Onwillige spionnen op de korrel

Amerikaanse en Italiaanse spionnen willen dat hun regeringen voorkomen dat zij in Italië berecht kunnen worden voor ontvoering van een terreurverdachte. Gisteren begon daarover een hoorzitting.

De terreurverdachte, de imam Hassan Moestafa Osama Nasr, alias Aboe Omar, werd in februari 2003 in Milaan van straat geplukt en naar Egypte gevlogen. De Italiaanse justitie maakt sindsdien jacht op 35 CIA-agenten en medewerkers van de Sismi, de Italiaanse geheime dienst. Als zij slagen in hun opzet, dan is de eerste procedure tegen uitvoerders van een van de meest omstreden methoden van de Amerikaanse oorlog tegen terreur (de CIA-vluchten) een feit.

De rechter die moet beslissen of er voldoende bewijzen zijn om een proces te beginnen, Caterina Interlandi, hakt over enkele maanden de knoop door. Gisteren begonnen in Milaan hoorzittingen onder haar leiding over de affaire-Aboe Omar.

De advocaat van sleutelverdachte Robert Lady, ex-CIA-chef in Milaan, liet weten dat de zaak niet thuishoort bij een Milanese rechtbank, maar dat de regeringen in Rome en Washington een politieke oplossing moeten vinden. Lady zal net als zijn 25 Amerikaanse collega’s niet voor de rechter verschijnen.

De advocaat van verdachte Nicola Pollari, oud-directeur van de Sismi, zei dat de rechtbank de huidige en de vorige premier, Romano Prodi en Silvio Berlusconi, moet oproepen als getuige. Prodi en Berlusconi verklaarden het dossier beiden tot staatsgeheim.

Een Europees uitleveringsbevel tegen de 26 Amerikanen ligt nog op het bureau van justitieminister Clemente Mastella. Mastella zal volgens het tv-station Sky TG 24 deze maand nog een beslissing nemen of hij het document naar zijn Amerikaanse collega stuurt. Zijn voorganger in de regering van Berlusconi weigerde dat.

Maar of er nu wel of geen verdachten in de rechtszaal verschijnen, de verwachting is dat een proces meer licht kan werpen op de ’buitengewone uitleveringen’. Hierbij worden terreurverdachten opgepakt en toevertrouwd aan een ander land. Sommige mensenrechtenorganisaties beschuldigen Washington ervan dat het martelen uitbesteed.

De aanklagers in Milaan zeggen dat zij over veel bewijzen beschikken, waaronder honderden uren afgetapte telefoongesprekken. Zo weten zij ondermeer dat Robert Lady vier dagen na de ontvoering van Aboe Omar naar Caïro reisde en dat hij daar twee weken bleef.

Tot voor kort gingen zij er van uit dat zij het zonder een verklaring moesten doen van Aboe Omar zelf, die nog steeds in een Egyptische cel zit. Een verzoek van aanklager Armando Spataro werd tot drie keer toe genegeerd. Maar ook die verklaring is er nu, in de vorm van een brief van Aboe Omar (zie kader).

Aboe Omar had in Italië de status van politiek vluchteling. Hij werd in april 2005, twee jaar na zijn ontvoering in Milaan, in Italië in staat van beschuldiging gesteld vanwege ronselpraktijken. Hij wierf strijders voor de djihad in Irak. Voor zijn ontvoering ondernam justitie niets tegen Omar, omdat Italiaanse rechtbanken verdeeld waren over de vraag of ronselen voor de djihad in strijd is met de anti-terreurwetgeving.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden