Ontsnapt aan de reisleider

(Trouw)

Bij gedempt licht zit een handvol bezoekers te mediteren of te bidden. Geluid klinkt er nauwelijks, ook niet dat van de dichtbij gelegen straat. Af en toe gaat zachtjes piepend de deur open en komt iemand binnen die met een hand de tombe aanraakt. Bij het gezicht, de handen, de voeten.

Dit is de grafkapel van het Heilig Paterke, midden in het centrum van Hasselt aan de Minderbroedersstraat en onderdeel van de gelijknamige kerk. In brons ligt hij er uitgestrekt, gekleed in franciscaner pij, met sandalen aan de blote voeten. In zijn handen heeft hij een kruis en een rozenkrans.

In tegenstelling tot wat zijn bijnaam suggereert, is pater Valentinus (geboren als Jan Louis Paquay uit Tongeren) niet heilig. Hij is zelfs nog maar nauwelijks vijf jaar zalig verklaard. Die laatste handeling heeft de grafkapel (en aanverwant museum) nog populairder gemaakt bij devote Hasselaars, die met een slechte gezondheid kampen. Het paterke is ruimhartig in het verhoren; ook een examen laat hij goed verlopen. Per jaar komen zo’n 50.000 pelgrims zijn hulp afsmeken. De voormalige ziekenzaal van zijn klooster is als museum ingericht. Daar hangt de bruine pij en liggen zijn leesbril, brevier en dodenmasker. Voor zijn dood had de pater een medekloosterling gevraagd al zijn (ge)schriften te verbranden, maar dat is niet gebeurd. Pater Hanssens kon het niet over zijn hart verkrijgen een aantal kenmerkende geschriften te vernietigen.

Het kwam Hasselt goed uit dat rond 1996 de beeldstrip honderd jaar oud was. Want zo hoefde men zich niet op het succes van de Beeldverhaalroute in de landshoofdstad Brussel te beroepen om ook in de hoofdstad van Belgisch Limburg verweerde muren en gevels te versieren met tekeningen, waarin bekende Belgische stripfiguren centraal staan.

Maar het Hasseltse stadsbestuur wilde ook benadrukken dat het kindvriendelijk was. De Hasseltse Stripgevelroute is twaalf jaar later nog steeds een gewild onderdeel van een kinderevenement. Negen gevels en muren zijn er destijds versierd en het specifiek Hasseltse daaraan was dat de tekenaar een aspect van het leven in de stad in zijn bijdrage moest verwerken. Samson en Gertje hengelen speculaas uit een kar (Dorpsstraat) en Sammy roept dat Hasselt een hartveroverende modestad is (Guffenslaan). Aan de hand van attributen laat Kiekeboe zien dat de jenever belangrijk is in het Hasseltse (Dorpsstraat).

Niet alle strips hebben het sinds 1996 overleefd; we hebben de omgeving van de Thonissenlaan bijna meter voor meter afgespeurd, maar Lucky Luke hebben we niet kunnen ontdekken. En van Suske en Wiske, die de hoek van de Hoogstraat en de Fruitmarkt opvrolijkten met hun enthousiasme over het winkelen in de stad, is bekend dat ze het loodje hebben gelegd toen de eigenaar het pand ging verbouwen. Foei!

’Crossovercrosswalk’ heet het kunstproject, waarbij vorig jaar 19 kunstenaars, (mode)ontwerpers en architecten de zebrapaden van de Groene Boulevard tijdelijk in kunstoversteekplaatsen veranderden. Ze versierden ze met tekens en teksten, maar het moest wel een zebrapad blijven. De 19 konden hun werk zo op een onverwachte plek aan een groot publiek tonen. Hasselt wilde ruimte geven aan inspiratie en creatie en tegelijkertijd aangeven dat mobiliteit een belangrijk aspect van het stadsleven is.

’Opgepast! Overstekend wild’ heet de bijdrage van het ontwerpbureau Dada Design (Koning Boudewijnlaan), waarin een hert is verwerkt, omdat dit dier ook in het logo van de stad voorkomt. Atelier Blink durfde het verst te gaan. In eerste instantie lijkt zijn ’Rendez-vous’ (Luiksesteenweg) op een druk en wat oubollig behangpapier, maar nadere bestudering laat een aantal seksuele standjes zien. Langzaam maar zeker hebben mensenvoeten, autobanden, weer en wind, de ontwerpen vervaagd en vervuild, maar daarom was het project dan ook tijdelijk.

Op twee plekken binnen de ring is het resultaat nog goed te zien. Bij de Grote Markt liggen de lichtblauwe strepen van Piet Stockmans met de tekst ’Lees dit met gevoel’. En op de hoek van de Demerstraat en de Walputstraat zijn de kippenkoppen van Koen Vanmechelen te bewonderen. Vanmechelen werkt sinds een jaar of tien aan een wereldwijd kweekproject, het Cosmopolitan Chicken Project. Daarin kruist hij nationale kippenrassen. In het zebrapad zijn de tien gerealiseerde generaties kippenkoppen verwerkt.

„Volgens mij zullen de mensen zich een beetje gelukkiger voelen als ze over deze zebrapaden stappen”, zei burgemeester Herman Reynders een jaar geleden bij de onthulling. Maar niet iedereen deelde dat gevoel. Een jurist stond op het standpunt dat het de mensen juist afleidde, waardoor ze niet op het verkeer letten. De kortgedingrechter zag een overtreding van de verkeerswet, maar Hasselt ging niet door de knieën, al werden wel wat aanpassingen gedaan, zodat het zebrapad als zodanig herkenbaar bleef.

Veel meer dan de grote Sint Quintinuskathedraal – of zoals de Hasselaars de bisschopskerk noemen: ’de grote kerk’ – staat de Virga Jesse basiliek aan de Kapelstraat centraal in de devotie van de stadsbewoners. Virga Jesse – ofwel Twijg van Jesse – is strikt genomen een van de benamingen voor Jezus, maar duidt ook vaak op Maria, de moeder van Jezus. Jesse is de vader van koning David, een van de voorvaders van Maria.

Teruggaand op de zeventiende eeuw, worden iedere zeven jaar in Hasselt uitgebreid de Virga Jessefeesten gehouden, met als middelpunt de processie. Het prachtige middeleeuwse houten Mariabeeld met het kindje Jezus wiegend op haar arm wordt dan feestelijk rondgedragen te midden van allerlei verbeeldingen van mirakels, die zich rond haar en de basiliek hebben afgespeeld. Het mirakel van de dief op het hek wil dat een snoodaard er vandoor ging met het goud en de juwelen, waarmee het beeld in 1659 was behangen. Maar met zijn volle zakken bleef hij hangen aan het koorhek en pas toen de rechtsdienaren arriveerden, liet het hek de dief los, die als straf werd opgehangen.

Voorafgaand aan Maria wordt in de processie een zeven meter grote verbeelding rondgedragen van ’de Langeman’, die overigens in kleine, nog geen meter hoge zittende vorm, een permanent plekje heeft op het plein voor de basiliek. De Langeman is de Spaanse edelman Don Christophe. Hij zou in de zeventiende eeuw Hasselt hebben gered van de hongersnood door erwtensoep uit te delen. Het verhaal is vrijwel zeker verzonnen, maar doet het goed in de folklore: rondom de processiefeesten eten de Hasselaars massaal erwtensoep.

Als iets de oerbanden van Hasselt met het Noord-Nederlandse moederland kan weergeven dan is het wel de rol van zowel jenever als speculaas. Wie ze op z’n Hasselts wil nuttigen, die doet het bij elkaar, dus een glaasje jenever bij een stuk(je) speculaas. Per slot van rekening zijn het broertje en zusje; speculaas wordt gemaakt van de (zoete) afvalproducten van de jeneverstokerij.

Net als Schiedam in het noorden heeft ook de Belgisch-Limburgse hoofdstad zijn Jenevermuseum, een Nationaal nog wel. Het is, sinds 1987, gevestigd in een authentieke jeneverstokerij en de enige stokerij in de Nederlanden, waarvan de mouterij bewaard is gebleven. Koninginnestuk van de collectie is een negentiende-eeuwse stookinstallatie uit Géromont-Malmédy. De installatie (beslagkuip, wortpomp, gistingskuipen, stookkolom, drafvat en alambiek) werkt volledig op stoom.

De een luncht met een broodje kaas en een glas melk, de ander – wij dus – met koffie en een paar flinke brokken speculaas. Niet zomaar speculaas, maar naar het 150 jaar oude recept van de even oude patisserie Cools (Kapelstraat). Stichter Theodoor Cools ging als achtjarig jochie in de leer bij de banketbakker. Zijn 21ste eeuwse opvolgers houden met succes de eer van de zaak hoog.

De smakelijkste etalage van Hasselt ligt, ietwat verscholen achter een imposante oude pui, aan de Paardsdemerstraat 13. Hier leven de hogepriesters van de chocolaterie zich op hun altaar uit. En het leuke van Boon, The Chocolate Experience, is dat je ze op hun vingers kunt kijken, want alleen een paar glazen wanden scheiden de toeschouwer van de ambachtsman. Het enige dat, helaas, ontbreekt is de geur van cacao en chocola. Maar alleen al het kijken naar het handwerk is een genot, dat je doet watertanden. Fotograferen is verboden; er wordt met de vinger ’nee’ geschut als je de camera op de etalageruit richt. Wie tegen Kerst een bezoekje brengt aan Boon om van de heerlijke pralines te snoepen, kijkt misschien aan tegen een kerstboom met witte ballen. Inderdaad, van chocola en kokos.

Voor wie een andere invulling aan ’lekker’ geeft, is er aan de Badderijstraat Sweet Ero Chocolats. Precies, ambachtelijk gevormde borsten, billen en geslachtsorganen (m/v). En Kamasutrastandjes, in witte en bruine chocola. De mevrouw achter de toonbank maakt in het geheel geen verlegen indruk, maar wij durven niets gewaagders te laten inpakken dan een bruine torso. Met rode wangetjes vertrekken we weer.

Doorsteekjes noemt de een ze, doorgangetjes een ander. Wij zouden ze als steegjes aanduiden. Hasselt heeft er een aantal en soms liggen ze zo verscholen, dat een haastige passant eraan voorbij gaat. De Peterseliesteeg – tussen de Kapelstraat en de Havermarkt – is een van de mooiste. Zij ligt verborgen achter de gevel van het oude postgebouw. Te midden van de winkels achter de façade is een Leesmuur aangebracht door kunstenaar Pierre Dujardin (1948).

De Leesmuur – voor het 110-jarig bestaan van het Koninklijk Leesgezelschap van Hasselt – vermeldt onder meer een minnedicht van de twaalfde-eeuwse auteur en Hasselaar Hendrik van Veldeke. De muur aan de andere kant heeft 100 terracottabeeldjes die de leden van het gezelschap uitbeelden.

Aan de andere kant van de Havermarkt ligt de Sacristiesteeg; je wandelt er ongemerkt over een metersdiepe waterput. Vroeger was hier een herberg. De Walputsteeg, achter het raadhuis, stond tot de eeuwwisseling vol bouwvallen, maar nu zijn er restaurantjes en andere uitgaansgelegenheden.

Dan is er nog de Kadetjessteeg, een zijtakje van de Maastrichterstraat, bij nummer 38. Hij loopt, langs een aantal winkeltjes, uit op een heel rustig binnenplaatsje waar je je ver van het stadscentrum waant.

(Trouw)
Linksboven: het middeleeuwse Virga Jessebeeld uit de gelijknamige basiliek. Op deze pagina: Hasselt tijdens de Jeneverfeesten. Daaronder vlnr: het zebrapad met de kippenkoppen van Koen Vanmechelen, het treintje naar de Japanse Tuin en de stripgevel met Kiekeboe. (FOTO'S EDWIN VERHOEVEN EN TOERISME HASSELT)
(Trouw)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden