Ooit zwijgt op Statia de diesel-generator

duurzame energie | Eilandbewoner Fred Cuvalay droomt van een energieneutraal Sint-Eustatius. Hij is al een eind op weg.

Bodemonderzoekers boorden een paar jaar terug een gat in de rotsen van het Caribische eiland Sint-Eustatius. Ze waren op zoek naar drinkwater. Het boorgat lag niet ver van The Quill, de 600 meter hoge vulkaan van het eiland die al zestien eeuwen slaapt. Ze boorden niet eens zo heel diep. Er borrelde zowaar water omhoog. Maar het stoomde en kookte ook.

Ze hebben het gat maar weer gauw dichtgegooid, vertelt Fred Cuvalay, directeur van energie- en drinkwaterbedrijf Stuco op Sint-Eustatius. Kokend water, daar was niemand naar op zoek. Toen. Maar voor Cuvalay is het een potentiële goudader. Hij staat te popelen om te gaan boren. Vulkaaneiland! Aardwarmte! "Ik weet zeker dat wij dit hete water kunnen gaan gebruiken voor het opwekken van energie", zegt hij lachend.

Energieneutraal

Als het aan Fred Cuvalay ligt is Sint-Eustatius over een paar jaar energieneutraal. Een eind op weg is het eiland al. Op Sint-Eustatius mogen dan lang niet alle 3800 bewoners stromend water hebben en in deze Nederlandse gemeente mag dan een afvalwaterzuivering ontbreken en wordt het huisvuil in de openlucht gestort in een dalletje dat richting zee loopt, dat mag allemaal waar zijn: op het gebied van duurzame energieopwekking loopt Sint-Eustatius ver vooruit op de andere Caribische eilanden.

De buren komen tenminste vaak kijken bij Cuvalay, hoe hij het heeft geflikt. Op een afgelegen stuk land aan de noordkant van Statia, zoals iedereen het eiland noemt, staan sinds kort 6200 zonnepanelen. Op hoge poten.

De panelen staan op het laagste punt 2 meter boven de grond, voldoende hoog voor de teelt van gewassen. Het is er nu nog droog en kaal onder de stellages. Cuvalay wil onder de panelen gewassen gaan verbouwen, liefst groenten en fruit, want die worden nu nog vrijwel uitsluitend duur ingevoerd per vliegtuig.

De plaatselijke supermarkt heeft weliswaar een groentetuintje naast de landingsbaan, maar het aanbod daarvan verloopt in heftige pieken (als de tomaten rijp zijn) en dalen (als er even niks groeit).

Het zonnepark van Statia presteert intussen boven verwachting. Op wolkenloze dagen - en die zijn daar nogal talrijk - produceren de panelen overdag tot 89 procent van de totale stroomvraag op het eiland. Maar zodra de zon zakt, moeten dieselaggregaten de elektriciteitsvoorziening overnemen. Nog wel. Cuvalay hoopt dat ze over een tijdje alleen nog nodig zullen zijn voor noodgevallen of op de schaarse, bewolkte dagen.

Waterfabriekje

In de controlekamer van zijn krachtstation, in Lower Town Oranjestad, wijst hij op een zonnige junidag om drie uur 's middags op een metertje: 67 procent van de beschikbare elektriciteit wordt op dat moment geleverd door de zon. Verderop, achter wat deuren, staan dieselaggregaten te stampen om de rest van de elektriciteit voor het eiland te leveren. De oogst van de zonnepanelen leidde afgelopen jaar tot een dieselbesparing van 800.000 liter, meer dan begroot. Meer dan 4 miljoen liter diesel wordt er jaarlijks verstookt in vier aggregaten.

Even verderop naast de loods met de machines staat het waterfabriekje van Statia. Hier wordt dagelijks een half miljoen liter drinkwater uit zilt zeewater gewonnen, een proces dat energie slurpt. Drinkwater is een netelig probleem op Statia. Afgelopen jaar leidde aanhoudende droogte tot een tekort aan water. Door de wegvallende druk kwam er bij klanten vrijwel nergens op het eiland meer water uit de kraan, behalve in het laaggelegen Lower Town. "Mensen waren boos. We hebben maar een opslagcapaciteit hier van twee tot drie dagen."

Veel inwoners vangen zelf regenwater op dat in een reservoir onder de woning wordt opgeslagen. Het water uit deze 'cisterns' is niet van goede kwaliteit. Maar het drinkwater van Cuvalay's bedrijf Stuco is relatief duur. Het is meteen ook de kern van het probleem. Veel bewoners van Statia willen geen wateraansluiting omdat het product gewoon te duur is. Voor water heeft Stuco slechts zo'n 550 klanten op het eiland. Ruim 700 gezinnen nemen geen drinkwater af. Voor elektriciteit zijn er 1860 aansluitingen.

Sinds 2010, toen de Nederlandse Antillen werden ontbonden en Bonaire, Sint-Eustatius en Saba de status van bijzondere gemeente van Nederland kregen, zijn de plaatselijke energiebedrijven verzelfstandigd. Sindsdien draaien de bedrijven op Saba en Sint-Eustatius met fikse verliezen. Tot enkele miljoenen dollars op jaarbasis. Om de begroting weer in balans te krijgen, heeft het Nederlandse ministerie van economische zaken met het eilandbestuur afgesproken dat er zoveel mogelijk zal worden geïnvesteerd in duurzame productiecapaciteit.

Opzet is om de tarieven voor consumenten onveranderd te laten. De aanloopverliezen zullen deels door EZ worden gedekt. Het ministerie gaf een subsidie van 6,7 miljoen dollar voor het zonneproject. Inmiddels ligt er een plan voor een tweede zonnepark, dat ongeveer net zo groot wordt als het eerste. Uiteindelijk moet het eiland overdag volledig op zonne-energie kunnen 'draaien'.

Verder is onderzocht of er op de noordkant van het eiland drie windmolens kunnen worden geplaatst. Een 60 meter hoge meetmast aan de kust bij The Quill is inmiddels omgewaaid, maar volgens Fred Cuvalay is gebleken dat er elektriciteit kan worden opgewekt. Met molens die bestand zijn tegen de orkanen die het gebied kunnen teisteren.

Fred Cuvalay rijdt druk pratend zijn bezoeker over het eiland, de auto stuitert over slechte wegen. Cuvalay laveert behoedzaam langs loslopende geiten "Een plaag, maar er is geen politicus die de eigenaren durft aan te pakken. Want, is het gezegde hier: 'Every goat is a vote'."

Aan de voet van The Quill vertelt Cuvalay over een ander plan dat hij graag wil uitvoeren. Hij zou een betonnen reservoir willen bouwen op de helling van de vulkaan, of misschien wel in de krater zelf. "Dan heeft niemand er last van." Dat bassin zou overdag met stroom van de zonnepanelen kunnen worden volgepompt met zeewater: "Daar hebben we meer dan genoeg van." 's Nachts zou dat opgepompte water vervolgens vanuit het bassin terugstromen richting zee, langs waterkrachtgeneratoren. Zo zou de elektriciteitsvoorziening ook in de uren dat de zon niet schijnt, kunnen worden veilig gesteld.

El Hierro

Het kan, want er is een bekend voorbeeld. El Hierro, een Spaanse eilandje met 10.000 bewoners voor de kust van West-Afrika, wekt inmiddels bijna 100 procent van de elektriciteit op met een soortgelijk hydro-project, in combinatie met windenergie.

Fred Cuvalay kijkt wat dromerig. Hij weet dat het plan kostbaar is en op kritiek zal stuiten. Het hoogste deel van The Quill is namelijk beschermd natuurgebied. Er moet dan door een leiding zout water door het reservaat naar boven worden gepompt. "Ik denk dat milieu-organisaties hier niet enthousiast over zullen zijn. Ze weten het nog niet. Maar het zou heel goed kunnen hier. Hier woont niemand, aan deze kant. Nou ja, misschien over 25 jaar?"

Aardwarmte biedt - Dure - kansen

Dertig jaar geleden al werd op het 400.000 bewoners tellende Caribische eiland Guadeloupe een installatie gebouwd om de aardwarmte van de actieve vulkaan Soufrière te gebruiken voor energie-opwekking. Ongeveer 6 procent van de energiebehoefte in dit Franse departement komt uit de vulkanische bodem. "Het is geen gekke gedachte om op Sint-Eustatius en ook op Saba de mogelijkheden van geothermie te onderzoeken", zegt de Utrechtse vulkanoloog Manfred van Bergen. "Op nabijgelegen eilanden St. Kitts en Nevis onderzoeken ze dit al. Er zitten onder deze eilanden vrij hete warmtebronnen. Het is aannemelijk dat dit bij Sint-Eustatius en Saba het geval zal zijn." Alleen: het vergt fikse investeringen en de opbrengst aan warmte zou wel eens veel groter kunnen zijn dan een klein eiland kwijt kan. "Het wordt lastig om een aardwarmteproject rendabel te krijgen. Het is de vraag of de warmte economisch verantwoord kan worden gewonnen." Het mooiste zou zijn als eilanden met elkaar samenwerken, zodat de energie kan worden gedeeld. Maar dat vergt de aanleg van kilometers lange elektriciteitsleidingen over diep gelegen zeebodems. Ook peperduur. Daarbij is nog onduidelijk wat de kwaliteit is van het hete water. "Vaak zit het vol zwavel en chloor. Het kan ook zijn dat de bron zout zeewater is. Die stoffen tasten het installatiesysteem aan. Dus er zijn drie problemen: is er genoeg warmte, is het water heet genoeg en is het schoon genoeg?"

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden