Onvoltooid verleden paradijs

Wes Anderson baseerde zijn nieuwe film op het werk van de Oostenrijkse schrijver Stefan Zweig. In 'The Grand Budapest Hotel' weerklinkt een verlangen naar een oude, verloren wereld.

De films van de Amerikaanse regisseur Wes Anderson (44) zijn als de taartjes die in 'The Grand Budapest Hotel' voorbij komen: feestelijk en fantasievol, en tot in het kleinste detail verzorgd. Bij Anderson - onder meer bekend van de Roald Dahl-verfilming 'Fantastic Mr. Fox' - mag een vervallen hotel tot leven komen. Vergeten karakters ontwaken, zoals de hotelconciërge en de lobby boy, respectievelijk vertolkt door het Engelse acteerkanon Ralph Fiennes (met echte snor) en de 17-jarige Amerikaanse nieuwkomer Tony Revolori (met getekend snorretje).

Hier geen zwaarwichtige overdenkingen over Europa in het interbellum, wel het diepgevoelde verlangen naar een oude, verloren wereld, droogkomisch uitgeserveerd door het kleurrijke acteursensemble. Zelfs de kleinste rolletjes worden door de grootsten bezet, denk aan Tilda Swinton, Bill Murray en Harvey Keitel.

De motor achter de avonturen in 'The Grand Budapest Hotel' is de Oostenrijkse schrijver Stefan Zweig, wiens werk de inspiratiebron voor de film vormde.

Hoe kwam u met hem in aanraking?

"In een Engelstalige boekhandel in Parijs, waar ik woon, stuitte ik bij toeval op een uitgave van 'Beware of Pity', een boek uit 1939 dat in 1946 al eens was verfilmd. Lilli Palmer speelde daarin de verlamde barones die compassie verwart met liefde. Ik raakte meteen in de ban van het boek, en werd een fan van Zweig."

Zweig was vooral in de jaren dertig en veertig populair in Amerika.

"Ja, Max Ophüls maakte in 1948 de schitterende Zweig-verfilming 'Letter from an unknown woman', een melodrama met Joan Fontaine die levenslang verliefd is op een Weense concertpianist. Later raakte Zweig, die verboden werd in Duitsland en in 1942 zelfmoord pleegde, wat uit zwang. Maar de laatste tien jaar verschijnt zijn werk gelukkig in herdruk."

Is de hoofdpersoon, hotelconciërge Monsieur Gustave, ook ontleend aan Zweig?

"Nee, hij is gemodelleerd naar een vriend van mij uit Engeland, een hotelexpert. Hij vertoeft veel in hotels. Niet omdat hij zo rijk is, maar omdat hij veel reist. Hij is iemand die goede maatjes is met hotelconciërges, en niet rust voordat hij alle ins and outs van de hotelgasten weet."

U mengt feit en fictie. Wilde u ook verschillende genres onderzoeken? Ik dacht iets van het Agatha Christie moordmysterie te herkennen.

"Ik was gek op Agatha Christie toen ik een jaar of dertien was. Ik heb toen alles van haar gelezen. Moordmysteries in een luxueus hotel of een rijdende trein. Ik ben me nooit zo bewust van invloeden, maar het kan goed zijn dat er sporen van Miss Marple in de film zitten."

Wat is de grote attractie van Duitsland als filmlocatie? George Clooney streek er neer voor zijn oorlogsfilm 'The Monuments Men'.

"Ik wilde graag een film maken in Europa, over Europa. Dat voorop gesteld. Maar ik denk dat er één sterke woordcombinatie is, en dat is 'tax incentive'. Anders gezegd: er is een enorme en zeer betrouwbare belastingstimulans in Duitsland."

U bent daar heel eerlijk over.

"Ja, ik denk dat het Duitsland al veel werk heeft opgeleverd, vooral Görlitz, een mooi Duits stadje bij de Poolse grens waar Quentin Tarantino al was voor zijn oorlogsfilm 'Inglourious Basterds' en George Clooney voor 'The Monuments Men'. Toen Ralph Fiennes op de set arriveerde om Monsieur Gustave te spelen, bleek hij de weg in Görlitz al te kennen, van de boekverfilming 'The Reader'. En toen wij klaar waren, stond de volgende filmproductie al in de steigers."

Allemaal in hetzelfde Duitse stadje?

"Ja, al waren wij de enigen die de hele film ter plekke opnamen, en er ook een tijdje woonden, in een hotel. Tarantino deed misschien één scène op locatie. Maar ik houd ervan om op locatie een soort thuis te vinden, ja, misschien als een familie een tijdje samen te leven."

Is dat ook aantrekkelijk voor de acteurs?

"De meeste acteurs met wie ik werk zijn vrienden en ik vind het prettig om met vrienden te werken. Blijkbaar geldt dat ook omgekeerd, want acteurs keren bij me terug. Met Owen Wilson werk ik al sinds mijn eerste film 'Bottle Rocket' uit 1996, en met Bill Murray sinds 'Rushmore'. Willem Dafoe dook voor het eerst op in 'The Life Aquatic', en Tilda Swinton in 'Moonrise Kingdom'. Het geldt trouwens ook voor de mensen achter de camera. De meesten zijn oude vrienden. Allemaal lid van de Anderson-familie."

Wat ook steeds terugkeert in uw films, is een bepaald soort nostalgie.

"Stefan Zweig beschrijft een vorm van nostalgie in zijn memoires, 'Die Welt von Gestern'. Het is meer dan nostalgie. Het is mourning. Treuren. Ja, je zou het paradise lost kunnen noemen, maar dan een onvoltooid verloren paradijs. Er zaten nog dingen aan te komen. En daar wilde ik een film over maken, over deze man en zijn gedachten."

Bent u nostalgisch?

"Als voorbereiding op de film hebben we honderden misschien wel duizenden foto's bekeken van landschappen en steden uit 1905, uit 1911. In sommige gevallen hebben we de plekken op oude foto's ook bezocht, en het was vaak verdrietig, zelfs deprimerend, om te zien hoe oude steden zijn veranderd. Maar als Texaan die inmiddels zijn halve leven in Europa slijt, ga ik niet nostalgisch en verdrietig door het leven. Ik houd bijvoorbeeld van Amsterdam. Ik heb de stad het afgelopen decennium misschien wel acht keer bezocht, omdat ik hier de geschiedenis voel. Er is zoveel dat we in Amerika niet hebben. Niemand heeft het leven geleefd van Stefan Zweig."

'The Grand Budapest Hotel' verschijnt morgen in de bioscoop.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden