'Onze Hunter heeft veel levens gered'

BAS DEN HOND | REDSTONE ARSENALHUNTSVILLE en ALABAMA

Elk jaar landt een half miljoen passagiers op Huntsville International Airport, Alabama. Waar je ook kijkt in de terminal, overal zie je advertenties van vliegtuigfabrikanten, makers van vuurleidings- en navigatiesystemen, vliegopleidingen. Her en der hangen modellen of echte exemplaren van de vliegtuigen en raketten die ze zoal hebben in het Redstone Arsenal.

Daar, aan de rand van Huntsville, is het hoofdkwartier van de luchtvaartafdeling van het leger, die geheel losstaat van de Amerikaanse luchtmacht maar bijna net zoveel vliegtuigen heeft, en elke andere luchtmacht in de wereld in de schaduw stelt.

Naar onbemande vliegtuigen, drones, moet je op het vliegveld nog goed zoeken. Maar boven een koffiehoekje, hangt hij: een Hunter, het unmanned aerial vehicle (UAV) waarmee het allemaal begon.

Wie meer over de Hunter wil weten, moet naar het Redstone Arsenal. Door de poort die aan een meerbaansweg ligt, rijden elke dag meer dan 35.000 mensen naar hun werk. Over de komst van drones bij het leger kan niemand je beter vertellen dan Donna Hightower, adjunct-productmanager van wat nu de afdeling 'UAS Modernization (Hunter)' heet.

Haar afdeling houdt 56 vliegtuigen in de lucht. De collectie werd al in de jaren tachtig van de vorige eeuw aangeschaft en had moeten uitgroeien tot een vloot van honderden. Maar in 1996 bedacht de legerleiding zich, en werd het Hunter-programma beëindigd. Maar, belangrijk: de bestaande toestellen mochten blijven vliegen.

Voor het leger zou dat van groot belang blijken. Voor Donna Hightower en de kleine ploeg militairen en technici die voor de Hunters mochten blijven zorgen, was dat het begin van een tegelijkertijd moeilijke en heerlijke tijd. "Ze plaatsten steeds meer personeel over, op het laatst waren we nog maar met vijftig mensen. Maar ondertussen probeerden we onze toestellen overal te slijten, zogezegd. We vlogen vrachtjes alsof het een truck was. Onderzoekers konden allerlei soorten nuttige lading uitproberen, zoals camera's. Zo hielden we het in leven. En de militairen die we de systemen in gebruik gaven, wilden ze niet meer kwijt, als ze doorkregen wat je ermee kon doen. Maar het programma zat in feite stilletjes in een hoekje te wachten."

Dat was opeens over in 1999, toen de VS in Navo-verband actief werden in de opstandige Servische provincie Kosovo. "Ze zagen opeens wat onbemande vliegtuigen echt konden doen: het controleren van een stuk weg, in de gaten houden wat er aan de achterkant uit een gebouw kwam als je er van voren instormde. Dus we bleven daar actief vanaf het begin in 1999 tot we weggeroepen werden in 2003: om naar Irak te gaan. En sindsdien is de Hunter nooit meer uit actieve dienst geweest."

Maar de wetenschap dat je niet zonder een rondvliegende Hunter kunt, bereikte de top van de legerleiding al een paar jaar eerder, na een moment dat in meerdere opzichten een breuklijn vormt in het Amerikaanse militaire denken: het 'Black Hawk down' incident in oktober 1993 in Mogadishu, Somalië.

In dat door onderling vechtende krijgsheren verscheurde land probeerde een voornamelijk Amerikaans expeditieleger met een mandaat van de VN de orde zo ver te herstellen dat humanitaire hulp mogelijk zou worden. Het werd in het begin gezien als een makkelijke opdracht: het land leek nog zo veilig, dat Amerikaanse tv-ploegen trots de landende mariniers opwachtten aan het strand. Maar op 3 oktober 1993 werden twee Black Hawk-gevechtshelikopters neergeschoten. In de daaropvolgende gevechten om de overlevende bemanningsleden te redden kwamen achttien Amerikaanse militairen om het leven.

Hightower: "Gedurende die tijd had de leiding geen enkele manier om te zien wat zich daar afspeelde. En dat was het moment dat ze zeiden: misschien kunnen we iets gebruiken dat wat verder weg kan kijken dan bemande toestellen, zodat we zien hoe de situatie is en dit soort dingen niet meer gebeurt. Toen schakelden ze ons in, want wij hadden het enige toestel dat niet nog helemaal in ontwikkeling was."

Met de Hunters eindelijk ingezet boven het slagveld in Kosovo, was het wachten op het moment dat er een neergehaald zou worden. "We hadden er totaal niet over nagedacht hoe dat zou zijn", zegt Hightower. Goed, er zat wel geen piloot in, maar het was toch een van onze kindjes. Dus toen de eerste neerging, was iedereen heel verdrietig, het was echt moeilijk. Maar toen ze uitlegden hoe het was gebeurd, maakte dat veel verschil. Want er vloog ook een gewoon vliegtuig daar, en ze gebruikten de Hunter om het vijandelijke luchtafweergeschut aan te trekken. Dus ons vliegtuig kreeg de kogels in plaats van een bemand vliegtuig."

Tegenwoordig is dat geen tactiek meer die de voorkeur heeft, al is het maar omdat de nuttige lading, zoals camera's, steeds meer presteert en dus ook steeds duurder is geworden. "Maar het was toen allemaal nieuw, de commandanten moesten echt nog uitvogelen hoe ze die nieuwe systemen het beste konden gebruiken."

Inmiddels is voor het soort werk dat de Hunters doen ook een nieuw type drone beschikbaar, de Gray Eagle, die meer lading kan meenemen en langer kan vliegen. Maar van het afdanken van de Hunters is nog geen sprake, en dus gaan Donna Hightower en haar team gestaag door met moderniseren. Ze deelt nu al zeventien jaar lief en leed met de Hunters, in een onbewaakt moment vergelijkt ze hen zelfs met de kinderen die ze nooit had. "We hebben van alles als eerste gedaan: de eerste motor erin gebruikt die op zware autobrandstof liep, de eerste wapens op een drone, de eerste inzet op het slagveld. De Hunter was bij de inval in Irak als eerste boven vijandelijk gebied! Maar vooral: het is onmogelijk om te beseffen hoeveel levens de Hunter heeft gered en daar niet heel blij over te zijn."

undefined

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden