Onveilig in Syrië? Dan maar terug naar Irak

Christenen vrezen radicalen in Syrische verzetsgroepen

AL-KOSJ - "We waren bang voor ontvoeringen, net zoals dat in Irak is gebeurd", zegt Nanith (43), een Iraakse christen, in zijn woonkamer in het christelijke stadje Al-Kosj in het noorden van Irak. Hij keerde onlangs terug uit Syrië. Zijn vrouw Rawnak (40), naast hem op de bank, vult aan: "We waren vooral bang voor het Vrije Syrische Leger."

Nanith en Rawnak woonden zestien jaar als Iraakse vluchtelingen in Syrië, net als zo'n honderdduizend andere christenen. Die waren het regime van Saddam Hoessein ontvlucht, of het geweld dat na de Amerikaanse invasie in 2003 in Irak uitbrak. Net als Nanith en Rawnak voelden veel christenen zich gedwongen opnieuw te vluchten, toen het verzet tegen het Syrische regime ontaardde in een burgeroorlog.

Het Syrische gewapende verzet bestaat vooral uit soennieten die zich losjes verenigd hebben onder de vlag van het Vrije Syrische Leger. Een deel van de opstandelingen bestaat uit radicale figuren, die het bewind van de alawitische president Basjar al-Assad willen verdrijven. Dezelfde radicale soennieten verzetten zich in Irak, sinds de Amerikaanse invasie, gewelddadig tegen de sjiitische regering. Daar kwamen de christenen klem te zitten tussen de beide groepen. In Syrië dreigt de geschiedenis zich te herhalen.

Veel christenen in Syrië kijken voor bescherming naar de regering, maar na twee jaar strijd groeit de onzekerheid over hun lot. Zo heeft een groep Assyrische christenen van Beth Nahrain zich aangesloten bij de rebellen, vertellen de teruggekeerde Iraakse christenen. "Dat is gevaarlijk voor andere christenen, want zij worden daar ook op aangekeken. Je kunt niet meer afzijdig blijven", zegt Rawnak.

In de rechteloosheid die Syrië in zijn greep heeft, zijn de christenen hun leven niet zeker. Er zijn voorbeelden te over. Zo werd een christelijke goudhandelaar ontvoerd, en pas na betaling van vele duizenden dollars vrijgelaten - zoals dat in de jaren 2005-2007 in Irak ook veel gebeurde. Op de universiteit in Aleppo zou een christen na een ruzie zijn doodgestoken. Twee weken geleden werden twee orthodoxe bisschoppen buiten Aleppo ontvoerd - van hen ontbreekt ieder spoor.

"Het Vrije Syrische Leger is begonnen christenen te bedreigen", vertelt het echtpaar. Een rijke Armeense christen ontving een envelop met een kogel erin en de eis 200.000 dollar te betalen. "Hij liet alles achter en vertrok met zijn gezin naar Armenië." Overigens richt dit geweld zich niet alleen tegen christenen, maar tegen iedereen die geld heeft.

Nanith ontvluchtte Irak in 1991 nadat hij tot twee keer toe uit het Iraakse leger was gedeserteerd. In Bagdad wist hij te ontkomen uit de rechtbank waar hij twee jaar celstraf tegen zich hoorde uitspreken. Na een paar jaar keerde hij terug naar zijn vaders geboorteplaats Al-Kosj, waar hij trouwde en zijn eerste drie kinderen werden geboren. Maar de arm van Saddam Hoessein was lang, en Al-Kosj was niet veilig, dus in 1997 vertrok het hele gezin naar Syrië, waar het zich in het noordelijke Kamisjli vestigde. Ze kregen de status van vluchteling en hulp van de vluchtelingenorganisatie UNHCR.

"Daar was het beter", zegt Rawnak. Daarom bleven ze er ook na 2003, al verviel met de val van Saddam hun reden voor ballingschap. Daarom besloot de UNHCR vorig jaar uiteindelijk de hulp in te trekken. "Omdat we niet meer als vluchteling werden beschouwd, hadden we geen documenten meer om legaal te kunnen blijven wonen", zegt Nanith.

Dat had ook gevolgen voor de studiemogelijkheden van de oudste kinderen, die in Aleppo naar de universiteit gingen, en kort daarna verloren zowel Nanith als de oudste zonen hun werk. De situatie verslechterde door de aanhoudende strijd, met tekorten aan voedsel en benzine. "We hebben een winter doorgebracht zonder enige vorm van verwarming."

Irakezen uit Damascus die dat veilig konden, keerden terug naar Bagdad. Al-Kosj kent twee gezinnen die Syrië verlieten; de meeste andere Iraakse christenen wisten in de loop der jaren via Syrië hun weg te vinden naar Europa of Amerika. Nanith zag ze met lede ogen gaan en bleef vergeefs hopen ze te kunnen volgen. Uiteindelijk zat er niets anders op dan naar Al-Kosj terug te keren, waar het gezin een huurwoning kreeg, en Nanith werk vond als arbeider.

"Het gaat ons om de toekomst van de kinderen. Zonder papieren konden ze in Syrië worden gearresteerd - als illegaal of als terrorist. Hier in Al-Kosj is het tenminste veilig."

Iraakse vluchtelingen
In 2010 woonden ongeveer een miljoen Irakezen als vluchteling in Syrië, van wie 11 procent christen (zo'n 110.000 mensen) en 80 procent daarvan kwam uit Bagdad. Sinds het begin van de strijd in Syrië is het merendeel van hen opnieuw gevlucht; zo'n 76.000 keerden terug naar Irak. Van de Iraakse christenen is bekend dat ze vooral naar Libanon vluchtten, om van daaruit asiel te vinden in het Westen. Het totale aantal vluchtelingen uit Syrië dat in de buurlanden wordt opgevangen bedraagt momenteel ruim 1,3 miljoen. Van hen zijn ruim 130.000 mensen terechtgekomen in Irak (met name in het Koerdische noorden).

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden