Onze schilderkunst is wél groots

Laten we wél zijn, eigenlijk kunnen we alleen heel erg goed schilderen, wij Nederlanders bedoel ik. Tenminste als je het op een wereldschaal bekijkt. Rembrandt, Hals, Van Gogh, Mondriaan, daar kun je beslist mee aankomen. Maar verder hebben we de wereld geen echt grote kunst geleverd.

Toegegeven, het Concertgebouworkest mag er wezen maar die spelen alleen werk van anderen; grote componisten hebben we zelf niet voortgebracht. Ik kan althans geen naam noemen al woon ik er in de buurt: Viottastraat, Hacquartstraat. César Franck werd in 1822 in Luik, in het toenmalige Koninkrijk der Nederlanden geboren, maar dat is toch heus meer een Belg, of een Fransman.

En de Nobelprijs voor literatuur hebben we ook nog nooit inde wacht gesleept en ik eet mijn hoed op als deze week bekend wordt dat Cees Nooteboom 'm krijgt. En dat terwijl soortgelijke landjes als Denemarken, Zwitserland en zelfs IJsland die prijs allang in de kast hebben staan.

Dat we zo mooi kunnen schilderen is natuurlijk een heel mooie kroon op onze cultuur en het heeft ook geleid tot een paar merkwaardige misvattingen over ons landschap. Zo zouden wij met 'typisch Hollandse luchten' de mooiste wolkenpartijen op aarde hebben, getuige Jacob van Ruysdael, en dat terwijl ik zulke wolken evengoed in Amerika en Zuid-Afrika heb gezien, of zijn dat slechts imitaties? De stier van Potter en de koeien van Albert Cuyp zijn exemplarisch, maar net zulke koeien zag ik in Frankrijk en Luxemburg. Als je het zo bekijkt blijft wellicht alleen het straatje van Vermeer over als uniek kleinood.

Enfin, geen wonder dat met zulke grootse schilderkunst ook het nationale nieuws in Nederland nogal eens door schilderijen wordt bepaald. Hoor je Peer Ulijn, leverancier van de niet-urgente, prettige berichten in het Journaal, ooit vertellen dat de nieuwe chef-dirigent van het Concertgebouworkest ziek te bed ligt of dat Arnon Grunberg een nieuwe roman voorbereidt?

Nee, het is altijd onze schilderkunst die het nare nieuws moet doen vergeten. Is het niet de aanschaf van Victory Boogie Woogie van Mondriaan door de Nederlandse staat dan is het wel de komst van Rembrandts Marten en Oopjen naar Nederland. Misschien komt het ook omdat schilderkunst bij uitstek een televisiekunst is, je kunt er met z'n allen naar kijken. Muziek en literatuur daarentegen horen bij de radio. Afgelopen week kregen we weer te zien hoe goed we het kunnen. In de maalstroom van ellende doken opeens drie oude vergeten schilderijen op, twee vroege Van Goghs en een schilderij van Lawrence Alma Tadema, de man die de oudheid in beeld bracht.

Groter verschillen kun je je overigens nauwelijks voorstellen, het ruwe vroege werk van Van Gogh met zelfs zandkorrels op zijn 'Zeegezicht bij Scheveningen', en de geparfumeerde hyperrealistische plaatjes van Alma Tadema die filmregisseurs inspireerden. We kunnen het allemaal, knoesten en doorschijnend marmer. Onze schilderkunst is goed voor het zelfvertrouwen, wil ik maar zeggen, voor de rest past ons bescheidenheid.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden