Column

Onze democratie is zichzelf tot last

"In 2011 was de machtsverdeling in Den Haag wel in het geding en hing het erom of de omstreden coalitie van VVD, CDA en PVV in de senaat een meerderheid zou houden. Het gevolg was dat de opkomst tien procent omhoogschoot."Beeld anp

Had hij nog geleefd, zou Willem Breedveld dan komende woensdag na de stembusgang gebak in huis hebben gehaald om het feest van de democratie te vieren? Ik weet haast zeker van wel. Er is in Nederland niet één nationale feestdag exclusief gekoppeld aan de geboorte van onze democratie, dus Breedveld was onvermoeibaar doorgegaan de natie van de betekenis van vrije verkiezingen te doordringen.

Maar wat schreef hij zelf in deze krant aan de vooravond van de provinciale verkiezingen van 2007? 'We kunnen volgende week net zo goed thuisblijven.' Hij had zojuist de studie van Klaartje Peters gelezen, waarin deze bestuurskundige aantoonde dat de provincies feitelijk overbodig waren geworden. Wat zij tot de jaren negentig nog aan nuttig werk hadden verricht als coördinator van zaken die de gemeentegrenzen overschreden, konden de gemeenten zelf goed af door onderlinge samenwerking.

Peters' conclusie was dat de provinciehuizen best konden blijven om de ruimtelijke ordening een beetje te coördineren en toezicht te houden op de gemeentelijke huishoudingen, maar dat je de verkiezingen moest afschaffen. Die lokten alleen maar uit dat provinciale bestuurders uit overlevingsdrang kostbare en onnodige projecten op stapel zetten in een vergeefse poging zich te profileren.

Nog één keer
Na lezing van haar boek, schreef Breedveld, heb ik lang voor me uit gekeken. 'Verkiezingen zijn toch een feest voor de democratie?' Maar hier werkten ze door uitlokking van ongewenst bestuurlijk gedrag in wezen tegen de burger en daarmee tegen het democratische stelsel zelf. Geen taart dus? Dan kende je Breedveld niet. Hoewel hij het met Peters eens was dat we beter konden thuisblijven, was zijn conclusie: 'Nou ja, vooruit, die verkiezing van de Eerste Kamer zit er nog aan vast. Nog één keer dan, maar dan moeten we echt ophouden met die onzin.'

Een meerderheid van de kiezers hield het in 2007 al voor gezien, waarmee de dalende trend in de opkomst zich voortzette. Hoewel voor Breedveld reden om toch te stemmen luisterde de samenstelling van de Eerste Kamer in dat jaar voor de nationale machtsverhoudingen nog niet zo nauw. De coalitie van PvdA, CDA en ChristenUnie was net begonnen en beschikte in de senaat over een ruime meerderheid.

In 2011 was de machtsverdeling in Den Haag wel in het geding en hing het erom of de omstreden coalitie van VVD, CDA en PVV in de senaat een meerderheid zou houden. Het gevolg was dat de opkomst tien procent omhoogschoot. Toch weer wel een feest voor de democratie? Dat is nog niet zo zeker. Ook hier rijst de vraag of deze verkiezingen niet tegen ons democratische stelsel in werken, omdat de kans groeit dat zij het mandaat van de rechtstreeks gekozen Tweede Kamer ondermijnen.

Huis van Thorbecke
Als de komende verkiezingen een voor de coalitie vijandige meerderheid in de Eerste Kamer opleveren, is Den Haag in last. Zo'n uitslag kan natuurlijk als zuiver democratisch worden uitgelegd - de burgers hebben immers gesproken - maar wat is het na veel inspanningen en kosten verworven mandaat van de Tweede Kamer nog waard, als het bij tussentijdse verkiezingen weer teniet wordt gedaan?

Over weinig zaken is in Den Haag zo veel maar met zo weinig resultaat gesproken als over veranderingen in het Huis van Thorbecke. Op papier is dat staatkundige huis met zijn drie (met de EU vier) bestuurslagen al oneindig vaak verbouwd, in de praktijk zijn er nauwelijks stenen verlegd. Klaarblijkelijk is het een solide bouwwerk, maar steeds klemmender is de vraag of het nog wel zo organisch in elkaar zit als Thorbecke beoogde.

Onbekende kandidaat-senatoren
Als de cultuur en de structuur zo hard botsen dat zij bij de burgers, en zelfs de meest welwillende commentator, tot vervreemding leiden, is er iets mis. En vervreemdend is het te moeten stemmen op onbekende kandidaat-Statenleden, die een overbodig provinciebestuur gaan formeren en uit alweer veelal onbekende kandidaat-senatoren een nieuwe Eerste Kamer kiezen. Kun je bij deze spookverkiezingen niet beter een aspirientje bij de dokter halen dan taart bij de bakker? Daar komt nog bij dat de leiders van de coalitie wel het kabinetsbeleid tot inzet van deze verkiezingen maken, maar aan een onverhoopt negatieve uitslag geen consequenties verbinden.

Ontleen aan al deze onwaarachtigheden als burger maar eens een krachtige drijfveer een stem uit te brengen. Toch ga ik stemmen. Ik laat het moment waarop je als kiezer soeverein bent, en niet een percentage in een peiling, niet lopen. Maar volgende keer moeten we echt ophouden met de onzin van deze verkiezingen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden