. In de volksmond denken we bij die term aan geweld, aan een fanatieke blik in de oogjes, gebrek aan nadenken, aan intolerantie en een duidelijke scheidslijn tussen ’ons’ en de vijand. Fundamentalisten hebben een vijand nodig om aan te tonen hoe zij het bij het rechte eind hebben.”

Dat wij-zijdenken komt Van der Velde veel tegen in het moderne India. Mahatma Gandhi werd in 1948 vermoord door een hindoefundamentalist omdat hij te veel zou hebben toegegeven aan moslims. Ironisch is dat zowel Gandhi als zijn moordenaar zich liet inspireren door de Bhagavad Gita. De vermeende vijanden van het hindoeïsme zijn nu niet-hindoes, moslims en christenen, getuige de vele rellen tussen moslims en hindoes, de aanslagen in Mumbai in 2008 en het conflict in Kasjmir.

Van der Velde: „Ook politieke en etnische oorzaken spelen een rol, maar de strijd spitst zich toe op moslims tegen hindoes. Het is belangrijk om te beseffen dat je ieder religieus systeem kunt misbruiken voor je eigen belangen. Dat in de Tweede Wereldoorlog Japanse zenmonniken kamikazepiloten zegenden vlak voordat zij de Amerikanen bombardeerden, zegt weinig over het zenboeddhisme. Nederlanders waren geschokt over deze inzegening, maar vergeten dat in die tijd iedere Japanner vanzelfsprekend achter de Japanse keizer stond, dus ook achter zijn beslissing om aan te vallen.”

Conflicten in Azië zijn veelvormig en gecompliceerd, benadrukt Van der Velde meermaals.

Het wij-zijdenken zie je volgens Van der Velde ook terug in het hindoeïstische kastenstelsel, waarbij zowel voor- als tegenstanders zeggen zich te baseren op dezelfde vedische geschriften. Hoewel discriminatie op basis van kasten officieel is afgeschaft in India, ziet Van der Velde nog veel ’kastenonrust’. Toen de hoogleraar eens India bezocht, werd een toiletschoonmaker uit een lagere kaste door een rijtje van drie opgestelde mannen angstvallig uit zijn beeld gehouden. Toen brahmanen (priesters, de hoogste kaste, red.) hoorden dat Van der Velde thuis zelf zijn toilet schoonmaakt, hadden ze daarna moeite om nog samen met hem te eten. Van der Velde: „Je zou denken dat het een teken van reinheid is als je je eigen toilet schoonmaakt, maar in de ogen van de brahmanen is juist het omgekeerde het geval en tast ik de wereldorde, de dharma aan.”

In Nederland vind je op een enkeling na geen fundamentalisten onder hindoes en boeddhisten, beweert Van der Velde, laat staan dat zij gewelddadig zijn. De meeste Nederlandse hindoes komen uit Suriname en zijn van Hindoestaanse afkomst (oorspronkelijk uit India, eind negentiende eeuw). „De Hindoestanen waren al weg uit India voordat de onafhankelijkheidsstrijd en de traumatische verdeling tussen hindoes en moslims zich daar voltrok. Hindoes in Nederland seculariseren bovendien sterk. Je komt wel fundamentalistische trekken tegen zoals de eerdergenoemde maakbaarheid van de ideale wereld, een enorme adoratie van India en de veroordeling van niet-hindoes en lagere kasten, met familieruzies en scheuringen tot gevolg. Ook zie je verzet tegen de moderne tijd, bijvoorbeeld tegen vrouwennaakt in de media.” Dat laatste heeft te maken met de positie van de vrouw in het hindoeïsme, legt van der Velde uit, want hindoevrouwen horen zich bescheiden op te stellen. „Vrouwen zijn vaak de eerste slachtoffers van hindoefundamentalisme. Zeker in India.”

In 1992 braken moslims de hindoetempel van Jain in Lahore af, als vergelding voor de vernietiging van de Babri moskee, door de hindoes. (FOTO ANP)Beeld AFP
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden