Ontevreden leraren voeren wilde actie

Hanne Obbink

Wat is er mis in de relatie tussen de leraren en de vakbonden die hen moeten vertegenwoordigen? Veel, vindt een groep leraren op middelbare scholen in Den Haag en omstreken. De bonden doen niets, zeggen zij. Daarom komen zij vandaag zelf in actie, voor hogere salarissen en minder werkdruk.

Het gaat om een wilde actie: de vakbonden doen niet mee. Die zijn nog in overleg met minister Plasterk. Daarmee maken zij zich niet geliefd bij de actievoerende leraren, blijkt op de actiewebsite. De bonden stellen ’halfzachte eisen’, schrijft een leraar. Anderen willen hun lidmaatschap opzeggen en een eigen bond oprichten. ’Actie nu!’

Ronald Citon, woordvoerder van de actievoerende leraren, begrijpt de frustratie over de bonden wel.

„Er wordt veel gemopperd in de lerarenkamer, al jaren”, zegt hij. „Maar de bonden blijven maar polderen, steeds opnieuw gooien ze het op een akkoordje. Het moet veel daadkrachtiger. Zeker nu,” aldus Citon.

Met dat laatste doelt hij op het actieplan van minister Plasterk tegen het lerarentekort. De minister heeft 1,1 miljard euro uitgetrokken om het beroep van leraar aantrekkelijker te maken. Met de bonden onderhandelt hij nu over de precieze besteding van dat geld.

„Het gaat niet om zomaar een cao-conflictje”, zegt Cilon. „Er dreigt een enorm lerarentekort en jongeren piekeren er niet over leraar te worden. De kwaliteit van het onderwijs komt daardoor in het geding.”

Die standpunten worden volledig gedeeld door de vakbonden. Maar, zeggen zij, de actie van vandaag komt te vroeg. „We zijn nog maar vier weken met Plasterk aan het onderhandelen”, zegt Michiel Rog van CNV Onderwijs. „Als er over twee of drie weken geen goed resultaat op tafel ligt, dán gaan wij actievoeren.”

Bij de Algemene Onderwijsbond (AOb) liggen de actieplannen al klaar; de algemene vergadering van de bond bespreekt vrijdag of de tijd daarvoor al rijp is. „Wij zijn ruim voor de verkiezingen begonnen te lobbyen voor een inhaalslag voor de lerarensalarissen”, zegt Robert Sikkes namens de AOb. „Dat heeft nog niet genoeg opgeleverd, maar er wel toe bijgedragen dat Plasterk met een actieplan is gekomen. Als vakbond zet je nu eenmaal altijd maar kleine stapjes vooruit. En dat leidt vaak tot teleurstelling onder onze leden.”

Maar volgens Presley Bergen is er meer aan de hand. Hij is woordvoerder van de vereniging Beter Onderwijs Nederland (BON), die zich inzet voor een betere onderwijskwaliteit. „Een goede vakbond maakt zich druk over datgene waar de beroepsgroep mee zit”, zegt hij. Het bestaan van BON zelf (met in twee jaar tijd 5000 leden, meest leraren) bewijst dat de bonden dat niet goed doen. „Anders was BON nooit ontstaan.”

Sikkes wijst erop dat de AOb al jaren groeit. „Zo slecht doen we het kennelijk niet.” Maar Cilon, zelf AOb-lid, noemt de bond een ’hiërarchisch clubje’. „Gewone leraren worden gezien als voetvolk. Om gehoord te worden moet je naar vergaderingen en zo. Nou, daar hebben wij echt geen tijd voor.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden