Onzichtbaar verdriet te lijf

zelfbeschadiging | Hoe help je een zoon of dochter die zichzelf snijdt? Als je het al ziet? Ervaringsdeskundigen over een onzichtbaar en moeilijk te vatten probleem.

Ongelukkige tieners komen regelmatig in het nieuws als het te laat is. Dan komen ook de vragen: had school het pestgedrag niet moeten stoppen? Waarom greep jeugdzorg niet in? Maar heel vaak is niet zichtbaar dat zo'n jong mens lijdt. Ook niet bij de ouders.


Nicole ter Morsche begon zichzelf te snijden op haar elfde en stopte toen ze 22 was. Kleine kerfjes, maar ook flinke wonden die gehecht moesten worden. Het hielp de negatieve gedachten verdrijven. Voor even dan. "Je zit aardig vast als je jezelf opzettelijk pijn doet", zegt ze, inmiddels 27 jaar en moeder.


Als ervaringsdeskundige informeert ze artsen en verpleegkundigen over zelfbeschadiging. Sinds kort heeft ze daar ouderavonden aan toegevoegd. Doel is vooral iets van begrip kweken.


Ouders voelen zich machteloos, verdrietig, boos, bang, weet ze. De vraag die ze het meeste hoort? Hadden we het kunnen zien, kunnen voorkomen? Vaak vermoeden ze wel dat er iets niet klopt, denkt Ter Morsche. Maar zijn ze te bang voor het antwoord.


Groot taboe


Wat meespeelt is dat er een groot taboe ligt op psychische problemen. "We leven in een tijd dat vooral de mooie verhalen worden verteld. Veel jongeren laten alleen de buitenkant zien, terwijl het van binnen misschien helemaal niet goed gaat."


Bianca Brunnekreef heeft ook zo'n dochter. Ze ziet er leuk uit, verzorgd en altijd een glimlach op haar gezicht. "Maar daaronder gebeurde veel", vertelt haar moeder. Brunnekreef kwam er pas na jaren achter dat haar dochter zichzelf beschadigde. "En ik werkte nota bene als maatschappelijk werker in de jeugdzorg."


Achteraf gezien, waren er signalen. Als ze boos was, sloeg ze haar handen kapot tegen een muur. Op haar dertiende zat het meisje met een oorbel in haar arm te pulken. Op de basisschool verklapte haar beste vriendin een keer een geheim, wat meteen werd doorverteld in de klas. "Dat gaf haar een enorm gevoel van onveiligheid, vooral omdat de leerkracht het niet serieus nam. Toen besefte ik wel dat ze kwetsbaarder was dan leeftijdsgenootjes."


Genoeg vriendinnen


Hoe gebeurtenissen precies inwerken, is moeilijk in te voelen, zegt Ter Morsche. Zij had genoeg vriendinnen, was 'redelijk extravert'. Juist met jongeren die het goed willen doen, kan het enorm mis gaan, zegt ze. "Het zijn niet altijd de drop-outs." Logisch ook dat tieners hun problemen niet aankaarten bij hun ouders, vindt ze. "Je bent bang, je schaamt je."


Verplegingswetenschapper Nienke Kool is gespecialiseerd in zelfbeschadiging. Snijden en krassen komt volgens haar vooral voor bij de wat oudere jongeren. De gemiddelde beginleeftijd is 16, de grootste groep is tussen 18 en 25 jaar oud. "Een periode waarin je meer verantwoordelijkheden krijgt, waarin nieuwe eisen aan je gesteld worden en je juist wat meer afstand krijgt tot je familie."


Je zelf beschadigen is iets intiems, zegt ze. "Het gaat over je lijf, daar haal je juist niet je ouders bij."


Veel jongeren willen ook de regie houden, denkt Kool. "Hun angst is dat ze het beschadigen moeten stoppen, dat ouders er bovenop gaan zitten. Terwijl het juist een krachtig middel is om met de ellende om te gaan."


Ongezonde combinatie


Kool werkt bij het centrum voor intensieve behandeling van GGZ-instelling Palier. Voor haar promotie in 2015 onderzocht ze vooral wat er mis gaat in de geestelijke gezondheidszorg. De drang om jezelf pijn te doen kan veel oorzaken hebben; jeugdtrauma's, misbruik, pestgedrag, maar ook persoonlijkheidsstoornissen zoals borderline.


Ter Morsche ziet naast die trauma's en psychische aandoeningen vaak een ongezonde combinatie van een laag zelfbeeld én perfectionisme bij slachtoffers. Ze verwijt haar ouders niets. "Zij hebben naar beste kunnen gehandeld. Het had waarschijnlijk ook geen moer uit gemaakt, wat ze ook zeiden of deden. Ik legde mezelf veel druk op."


Ter Morsche speelde dwarsfluit; naast de havo volgde ze de jong-talentenklas van het conservatorium. "Goed was voor mij nooit goed genoeg. Nu pas heb ik geleerd dat ik niet altijd hoge eisen hoef te stellen."


Ze is in haar kleutertijd mishandeld door een klasgenoot. Met punaises en naalden. Niemand wist dat, want het meisje dreigde haar huis in brand te steken als ze het zou doorvertellen. "Waarschijnlijk kwam ik zo op het idee om mezelf pijn te doen. Kennelijk is toen de basis gelegd dat ik er niet toe deed."


De dochter van Bianca Brunnekreef was altijd al introvert en kan haar emoties moeilijk onder woorden brengen. Maar ze haalde nooit onvoldoendes. Ze deed aan selectieturnen, twintig uur per week. Na de middelbare school is ze nog drie maanden in haar eentje naar Amerika geweest, maar toen ze een nieuwe opleiding begon, en alleen op een kamertje ging wonen, ging het mis. Toen zagen de ouders dat ze doodongelukkig was. Ze heeft op haar zeventiende ook iets traumatisch meegemaakt - wat wil haar moeder verder niet benoemen. "Ik weet dat ook nog niet zo lang."


Snijden helpt


Het is raar en onvoorstelbaar: die jonge meiden en knullen die hun eigen lichaam kapot maken. Maar het helpt, zegt Nienke Kool. We weten dat het emoties reguleert, vooral heftige, negatieve emoties. Voor jongeren die 'niets' meer voelen is het een teken van leven, soms is het de pijn die ze troost, soms de kleur van het bloed. Even voelen ze fysieke in plaats van geestelijke pijn. Ze gaan zich er echt beter door voelen."


Nienke Kool is als bestuurslid verbonden aan de landelijke Stichting Zelfbeschadiging. Ze is blij met de ouderavonden van Ter Morsche. "Goed dat ouders kunnen praten over die machteloosheid. Het is belangrijk dat ze hun eigen heftige emoties niet in de strijd werpen. Ze moeten leren luisteren, er voor hun kinderen zijn, niet in paniek raken."


Ter Morsche helpt ouders door te vertellen wat voor haar wel en niet heeft gewerkt. Zeg nooit dat het goed komt, tipt ze. "Ik was daar echt allergisch voor. Daarmee diskwalificeer je de problemen. Veel ouders komen met oplossingen, terwijl je vooral je verhaal kwijt wilt." Zeg niet: 'Je hebt zulke lieve vriendinnen, je doet het zo goed op school, je bent zo'n mooie meid!', adviseert ze.


Bianca Brunnekreef weet dat ze dat niet moet zeggen, maar ze dacht het regelmatig: '"Ik heb je zo mooi gemaakt, je lichaam is een cadeautje. Er zijn mensen die pijn hebben door een ernstige ziekte en jij doet het jezelf aan?"


Hoe begrijpelijk ook het onbegrip, dat frustreert alleen maar, zegt Nicole. "Het is een bevestiging dat je het weer niet goed doet." Ter Morsche heeft wel eens een potje littekencrème gekregen. "Op zich een aardig gebaar, maar het voelde alsof mijn littekens daarmee weggemaakt moesten worden."


Haar stichting heet Zebra, de letters staan voor zelfbeschadiging erkennen, begrijpen, reduceren, accepteren, maar het dier verwijst ook naar de strepen op haar benen. Als ze gaat zwemmen, vragen mensen er wel eens naar. "Ik vertel eerlijk dat het zelfbeschadiging is, maar hoe ik die wonden maakte, dat zeg ik er niet bij. Dat is privé."


Ga niet het lijf van je kind controleren of scherpe dingen weghalen, zegt ze. "Je dochter gebruikt echt niet het schilmesje uit de keukenla. Bij een anorexiapatiënt heeft het ook geen zin bij te houden wat ze wel of niet eet, dat zijn de symptomen. Het gaat om het waarom, om de onderliggende problemen." Belangrijkste is dat het thuisfront een liefdevolle basis biedt, zegt de ervaringsdeskundige. "Ik merkte dat ik het heel fijn vond om gewoon leuke dingen te doen met mijn moeder."


De basis zit bij Bianca Brunnekreef wel goed. De dochter weet dat haar moeder naar de bijeenkomst van Nicole is geweest, dat ze met Trouw praat. "We hebben een goede band."


"Het is wel eens moeilijk als andere ouders op Facebook leuke verhalen vertellen over hun kinderen, over hun afstuderen. "Mijn dochter ging van 4 atheneum naar havo. Ze is drie hbo-studies gestart en afgezakt naar mbo, wat ze ook niet heeft kunnen afronden. Wanneer de druk en verwachtingen stijgen, worden haar psychische klachten ernstiger en volgen stress, angst en depressie."


Nu is ze 27 en werkt ze als ervaringsdeskundige in de GGZ. "Als ik zie hoe hard ze geknokt heeft, hoe ze zich staande houdt, dan kan ik niet trotser zijn."


Je hebt de mensen die van je houden nodig, zegt Nicole ter Morsche. Maar ze raadt ouders wel aan grenzen te stellen. "Natuurlijk voelen ze zich verantwoordelijk, maar ze zijn geen psychiater."


Bianca Brunnekreef vindt het een lastig dilemma. "Als je dochter in de ellende zit, zeg je natuurlijk niet: bel morgen maar terug. Al ben ik zelf doodmoe, ik moet er zijn." Ze blijft ook onzeker over haar rol. "Misschien heb ik wel te veel voor haar opgelost."


Nog steeds belt ze met hulpverleners. "Juist omdat ze introvert is en altijd die glimlach laat zien, wordt ze regelmatig niet gehoord, terwijl het dan wel echt slecht met haar gaat." Maar het is ook frustrerend als zo'n telefoontje wel iets in gang zet. "Dan heeft ze toch weer haar moeder nodig, terwijl ze zo hard werkt om op zichzelf te vertrouwen."


Therapie onvermijdelijk


Uiteindelijk is de stap naar therapie onvermijdelijk, denkt zowel Nicole ter Morsche als Nienke Kool. Er zijn alternatieven om met pijn en emoties om te gaan. Kool: "Je kunt gaan fietsen, hardlopen, zingen - mits zo'n hobby niet een nieuwe obsessie wordt. Maar uiteindelijk moet je pijn leren verdragen, problemen leren benoemen. Dat is confronterend. Daar hebben de meeste jongeren professionele hulp bij nodig."


Ter Morsche weet er alles van. Ze kreeg bakken hulp, acht jaar lang: emotieregulatie, traumaverwerking, ze deed lichaamsgerichte psychotherapie en maakte schema's: welke gedachten heb ik, wat voel ik, wat doe ik, is er een gebeurtenis die me triggert. "Je moet snappen waarom je dingen denkt, weten hoe je een crisis kunt voorkomen, en van jezelf leren houden."


Ze durft zichzelf hersteld te noemen. Ze heeft haar trauma's en psychische problemen verwerkt. Ze heeft zich vijf jaar niet meer gesneden, maar de gedachte schiet nog wel eens door haar hoofd. Hoge eisen zijn nog steeds haar valkuil. "Als ik afspraken ga afzeggen, moet ik me zorgen maken."


Ze heeft nog steeds mindere dagen. Maar daar kan ze mee omgaan. "Nu ga ik met een dekentje op de bank zitten en eet ik chocola. Ik zorg voor mezelf in plaats van dat ik mezelf ga straffen."

Geen nieuw fenomeen

Er zijn niet veel (Nederlandse) cijfers over zelfbeschadiging. Er is één scholierenonderzoek, uit 2008 onder 18.000 eerste- en derdeklassers. Een op tien zegt zichzelf wel eens te verwonden. Zo'n 4 procent van de meisjes en bijna 3 procent van de jongens doet dat meer dan eens. Het is dus niet een meisjesding, verduidelijkt wetenschapsverpleegkundige Nienke Kool. Wel kiezen meiden eerder voor snijden en krassen en zullen jongens zichzelf eerder branden of ergens tegenaan bonken.


Tien jaar geleden was er veel te doen over zelfbeschadiging, maar dat kwam volgens Kool ook omdat sterren als Johnny Depp en Angelina Jolie vertelden dat ze zichzelf vroeger sneden. Er zijn volgens de onderzoeker voorbeelden van apenmoeders die zichzelf bijten nadat ze hun kind zijn kwijtgeraakt, wat er op duidt dat zelfbeschadiging een natuurlijke reactie is op verdriet of pijn.


Het is niet iets dat jongeren zomaar van elkaar overnemen, benadrukt de onderzoekster. Kopieergedrag bestaat, zegt ervaringsdeskundige Nicole ter Morsche, "maar dan nog: het doet echt pijn. Zonder psychische problemen of trauma's ontwikkelt het zich niet tot een stoornis." Nienke Kool: "Als het je niks oplevert, stop je er weer mee."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden